De iep pleegt harakiri

De besmettelijke, dodelijke iepziekte slaat zo hard toe, dat de boom over tien jaar weleens verdwenen zou kunnen zijn uit Nederland....

Onwijs zonde, treurt mevrouw Van Zeijl. Negentien jaar keek ze uit op een machtige boom, 'hij was toch zo mooi, in volle bloei, zwermen spreeuwen landden erin', en moet je nou zien. Tegen de blauwe lucht tekent zich een skelet af. Een winterboom in de volle zomer. Een zestigjarige iep, getroffen door de iepziekte.

Vrienden grappen: 'Hebben de buren er wat gif bij gestrooid?' In de buurt was de kolossale iep niet bij iedereen even populair - zijn brede en dichte kroon benam andere tuinen het licht. Vandaar dat het echtpaar Van Zeijl hem strak in model liet snoeien. Dat maakte die wolk van groen net iets hanteerbaarder. Tien jaar lang lieten ze de boom preventief injecteren tegen de iepziekte. Aan zorg heeft het de boom, kortom, niet ontbroken. Toch zag de iepenspintkever kans een nieuw slachtoffer te maken.

Van de gemeente 's-Gravenzande moet het staketsel, besmettingsbron voor andere iepen, zo snel mogelijk uit de achtertuin. Het gezin van Zeijl staat op het punt met vakantie te gaan, maar het heeft er even om gespannen of dat financieel nog wel verantwoord was. De kosten voor het rooien van de boom: 2400 euro, te betalen door de Van Zeijls zelf. Het is tenslotte hun boom. Vrienden grappen weer: 'Voor dat bedrag haal ík 'm wel naar beneden.'

Mevrouw Van Zeijl, wijzend op de tuin van de achterburen: 'Misschien missen zelfs zij hem nu ook. Het is toch een warme zomer. Kan me voorstellen dat ze verlangen naar wat schaduw.'

's-Gravenzande is een van de gemeenten waar de iepziekte hard toeslaat. Tot nu toe zijn er dit jaar een kleine driehonderd bomen gesneuveld, over heel 2002 waren dat er rond de 550. Daartussen zaten weliswaar ook scharminkelige veldiepen, een vorm van onkruid die buitengewoon bevattelijk is voor de ziekte, maar eveneens veel monumentale, grootse bomen, belangrijk voor het aanzien van de kustplaats.

In heel Nederland gaat het slecht met de iep, sinds het Rijk de bestrijding van de besmettelijke, dodelijke ziekte in 1991 overdroeg aan de gemeenten. Begin jaren negentig leek de Dutch Elm Disease, zo genoemd omdat de ziekte in 1920 door Nederlandse biologen werd ontdekt, onder controle gebracht. Jaarlijks sneuvelde nog maar 1 procent van het landelijke iepenbestand. Nu ligt dat percentage volgens grove schattingen op ruim 10 procent, in 's-Gravenzande zelfs op het dubbele.

'Als het zo doorgaat, is de iep over tien jaar verdwenen uit Nederland', zegt Dirk Doornenbal van de Nationale Bomenbank.

'Je moet er niet aan denken dat je 'm moet missen', zegt Paul Moerman van de gemeente 's-Gravenzande, afdeling groen en onderhoud.

Doornenbal: 'Gevoelsmatig is het een typisch Hollandse boom. Op oude schilderijen zie je overal de iep.'

Moerman: 'Het is een boom die staat als een huis. Een goede boom. Een stabiele boom.'

Doornenbal: 'Een krachtige uitstraling heeft ie.'

Moerman: 'Hij hoort hier gewoon thuis, net als de populier en de wilg.'

Doornenbal: 'Wat blijft er over van Zeeland zonder iep? Helemaal niks.'

Natuur- en landschapsadviseur André de Bonte benadrukt vooral het praktische aspect: 'Het bespaart verschrikkelijk veel geld als de iepziekte weer onder controle wordt gebracht. Rooien van bomen is hartstikke duur.'

De Bonte en Doornenbal zijn betrokken bij de Iepenwacht, een zich gestaag uitbreidend samenwerkingsverband van allerlei natuurorganisaties die de iep willen redden. De voornaamste voorwaarde daarvoor: gemeenten moeten hetzelfde beleid voeren. Net zoals de Plantenziektenkundige Dienst voor 1991 ook een gecoördineerde aanpak had van de iepziekte. 'Want de iepenspintkever keert niet om bij de gemeentegrens', zegt Doornenbal.

Het is dit beest dat de ziekte overbrengt, via de schimmel aan zijn pootjes, de Ophiostoma ulmi. Om zich voort te planten - zijn eitjes te kunnen leggen - vreet de kever zich in bij een iep. De boom heeft een natuurlijk afweersysteem: hij reageert op de schimmel door meteen zijn houtvaten te sluiten. De desastreuze consequentie is dat hij daarna zelf geen water meer kan opnemen uit de grond. De iep verdroogt. 'Hij pleegt harakiri, in feite', zegt Doornenbal.

Zolang de dode iep blijft staan, is hij levensgevaarlijk voor zijn soortgenoten. Een 'broedboom', waarin de larven kunnen uitgroeien tot kevers, om daarna weer volop andere bomen te besmetten. Bovendien maken de wortels van bomen contact met elkaar, waardoor ze de ziekte ook ondergronds kunnen overdragen.

De enige manier om verspreiding van de iepziekte te voorkomen, is door scherp te controleren en besmette bomen meteen te verwijderen. Sommige gemeenten namen hun nieuwe taak vanaf 1991 wel serieus, veel ook niet. Uit onkunde, laksheid, geldgebrek of doordat ze te maken hebben met andere instanties, die er hun eigen opvattingen over natuurbeheer op nahouden.

Zo wil het Zuid-Hollands Landschap, dat eigenaar is van het Staelduinbos in 's-Gravenzande, toe naar een ecologischer beheer van dat gebied. Een loffelijk streven, maar het betekende wel dat dode iepen bleven staan - leuk voor de specht! 'Middenin de gemeente hadden we dus een enorme ziektekweekbak', zegt Moerman. Het Zuid-Hollands Landschap is tot inkeer gekomen, maar de iepenspintkever heeft in de tussentijd zijn kans ten volle benut.

Terwijl een gemeente verplicht is als een goed huisbewaarder over haar bomen te waken. Valt een verwaarloosd exemplaar op een auto, dan is de overheid aansprakelijk. Amsterdam mag een stad zijn met een tolerant beleid, voor de iep is de gemeente streng. De controles worden heel scherp uitgevoerd en aangetaste exemplaren meteen gekapt. De 'iepuitval' is hier minimaal, omdat de ziekte simpelweg geen kans krijgt zich te verspreiden.

Amsterdam moet ook wel. 'Langs de grachten is 90 procent van de bomen iep', zegt Doornenbal. 'Als je die allemaal moet rooien heb je een probleem.' Halverwege de jaren negentig is al eens uitgerekend dat niets doen de samenleving een miljard gulden méér zou kosten dan de iepziekte serieus bestrijden.

De iep is vooral geconcentreerd in Friesland, Groningen, Zuid-Holland, Noord-Holland en Zeeland. Het is de enige boom die goed is opgewassen tegen de zoute zeewind. Zonder iep wordt het een kale bedoening aan de kust. 'Bijna alle dijkbeplanting is iep', zegt De Bonte. 'Moet je nagaan hoe die dijken eruitzien als de iep verdwijnt.'

De begraafplaats van 's-Gravenzande lijkt op een gebit met ontbrekende kiezen. Van het eens zo mooie oude rijtje iepen aan de hoofdlaan zijn drie exemplaren over. Moerman kijkt zorgelijk omhoog, naar de kroon van een van de drie. 'Zie je hoeveel licht die doorlaat? Vorig jaar kon je er niet eens doorheen kijken.' Een nieuwe patiënt, vermoedt hij, die door het wortelcontact de rest weleens in zijn val zou kunnen meeslepen. Het domino-effect. 'De sfeer is hier helemaal veranderd door het kappen van die oude bomen. Het lijkt wel een nieuwe begraafplaats.'

Aan het begin van het pad zijn jonge iepen geplant. Ze hebben een ring van gaatjes rondom hun bast, de sporen van hun jaarlijkse preventieve prik tegen de iepziekte. Helaas werkt die niet altijd - zie de boom van de familie Van Zeijl. En kwekers mogen nog zo hun best doen resistente iepen te ontwikkelen, ook daarvan is het maar afwachten hoe ze zich op termijn houden. Los daarvan: 'Misschien hou je straks alleen de resistente soorten over', zegt De Bonte. Die zijn stakeriger en hebben een minder volle kroon dan de Hollandica's, de oeriepen, typerend voor het Nederlandse landschap.

Zieke gemeentebomen kunnen meteen worden verwijderd; voor particuliere bomen ligt dat lastiger. In principe moeten bewoners een kwijnende iep in hun tuin binnen twee weken laten weghalen. Daar zit niet iedereen op te wachten, zeker niet als de bewoner de kosten zelf moet betalen - elke gemeente heeft daarvoor haar eigen richtlijn. 'In dat geval moet je er heel erg achteraan, brieven blijven schrijven, dwang opleggen, terwijl in de tussentijd die boom maandenlang de iepziekte staat te verspreiden', zegt De Bonte.

Zo is er ook de goedwillende tuinbezitter die zijn zieke iep weliswaar omkapt, maar het hout in het schuurtje bewaart voor de haard. De kever maakt dat niks uit. Die blijft zitten onder de bast; de eitjes komen evengoed wel uit. Een besmette iep moet worden geschild, versnipperd of verbrand. Gaat hij met bast en al de wagen op, naar de meubelindustrie in België bijvoorbeeld, dan kunnen de larfjes over honderden kilometers iepen besmetten. Maar welke leek beseft dat nou?

Moerman verhaalt over de boer die braaf zijn aangetaste iep omzaagde en hem naar het erf sleepte, waar ie maar lag te liggen. 'Ik moest de boom op adequate wijze verwijderen', was zijn verweer, toen Moerman langskwam. 'Is dit niet adequaat dan?'

Moerman: 'De regels zijn er wel, nu de voorlichting en de handhaving nog.'

In het zwaar getroffen Staelduinbos hebben brandnetelveldjes de plek ingenomen van gekapte iepen. Overal in de boszoom zitten dit soort droefstemmende gaten - lastig voor de vleermuizen, die zich steeds moeilijker kunnen oriënteren. 'O jee, weer een slachtoffer', verzucht Moerman, als hij langs een iep wandelt met een paar uitgedroogde takken. 'Over een paar weken is het helemaal bekeken met 'm.'

Het jongste kind van de familie Van Zeijl, volgens zijn moeder 'een fantasierijk jongetje' van 9, heeft al moeten huilen om het aanstaande afscheid van hun iep. Het hele gezin zal erbij zijn, als de rooiers de zaag erin zetten, begin september. 'Naar de begrafenis van een kind ga je ook met z'n allen', zegt mevrouw Van Zeijl.

Moerman: 'Je mist een boom pas als ie er niet meer is.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden