De Kachin geloven niet in opening Birma

Een ministaatje van rebellen houdt stand in het verre noorden.

LAIZA - 'Hoofd naar beneden.' Een wild beest moet je nooit in zijn ogen kijken, maar een Chinese grenswacht kennelijk ook niet. Ten minste niet in Laiza. Zelfs niet als je aan de Birmese kant van de grens bent. Chinezen houden niet van gedonder, en een blanke in Laiza, dat is gedonder.

Dus is het beter dat ze je niet zien. 'Blijf maar een beetje van de straat. De Chinezen hebben overal hun spionnen', zegt 'de visser', terwijl hij de auto haastig, maar ook weer niet te haastig langs de Chinese grenspost stuurt.

Hij is geen echte visser. 'De visser' is zijn schuilnaam in een oorlog waarin dit onooglijke grensstadje een cruciale rol speelt. Elke tweede man hier draagt een geweer en de rest heeft als je goed kijkt minstens een pistool in de broekband.

In Laiza is het hoofdkwartier gevestigd van het Kachin Onafhankelijkheidsleger (KIA) en van de regering van de 'onafhankelijke Kachin-staat' die door niemand wordt erkend, maar die wel een functionerende mini-staat is, met ministeries, scholen, ziekenhuizen en een belastingdienst. Het hoofdkwartier is een sleets hotel dat alleen opvalt omdat de rode Kachin-vlag op het dak wappert. De lobby is gevuld met gewapende KIA-soldaten.

Op de bovenverdieping huist de leiding, in een enorme vergaderzaal vol stafkaarten. Vlaggetjes op die kaarten tonen een rafelige frontlijn: rood zijn de posities van de Kachin-soldaten, grijs die van het Birmese leger. De grijze vlaggetjes zijn akelig dichtbij, maar niemand lijkt zich daar zorgen over te maken.

Onder de stafkaarten zit de officiële woordvoerder van het staatje, La Na. Hij legt uit waarom Kachin juist tegen Birma begonnen te vechten op een moment dat in de meeste andere etnische gebieden in Birma de eerste vredesverdragen werden getekend.

'Iedereen staart zich blind op die bestanden. Als er maar een staakt-het-vuren is, is alles in orde. Maar zo is het niet. Wij hebben tientallen jaren ervaring met de Birmezen en die willen maar één ding: de baas spelen. Ook deze regering. Ze hebben een parlement geïnstalleerd, maar wat zegt dat? Niets, want zij hebben ook nog altijd een nationale veiligheidsraad van elf man, en die maakt de dienst uit. Zolang die niet weg is, kun je ze niet vertrouwen. Daarom doen wij niet mee met hun spelletjes.'

De Kachin leven in de noordelijkste staat van Birma. Dat is een strategische plek, want het ligt ingeklemd tussen China (en Tibet) in het noorden en India in het westen.

De Kachin zijn geen Birmezen en ook geen Chinezen. Zij hebben een eigen taal en cultuur en zijn, anders dan al hun buren, christen. En zij hebben hun trots. Elke Kachin kan je vertellen hoe zij in de Tweede Wereldoorlog met de Birmezen hebben meegevochten en hoe zij hebben bijgedragen aan de onafhankelijkheid van Birma. En hoe zij daarna zijn verraden.

Eigenlijk vechten zij nog steeds voor het Birma dat generaal Aung San voor ogen had, de vader van oppositieleidster Aung San Suu Kyi. Aung San droomde van een unie van acht gelijkwaardige etnische staten. Het etnische Birma zou er daar één van zijn. Dat ideaal is verraden door de generaals die Aung San vermoordden en een Birmees schrikbewind introduceerden.

De Kachin willen best met de Birmezen praten, zegt La Na, maar de Birmezen luisteren alleen als je ze een geweer tegen de neus zet. Daarom zijn ze gaan vechten, zegt de woordvoerder: 'Wij hebben nooit over afscheiding van Birma gepraat, maar als ze niet willen luisteren is het mogelijk dat wij daarover gaan nadenken.'

De ministaat bestaat maar uit een smalle strook land langs de grens. Het grootste deel van de staat Kachin, inclusief de echte hoofdstad Myitkyina, is vast in handen van het Birmese leger. Maar die smalle strook is uitermate hinderlijk voor de Birmezen, want het 'bevrijde Kachin' ligt nu behoorlijk in de weg, zo tussen Birma en China. Maar voor de Kachin is dat natuurlijk weer zeer handig.

Tropisch hardhout

De grenspost midden in het stadje is niet de enige manier om in China te komen. Op de top van een van de bergen die om het stadje heen liggen is er nog een. Die is wat moeilijker te vinden en lijkt nog het meest op een droge rivierbedding vol losliggende stenen. Maar toch is het er een komen en gaan van vrachtwagens die, volgepakt met tropisch hardhout, China binnenhobbelen.

Bij deze verstopte grenspost is geen Chinees te bekennen. Dat bespaart douane-formaliteiten en je kunt er met opgeheven hoofd voorbij.

De schaal van de handel is beperkt en Kachin heeft bos genoeg. Maar hout is niet het enige dat wordt verhandeld. Er wordt ook jade gevonden en diamanten, goud en uranium, die door de regering van het Kachin-staatje worden verhandeld. En dan is er ook nog die andere bron van rijkdom: snelstromend water. In de rivieren op de grens hebben de Chinezen zeven dammen gebouwd die vooral stroom opwekken voor de naburige Chinese provincie Yunan, waar een economische boom aan de gang lijkt te zijn. De Kachin gaan er prat op dat in hun staat nooit de stroom uitvalt, zoals zo vaak gebeurt in de rest van Birma.

Het grootste Chinese project in Kachin ligt tussen Laiza en Myitkyina, eigenlijk bovenop de frontlijn. Daar ligt het gigantische Myitsone dam-project in aanbouw. Dat project werd wereldberoemd toen de Birmese president Thein Sein het vorig jaar stillegde na protesten van de bevolking. Dat was voor het buitenland het eerste bewijs van Thein Seins goede bedoelingen.

Het project wordt zwaar bewaakt door het Birmese leger. Maar de vlaggetjes op de stafkaart zeggen dat de Kachin-soldaten de Birmezen daar nauwlettend in de gaten houden. Zo'n oorlog is het: de twee legers beloeren elkaar. Soms vechten zij een robbertje, soms schuift de frontlijn een beetje heen en weer en dat is het.

Maar dat betekent niet dat er geen slachtoffers zijn. Dat zijn de mensen die de pech hadden in het frontgebied te leven. Tienduizenden zijn er uit hun huizen en dorpen verdreven, gevlucht voor de gevechten en de brandschattende Birmese troepen.

Mai Sawm, een boer, vertelt hoe de Birmezen naar zijn dorp kwamen. 'Zij maakten een post een eindje buiten het dorp. Wij konden er niet meer uit om de oogst binnen te halen. Daarna kwamen zij naar het dorp zelf. Toen zijn wij allemaal gevlucht. Ik heb zeven oorlogen meegemaakt en vaak mensen zien vluchten, maar ik heb er nog nooit zoveel tegelijk gezien die de bergen overstaken.'

Duizenden vluchtelingen zijn de grens over gevlucht, naar China, maar dat is hen liever kwijt dan rijk. Duizenden wonen er in de heuvels buiten Laiza, waar vier vluchtelingenkampen zijn ingericht. Het regenseizoen maakt het leven voor hen tot een natte hel. De regen trekt in je botten en in de open hutten van bamboe en plastic.

Hulp bereikt deze vluchtelingen nauwelijks. Mayli Aung van de stichting 'Light Of Kachin' is een van de weinige hulpverleensters die proberen iets voor de kampbewoners te doen. Maar veel hulp kan ook zij niet bieden: 'De buitenwereld heeft alleen maar aandacht voor de democratische hervormingen in Rangoon. Alle hulpgeld gaat daarom ook via Rangoon. Hulpverleners krijgen heel moeilijk toegang tot de kampen hier. Soms komt er wat hulp, vaak komt er niets. Het meeste geld gaat bovendien via de Verenigde Naties. Niemand geeft iets aan de drie of vier kleine organisaties die hier werken.'

Veel kans op verbetering is er niet. De wereld kijkt de andere kant op, en de onderhandelingen tussen Birma en de Kachin kunnen 'nog jaren' duren aldus woordvoerder La Na. En daarmee de oorlog. De partijen houden intussen de status quo in stand alsof ze het hebben afgesproken: de Birmezen laten Laiza ongemoeid, maar plunderen verder alles wat zij tegenkomen en de Kachin blijven met hun vingers van de Chinese dam en verkopen hun hout en hun goud aan de Chinezen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden