De Jager & Co.

Ik liep door de Oude Boteringestraat, Groningen. Het was aan het einde van de middag, aan het einde van het jaar....

Ter hoogte van de zijstraat die naar het plein voor het Academiegebouw voert, werd ik ineens getroffen door een tafereel in mijn linkerooghoek. Daar zat achter een raam een man aan een tafel te werken.

Niets bijzonders.

Ik zag hem maar heel kort, en toen werd mijn aandacht getrokken door de etalage van Aksen, speciaalzaak in hoorapparaten, aan de overkant. Ik stak over, bekeek de uitgestalde gehoorapparaten, werkelijk de meest futuristische machientjes staan de dove ter beschikking, in alle kleuren van de regenboog, en werd toen weer naar het tafereel aan de overkant gezogen.

De man die aan een tafel zat te werken, was een al wat oudere heer met grijs haar, een bril, een lichtblauw overhemd en een rode das. De tafel, het waren twee tegen elkaar geschoven bureaus, stond vlak bij het raam. Verderop in de kamer stond een eettafel met vier stoelen eromheen. Er lag een Perzisch tapijt op tafel. De stoelen hadden een leren zitting die met koperen kopspijkers aan het hout was vastgezet. In een hoek stond een groot aquarium waarin tropische vissen rondzwommen.

Het tafereel was alleen te zien voor wie in de richting van de Grote Markt liep, want er hingen lamellen voor de ramen die zo waren ingesteld dat je maar van één kant de kamer in kon kijken. Ik moest dus een paar keer heen en weer om het tafereel goed in me op te kunnen nemen. Al doende kwam ik ook enkele keren langs de deur. Er hing een bord aan.

De Jager & Co.

Accountants.

Het was dus of meneer De Jager of zijn collega Co die voor het raam zat te werken. Geruststellende wetenschap vond ik dat. Het was bovendien een mooie naam, meneer De Jager. Ik hield het erop dat hij het was die daar zat te werken, en niet Co. Die zat elders in het oude pand, in een klein, bedompt vertrek.

Meneer De Jager was bezig met werkzaamheden die een tijdloze en solide indruk maakten. Hij zat gebogen over paperassen, ze zaten in een blauwe map die was opengeslagen, met een zilveren pen in de hand, en dat was het. Keek hij op, dan zou hij aan de muur een antieke klok zien hangen, verveelde hij zich dan zou hij even met de paperclips naast de colabeker vol pennen kunnen spelen. Maar hij keek niet op, en verveelde zich al helemaal niet. Hij was in paperassen verdiept, hij oefende zijn beroep uit, hij controleerde.

Mooi.

Het tafereel werd verlicht door een ouderwetse lamp met een gele kap die op tafel stond en verderop in de kamer door een lamp boven de eettafel waaraan nooit gegeten werd, maar waaraan meneer De Jager cliënten ontving en koffie met ze dronk. Ook wierp het aquarium licht in de kamer. Het enige moderne waren de lamellen en de dubbele beglazing die de accountant scheidden van het straatrumoer. Daardoor was het tikken van de antieke klok buiten niet te horen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden