De jacht is weer geopend

Alweer staat de positie van een lid van het kabinet-Rutte II ter discussie. Waarom redt de één het wel en de ander niet?

Het zijn van die momenten dat, zoals het in Haagse taal heet, aan het Binnenhof een 'wildebeestenlucht' opstijgt. Dat een bewindspersoon 'aangeschoten wild' wordt. Cameraploegen, fotojournalisten en de schrijvende pers zullen zich komende week, als staatssecretaris Frans Weekers zich weer in de Kamer vertoont, verdringen. Hem als een meute honden opjagen. Het debat zal worden onderbroken voor koortsachtige fractievergaderingen, overleg over moties. De vraag zal rondzingen: steunt de ene coalitiepartij de andere nog wel?


Er zijn Bulgaren die rijk zijn geworden door Nederlandse toeslagen en de staatssecretaris van Financiën, Weekers, wist er niets van.


En erger: hij laat ook de Tweede Kamer, die erg gesteld is op informatie, er niets van weten. Nog erger: zelfs als de fraude uitkomt in een tv-uitzending, duurt het lang voordat het parlement informatie krijgt. Helemaal erg: Weekers verschijnt eerst op tv en stuurt dan pas zijn feitenrelaas naar de Kamer.


Venijnige tweets

De spanning liep op, afgelopen week. Kamerleden stuurden venijnige tweets de wereld in om hun onvrede, ook tijdens het reces, te laten blijken. Ze riepen in herinnering dat Weekers al eerder onder vuur lag: vanwege een billboard langs de snelweg, dat de staatssecretaris zich tijdens de verkiezingscampagne door Jos van Rey liet fourneren.


Het is al de vijfde keer deze kabinetsperiode dat de positie van een bewindspersoon ter discussie staat, de tweede keer voor Weekers. Terwijl het tweede kabinet-Rutte pas een half jaar zit. Dat is een gemiddelde van eens per vijf weken. Wat is er aan de hand?


Misschien is het toeval.


Misschien is de dynamiek heftiger omdat er een smalle meerderheid is in Tweede Kamer. Van de elf partijen voeren er negen oppositie. Dat werkt als een versterker voor kritische geluiden. Bovendien: de coalitie krijgt van alle kanten aanvallen te verduren. Dat maakt meer indruk dan wanneer alleen links of alleen rechts ontevreden is.


Misschien komt het door de rol van de sociale media die steeds indringender wordt. Politici reageren direct in plaats van te wachten op een debat.


De meeste bewindspersonen wisten tot nu toe te ontsnappen. Onder Rutte I hoefde er maar eentje te vertrekken, drie konden door. Wat voorspelt dat voor Frans Weekers? Waarom redt de een het wel en de ander niet? Wat wordt erger gevonden: verkeerd declareren of een asielzoeker onterecht vastzetten en slecht behandelen, waarna hij zichzelf van het leven berooft?


Kijkend naar de laatste drie kabinetten lijkt vast te staan dat bij twijfel aan de persoonlijke integriteit iemand vrijwel altijd weg is. Co Verdaas en Jack de Vries: ze vertrokken omdat ze zelf onhandig hadden geopereerd en daardoor ongeschikt werden gevonden voor het ambt dat ze te bekleden hadden.


Een persoonlijke fout lijkt daarmee zwaarder te wegen dan een beleidsmatige. Een verkeerde beslissing door ambtenaren is weliswaar heel vervelend, maar geldt in Den Haag meestal niet als een doodzonde. Er wordt beterschap beloofd, een knieval gedaan en de bloeddorst van de Kamer lijkt gestild. Kennelijk is het voor partijen moeilijker te verkroppen om bewindslieden weg te sturen die niet zelf, persoonlijk, falen.


Daar zijn een paar verklaringen voor. De eerste: een aftreden is gezichtsverlies voor een partij, zeker als het om een boegbeeld gaat dat belangrijk is voor wat een partij wil uitstralen. Van iemand met een zwak imago ontdoet een partij zich nu eenmaal gemakkelijker. De tweede: het valt in een coalitie nog niet mee om iemand van de koude kant weg te sturen. Voor je het weet is de sfeer verziekt en gaat het kabinet wankelen, en is het dat waard?


De belangrijkste: de logica van optreden, niet aftreden. Het was waarschijnlijk Klaas de Vries (PvdA-minister van Binnenlandse zaken) die, na de vuurwerkramp in Enschede, die woorden het eerst uitsprak. Rita Verdonk maakte ze daarna nog bekender.


Aanhangers van die gedachte vragen zich af of Nederland werkelijk beter bestuurd zal worden als er een nieuwe bewindspersoon aantreedt, die eerst weer moet worden ingewerkt. Zij gunnen politici een tweede kans. Die moeten ze wel zelf verdienen door geloofwaardig op te treden tijdens een Kamerdebat; vaak is een mengeling geboden van het hoofd buigen en staan voor de zaak.


Schipholbrand

De laatsten die wel vertrokken door beleidsmatig falen, zijn Piet Hein Donner (CDA) en Sybilla Dekker (VVD). Zij waren verantwoordelijk voor de elf asielzoekers die omkwamen bij een brand in een detentiecentrum op Schiphol. De vraag is: zouden ze ook zijn opgestapt wanneer er geen verkiezingen op handen waren? Nu was het kabinet-Balkenende II al gevallen, en kwam het hun partijen bijzonder slecht uit om met twee beschadigde bewindslieden de campagne in te gaan.


Komen we weer terug bij Frans Weekers. Naar welke kant zal de balans voor hem doorslaan? Wordt hij gezien als een sjoemelaar of een klungel? Of is hij toch gewoon een bestuurder die, net als iedereen, ook weleens een fout maakt? Van wie heeft hij het meeste weg?


WEG

De sjoemelaar

Er mag geen twijfel zijn over de persoonlijke integriteit van bewindslieden. In gewoon Nederlands: zij moeten eerlijk zijn, met geld, met relaties, en ook over escapades in het verleden. Dus de PvdA'er Co Verdaas, die dienstritten declareerde die hij nooit maakte, kon niet aanblijven als staatssecretaris van Economische Zaken (2012).


En de CDA'er Jack de Vries, die een relatie aanknoopte met zijn adjudant - niet toegestaan in de krijgsmacht - werd ook geloosd (2010), niet in de laatste plaats omdat zijn partij hoog opgeeft van het gezin als hoeksteen van de samenleving. Ook de carrière van LPF'er Philomena Bijlhout werd in de kiem gesmoord, omdat ze had gezwegen over deelname aan Surinaamse milities ten tijde van de decembermoorden (2002).


Toch zijn er ook gevallen die op het randje zijn. Want sjoemelde Frans Weekers, dezelfde die nu onder vuur ligt, niet ook een beetje toen hij in verkiezingstijd een reclamezuil liet optrekken, waard 3.000 euro, betaald door de Roermondse politicus Jos van Rey, de man die later werd beschuldigd van belangenverstrengeling? De Tweede Kamer steigerde, maar wierp Weekers niet af - ze nam er genoegen mee dat de staatssecretaris toegaf dat hij het aanbod van zijn provinciegenoot te lichtzinnig had aanvaard. Het is dan ook niet bewezen dat Weekers een ongeoorloofd douceurtje incasseerde.


De klungel

Toeval of niet: het zijn vaak vrouwen van wie het gezag beetje bij beetje afkalft door onhandig optreden en die daardoor ook daadwerkelijk moeten vertrekken. PvdA'er Ella Vogelaar wist zich bijvoorbeeld geen raad met opdringerige journalisten en antwoordde GeenStijl zelfs eens met een minutenlang zwijgen - een stilte die steeds ongemakkelijker werd. Dat kwam boven op een voortdurend gebakkelei met PvdA-leider Wouter Bos, die ontevreden was over Vogelaars aanpak van verloederde wijken en over de verbroederende woorden die de minister sprak over boerka's en de islam. Op den duur leidde de onenigheid ertoe dat Bos het vertrouwen in Vogelaar opzegde (2008).


Ook VVD'er Annette Nijs maakte een uitglijder in de media waardoor ze haar staatssecretariaat van Onderwijs moest opgeven. Ze gaf een interview aan Nieuwe Revu waarin ze opbiechtte dat ze een moeizame werkrelatie had met minister van Onderwijs Maria van der Hoeven, die zelfs informatie voor haar zou achterhouden. Het hielp haar niet dat ze het interview liet illustreren met een foto van zichzelf met een enorme bel cognac, gezeten in een hooiberg. De verstoorde verhoudingen tussen minister en staatssecretaris leidden ertoe dat de partijtop haar bewoog te vertrekken.


Er zijn trouwens ook partijen die zich minder rap van klungelende bewindslieden ontdoen. Tineke Huizinga (ChristenUnie) stond bijvoorbeeld te boek als een uitermate zwakke minister van Verkeer en Waterstaat, maar mocht blijven (2010). Voor CDA'er Marlies Veldhuijzen van Zanten gold iets dergelijks (2012).


De hinderpaal

Beleidsfouten vlak voor de verkiezingen zijn onvergeeflijk, ze mogen niet gaan doorzeuren tijdens de campagne. Tegelijkertijd is een aftreden in het zicht van de verkiezingen minder pijnlijk, omdat het werk toch al bijna voltooid is. Zo diende Wim Kok met de verkiezingen van 2002 in het vizier het ontslag in van zijn kabinet na het verschijnen van het NIOD-rapport over Srebrenica en de Nederlandse betrokkenheid daar. De ministers Piet Hein Donner (Justitie) en Sybilla Dekker (Volkshuisvesting) droegen kort voor de verkiezingen van 2006 de ministeriële verantwoordelijkheid voor de Schipholbrand waarbij elf illegalen om het leven kwamen.


De verliezer

Een politieke nederlaag die een wezenlijk punt betreft voor de partij waartoe de bewindsman behoort, maakt de positie van een bewindspersoon onhoudbaar. Het recentste voorbeeld daarvan betreft D66-minister Thom de Graaf van Bestuurlijke Vernieuwing. Hij hield het in 2005 voor gezien toen de PvdA in de senaat de gekozen burgemeester niet steunde.


BLIJVEN

De wanbestuurder

Een beleidsmatige fout lijkt 's lands bestuurders minder hard te worden aangerekend dan een persoonlijke fout. Hans Hillen, minister van Defensie (2011), was zo iemand die aanbleef, ondanks de enorme bestuurlijke blunder die hij beging en die drie militairen het leven had kunnen kosten. Niet gehinderd door informatie van de Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst (MIVD) stegen de militairen op met de boordhelikopter vanaf het fregat Hr. Ms. Tromp om een Nederlandse ingenieur op te pikken uit de oorlog in Libië. Ze landden naast een paleis van Kadhafi en werden dus opgepakt. Ze werden twee weken vastgehouden voordat ze vrijkwamen. Hillen ging in de Tweede Kamer diep door het stof, beloofde beterschap en kwam ermee weg. Dat kon makkelijker omdat het geen mensenlevens had gekost.


Het boegbeeld

De ene bewindspersoon heeft een grotere betekenis voor de politieke partij waartoe hij behoort dan de andere. Dat heeft Fred Teeven, staatssecretaris van Veiligheid, bijvoorbeeld het politieke leven gered toen hij zich onlangs moest verantwoorden voor de 'keten van fouten' die had geleid tot de dood van de Russische asielzoeker Alexander Dolmatov. Er was een dode gevallen, er werden stelselmatig fouten gemaakt in het asielbeleid, maar Teeven bleef. Hij verbeeldt voor de VVD immers zowel de harde hand waarmee criminaliteit wordt bestreden als een strenge houding tegenover asielzoekers en neemt de PVV daarmee wind uit de zeilen.


Een vergelijkbaar geval is premier Jan Peter Balkenende (2010). Hij kreeg te maken met een kritisch rapport van de commissie-Davids. Niet alleen werd de invasie in Irak, waaraan Nederland politieke steun had gegeven, een echec genoemd; ook werd het het kabinet kwalijk genomen dat het twijfels over de aanwezigheid van massavernietigingswapens in Irak niet had gedeeld met het parlement. Balkenende redde zich eruit door te zeggen dat hij met 'de kennis van nu' anders had gehandeld, en door beterschap te beloven. Als premier kon hij niet gemist worden in het kabinet, dat zonder Balkenende zeker was gevallen - dat begreep ook coalitiepartner PvdA.


Voor Weekers is een gelijksoortige dispensatie niet te verwachten. Zijn imago is al aangetast door de kwestie met het billboard. Ook zijn betekenis als Limburger is niet meer zo groot als eertijds: in de persoon van Mark Verheijen staat er een andere jonge Limburger klaar in de VVD-coulissen. Hij kan het zuidelijke electoraat voortaan bedienen. Bovendien is fraude met uitkeringen niet iets dat in het verlengde ligt van het imago van de VVD. Integendeel: met zijn nonchalante houding over het weglekken van gemeenschapsgeld verbeeldt Weekers het tegenoverstelde van de zuinigheid die het kabinet wil uitstralen.


De beginneling

Voor beginnende bewindslieden die te maken hebben met fouten van hun voorganger, is men doorgaans clement. Dat merkte PvdA'er Wilma Mansveld, de toen pas aangetreden staatssecretaris van Infrastructuur (2012). Haar ambtenaren hadden verzuimd een pittig rapport over spoorbeheerder ProRail naar de Tweede Kamer te sturen. De Kamer neemt het doorgaans hoog op als ze slecht geïnformeerd wordt. Maar dit keer was het niet zozeer Mansveld, als wel haar voorganger die informatie had achtergehouden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden