De joviale hoogleraar die met iedereen een praatje maakte

Het eeuwige leven: Willem van den Berg (1934-2017)

Hij was een uiterst aimabel mens. Willem van den Berg, hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde, had oog voor alles en iedereen.

Hij kon als boerenzoon koeien melken, paarden beslaan en was zo sterk dat hij met één klap twee volwassen mannen kon vellen. Willem van den Berg koos echter niet voor de melkveehouderij of voor de bokssport, maar werd hoogleraar in de moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). Na zijn studie in Utrecht promoveerde hij in 1973 op een proefschrift over de ontwikkeling van het begrip romantisch en romantiek.

'Hij was een zeer joviale man met een gulle lach. Erg imposant met zijn lengte van bijna 2 meter. Elke morgen kwam hij vanuit het verre Rhenen naar de faculteit in het P.C. Hoofthuis. En dan maakte hij met iedereen een praatje. Niet alleen met hoogleraren en studenten, maar ook met de portier of de administratief medewerkers', zegt Marita Mathijsen, zijn collega bij de UvA. Van den Bergs specialiteit was literatuur uit de 18de en 19de eeuw, in de breedste zin van het woord. 'Niet alleen wat er geschreven werd, maar ook hoe het werd voorgedragen en hoe het werd uitgegeven.'

Willem van den Berg overleed op 16 augustus na een kort ziekbed. Hij was de middelste van drie kinderen in een christelijk boerengezin uit het Zuid-Hollandse Rijswijk. Zijn leraren op het lyceum dachten dat hij misschien in de wieg was gelegd voor dominee, maar hij had het christelijk geloof al afgezworen toen hij Nederlands ging studeren in Utrecht.

Zijn interesse richtte zich aanvankelijk op de 18de eeuw, waarbij hij vergelijkende literatuurwetenschap deed. Van den Berg zocht naar de overeenkomsten en verschillen tussen wat in Nederland werd geschreven en de omringende landen. Een van de auteurs die hem fascineerde was de christelijke schrijver Willem Bilderdijk (1756-1831). Daardoor kwam Van den Berg uit bij de romantiek, de kunststroming die in de literatuur in Engeland met Lord Byron en in Frankrijk met Victor Hugo grote invloed had.

Van den Berg concludeerde dat er in Nederland nauwelijks sprake was van een vergelijkbare stroming. In het handboek Van romantiek tot postmodernisme, uit 2010 legde hij dat nog eens uit.

'Ik leerde hem kennen in de Werkgroep Negentiende Eeuw, opgericht in 1976, waarvan hij jarenlang voorzitter en ik secretaris was. We organiseerden lezingen en publiceerden boeken, zoals - met twee anderen - een tweedelige editie van de Camera Obscura', schreef zijn Leidse collega Peter van Zonneveld in een in memoriam. Boven het overlijdensbericht van zijn oud-promovendi in de Volkskrant prijkten de woorden uit Hildebrands Camera Obscura 'En nu - het is gedaan!'

Samen met Piet Couttenie, hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde, schreef Van den Berg in 2009 Alles is taal geworden, een lijvige geschiedenis van de Nederlandse literatuur tussen 1800 en 1900 en volgens Mathijsen zijn belangrijkste werk. In 2016 verscheen een boek over de kleurrijke Haagse uitgever Willem Gabriël Vervloet.

Met zijn echtgenote, de neerlandica Boudewine Kloeke, woonde Van den Berg even buiten Rhenen. Ze kregen twee kinderen. 'Daar kwam zijn boerenverleden terug. We hadden veel dieren en er was ook een boomgaard. Hij voelde zich een heel bevoorrecht mens', zegt Kloeke. 'Een baan die hij wilde, een leuk gezin en de plek waar hij graag woonde.'

Mathijsen: 'Alleen zijn emeritaat in 1999 beviel Wim maar weinig. Hij ging zich daarna Willem noemen - een verlenging die wellicht symbolisch was. Nog vele jaren bleef hij de trein naar Amsterdam nemen, zo niet dagelijks dan toch een paar keer per week.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.