De jaloezie

Enkele weken geleden behandelden we op deze plek de deurhouder van meneer Meijer uit Daarle. Diverse lezers meldden daarop thuis allang te beschikken over zo'n ding waarachter de klink van de deur wordt gehaakt om hem open te houden....

Zijn wij gek?

Maar, wil een andere lezer uit Nieuwkoop weten, wat betekende dat afgedrukte briefje nou eigenlijk? Hebben die lezers gelijk en zat de auteur fout? Of laat de krant lezers in hun brieven onweersproken onzin verkopen?

Geen van beide. Die lezers kunnen thuis best een deurhouder hebben en toch zat ook de krant er niet naast. Hoe dat kan? In de eerste plaats is het niet gezegd dat die andere deurhouders gepatenteerd waren. Maar zelfs als dat wel zo is, dan is vooral de Nederlandse wetgever gek, of op zijn minst een beetje.

Dat komt zo. Bij het Bureau voor de Industriële Eigendom in Rijswijk kan sinds 1995 iedereen alles octrooieren wat hem goeddunkt, mits hij de kosten maar betaalt. Bescherming tot maximaal zes jaar gaat al vanaf tweehonderd gulden. Baat het niet, dan schaadt het niet, denken sinds 1995 velen.

De aangemelde vinding hoeft namelijk niet eens nieuw te zijn om te worden ingeschreven in het octrooiregister. Sterker: de aanvraag mag zelfs doodleuk inbreuk maken op andere octrooien. Want daar gaan ze bij het Octrooibureau niet meer over. Als iemand zich benadeeld voelt door een nieuwe octrooinemer, stelt de wetgever, moet hij dat maar voor de rechtbank in Den Haag uitvechten. Ingewikkeld, al zal de civiele rechter inbreuk doorgaans niet kunnen waarderen.

Vroeger lag de bewijslast precies omgekeerd. Toen deed de Octrooiraad een uitspraak over de octrooieerbaarheid en inventiviteit van een aangemelde vinding. Jatwerk kwam er toen niet doorheen. Alleen, ga daar maar eens aan staan als modern Octrooibureau waar jaarlijks vele duizenden octrooiaanvragen binnenkomen. Daar is domweg niet meer tegenop te oordelen.

Staan de kaartenbakken in Rijswijk sinds die versoepeling van de regels dus vol met opnieuw uitgevonden wielen, dito buskruit en deurhouders?

Nederlands octrooi 1002808 van Evert Bos en Gerard Krosenbrink uit respectievelijk Borne en Winterswijk, gedateerd op 1 december vorig jaar, komt er op het eerste gezicht behoorlijk dichtbij. Als we het goed begrijpen, hebben zij de jaloezie opnieuw uitgevonden. Maar die hadden wij toch ook allemaal allang thuis?

Dat zien we dan ook helemaal verkeerd, zegt directeur Rob Verver van Verosol Nederland in Enschede, een grote jongen in raambedekkingen, zoals jaloezieën in het vakjargon blijken te heten. Bos en Krosenbrink zijn werknemers bij Verosol, de octrooihouder, waar in Eibergen vervaardigde onderdelen worden geassembleerd.

Het octrooi, zegt hij, heeft uitsluitend betrekking op de assemblage van jaloezieën. 'Direct productvoordeel voor de consument is er eigenijk niet.'

Jaloezieën bestaan uit een langwerpig huis, met daarin de roteerbare kabelhaspel en het bedieningsmechaniek. Aan de kabels hangt daaronder het lamellengedeelte, dat aan de onderzijde is afgewerkt met een balk. Tot zover geen nieuws.

Maar vernieuwing, zegt Verver, hoeft niet altijd direct in het oog te springen. Het geheim steekt hier in het huis van zijn jaloezie. Anders dan bij alle concurrerende merken, is dat bij Verosol gewoon open aan de onderkant. Het hele mechaniek met assen, lagerstoelen, kabels en lamellen wordt er in de fabriek afgemonteerd zo ingeschoven, in plaats van ter plekke moeizaam in elkaar geprutst. De behuizing kan daardoor zelfs nog iets slanker ook.

Verosol-directeur Verver heeft inmiddels een aanvraag lopen voor een Europees octrooi op het nieuwe ontwerp. Ook buiten Nederland is tijd namelijk geld. En ze zijn niet gek, daar in Enschede.

Martijn van Calmthout

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden