De kashba is nog een bolwerk van islamisten

Een honderdtal gaten op een terrein van een paar honderd meter is het enige dat rest van de bomen die in de Algerijnse woestijn tot bloei moesten komen....

Van onze buitenlandredacteur Henk Müller

'We hebben ze erop gewezen dat, hoeveel water je ook gebruikt, bomen die bij de Middellandse Zee gedijen het hier niet per se doen', glimlacht Mohammed, een Toeareg wiens familie al generaties in het diepe zuiden leeft. De mannen uit Algiers, waar het machtscentrum zit, meenden het echter beter te weten: ze plantten, gaven ruimschoots water en keken uit naar een lommerrijk park.

Maar de bomen stierven en werden daarop met wortel en tak verwijderd. 'De machthebbers denken dat Berbers doeken dragen om hoofden die verder leeg zijn. Ze voelen zich boven ons verheven, luisteren niet en denken te weten wat goed voor ons is.'

Dat meenden ook de islamistische radicalen die le pouvoir, zoals het ondoorzichtige gezelschap van politieke, economische en vooral militaire machthebbers bekend staat, ten val willen brengen. Ze probeerden in het woestijngebied hun fundamentalistische versie van de islam te slijten aan een bevolking waarvoor Algiers verder weinig interesse toont.

'We zijn moslims. Maar we zijn gehecht aan onze manier van leven. Vrouwen bijvoorbeeld spelen bij ons nomaden een andere rol. Zij maken hier de dienst uit. Laat ons maar ons eigen leven leiden. Islamisten hebben nauwelijks voet aan de grond gekregen', zegt Mohammed.

In het vruchtbaarder noorden, waar het merendeel van de dertig miljoen zielen tellende bevolking leeft - waarvan ruim een derde Berbers - was en is dat anders. Tien jaar geleden stonden islamisten op het punt bij de parlementsverkiezingen de macht over te nemen. Maar het leger greep in. Sindsdien brak een uiterst bloedige periode aan, waarbij moordpartijen zeker 120 duizend mensenlevens eisten.

Vandaag gaan de Algerijnen opnieuw naar de stembus. Maar de situatie is gewijzigd: de islamisten doen niet mee, de meeste islamistische partijen zijn verboden, de Berberbevolking van Kabylië in het oosten is ontevreden en boycot de verkiezingen. De interesse onder de rest van de bevolking is gering.

President Bouteflika ziet de verkiezingen als een middel om de wereld te laten zien dat Algerije op het goede spoor zit en een stabiel land is, met grote economische en toeristische mogelijkheden. Toch hebben de islamitische militanten, sommige met banden met Bin Ladens Al Qa'ida, in de aanloop tot de verkiezingen laten merken dat ze nog bestaan.

Er vonden overvallen op legerposten en gevechten met het leger plaats. Naar schatting honderd soldaten werden de afgelopen maanden gedood. In en rondom Algiers waren er bomaanslagen. In totaal vielen dit jaar ongeveer vijfhonderd doden, van wie eenderde vermoedelijk tot een militante moslimgroep behoorde.

De regering en het leger beroemen zich erop het islamistisch geweld te hebben beteugeld. Maar de leiders van de FFS en RCD, de twee belangrijkste Berberpartijen die de verkiezingen boycotten, hebben laten weten dat de machthebbers nog even corrupt zijn, dat de verkiezingen met fraude gepaard gaan en dat de Berbers nog steeds worden achtergesteld.

Verleden jaar kwam het tot een uitbarsting in Kabylië, die oversloeg naar andere gedeelten van het land en even heel Algerije in vlam leek te zetten. Aanleiding was de dood van een jonge student op een politiebureau. De frustraties over de gehate machtige gendarmerie, het schrijnende gebrek aan huisvesting, de corruptie en hoge werkloosheid leidden tot gewelddadige protesten waarbij zeker zestig doden vielen.

'Het geweld is nu een beetje weggeëbd', zegt een jonge zakenman. 'Dat komt omdat nu meer mensen baat hebben bij de status quo. Eerst was corruptie iets voor de elite, nu stuurt ook de middenklasse geld naar buitenlandse bankrekeningen. Het systeem heeft meer mensen in de greep.'

Veel zal er met deze verkiezingen niet veranderen. Hoewel officieel een twintigtal partijen strijden voor 380 zetels, berust de macht bij twee partijen, het FLN (Nationaal Bevrijdingsfront) en de in 1997 opgerichte RND (Nationale Democratische Bundeling). De RND moest als alternatief dienen voor de FLN, tot 1989 de enige partij.

Maar veel enthousiasme voor de RND is er niet. Binnen een mum van tijd kreeg deze kunstmatig in het leven geroepen partij een meerderheid van de parlementszetels. Maar de RND - 'een baby die bij geboorte reeds een snor had' zoals Algerijnen spottend zeggen - wordt vooral gezien als een partij van aan het pluche gehechte opportunisten.

Verkiezingen of niet, de generaals zitten stevig in het zadel. Na 11 september hebben ze de buitenwereld erop kunnen wijzen dat ze hun eigen strijd tegen terrorisme voeren en de president heeft enige concessies aan de Berbers gedaan door een aantal brigades van de gendarmerie terug te trekken uit Kabylië en het Berber tot een nationale taal naast het Arabisch uit te roepen.

Het geweld is verminderd maar niet verdwenen en de onderliggende onvrede, met islamitisch extremisme als zichtbare uitlaatklep, evenmin. Een bezoek aan de kashba van Algiers, bolwerk van islamisten, wordt nog dringend afgeraden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden