De Inuit kennen vele verschillende woorden voor sneeuw - Klopt dit wel?

Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Deze week: de Inuit kennen vele verschillende woorden voor sneeuw.

Foto getty

Van wie komt die claim?

Dat eskimo's vele woorden voor sneeuw zouden hebben, is een borrelpraatje dat in de eerste helft van de vorige eeuw is ontstaan. Benjamin Lee Whorf, een Amerikaanse inspecteur van een verzekeringsmaatschappij, publiceerde in 1940 een artikel over het onderwerp in Technology Review, het relatieblad van het Massachusetts Institute of Technology. Voor zaken als vallende sneeuw, smeltende sneeuw en andere soorten zouden eskimo's volgens Whorf verschillende woorden gebruiken.

Klopt het?

Whorf was een chemicus en taalhobbyist. Vermoedelijk heeft hij nooit gepraat met Inuit, zoals een aantal oorspronkelijke volken van Arctisch Noord-Amerika zich noemen. Zijn inspiratie haalde Whorf uit The Handbook of North American Indians (1911) van de beroemde Duitse antropoloog Franz Boas. Boas gebruikte het sneeuwverhaal alleen om kort het verschil uit te leggen tussen woordstammen (bv. sneeuw) en afgeleide woorden (sneeuwstorm). Met de grondterm 'aput' zouden Inuit bijvoorbeeld 'sneeuw op de grond' bedoelen en met 'qana' 'sneeuw in de lucht'. Boaz noemde vier verschillende grondtermen voor sneeuw, Whorf maakte daar 'zeven en meer' van.

Hoewel het artikel van Whorf geen wetenschappelijke basis had, lustten westerse taalkundigen na hem wel pap van de theorie. De Amerikaanse antropoloog Laura Martin zocht in de jaren tachtig uit hoe het verhaal in de loop der jaren werd aangedikt. Roger Brown, auteur van het invloedrijke boek Words and Things (1958) herhaalde Whorfs verhaal min of meer. Browns boek inspireerde nieuwe auteurs, die er nog een schepje bovenop deden. Zo schrijft Carol Eastman in een boek over taal en cultuur uit 1975 dat 'Eskimotalen vele woorden voor sneeuw hebben'. Lanford Wilson maakt er in zijn bekende toneelstuk The Fifth of July (1978) vijftig van.

Ook in Nederland vond het verhaal gretig aftrek. Willem Wilmink schreef er een gedicht over, Duizend woorden voor sneeuw.

Maar hoe zit het echt? Naja Blytmann Trondhjem, taalonderzoeker aan de universiteit van Kopenhagen en zelf 'native speaker' van een Groenlandse Inuittaal, krijgt de vraag wel vaker. 'Onze taal is polysynthetisch, we gebruiken een beperkt aantal woordstammen waar we allerlei eigenschappen aan vastplakken. Eén woord kan zo een hele zin betekenen. Er zijn twee woordstammen voor sneeuw, 'aput' en 'qanic', die we op allerlei manieren kunnen uitbreiden. Zo betekent 'sineq' zoiets als 'vormen' en 'apusineq' stuifsneeuw, dat na de storm heuveltjes vormt.' Niet alleen voor sneeuw, maar voor alle woorden gebruiken de Inuit dergelijke constructies. 'Het aantal concepten dat we hiermee uitdrukken, verschilt niet van bijvoorbeeld het Engels.'

Eindoordeel

Door de manier waarop Inuit hun woorden vormen, lijkt het alsof ze vele woorden voor sneeuw gebruiken. Ze hebben echter niet meer begrippen voor sneeuw dan wij.

Meer over