DE HUIZENKERMIS VAN ENGEL

Toen hij na vier maanden voorarrest de gevangenis verliet, leek het wel of hij een medaille in Nagano gewonnen had, zoveel mensen klopten hem op de schouder....

JELLE BRANDSMA

door Jelle Brandsma

Met de vlakke hand slaat Cees Engel (53) op de vaalblauwe voordeur. 'Chalid, doe open. Chalid.' Hij kijkt naar boven, naar de gehavende ramen van de eerste etage. Achter het vuile en gebarsten glas is niemand te zien. De deur blijft dicht.

Chalid is 'een Marokkaan of een Algerijn' die drugs verkoopt, zegt huisbaas Engel. Hij moet eruit. De echte huurder zit in de gevangenis en laat Chalid in zijn huis wonen.

Henk, de Surinaams-Hindoestaanse hulp van Engel, kijkt door de brievenbus. De deur is aan de binnenkant gebarricadeerd. Henk stelt voor het pand rigoureus dicht te schroeven. 'Dan blijft hij maar binnen.' Engel vindt dat te ver gaan. 'Zet maar met een klein schroefje vast. Dan kan hij eruit, maar hij weet dat het menens is.'

Engel is een ouderwetse huisjesmelker. Hij bezit tweehonderd panden in Rotterdam en bedient de onderkant van de woningmarkt. De krottenkoning luidt zijn bijnaam. Onder zijn huurders en onderhuurders is het aantal drugsdealers legio.

Dat Engel, zoals bij Chalid, hard optreedt tegen de verkoop van verdovende middelen in zijn huizen is volgens justitie een farce. Op 1 oktober vorig jaar werd de huisbaas namelijk zelf aangehouden op beschuldiging van handel in drugs en belastingontduiking. Engel zat vierenhalve maand in voorarrest en kwam na betaling van een borgsom van honderdduizend gulden vrij. Vrijdag dient de rechtszaak.

Justitie ziet Engel als leider van een criminele organisatie. De ontruiming van overlast gevende dealpanden door de politie zou ieder effect verliezen omdat Engel er onmiddellijk een nieuwe huurder inzet die de drugswinkel continueert. Justitie is van plan om tegen Engel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf en vier miljoen gulden boete eisen. Een aantal huizen, ter waarde van anderhalf miljoen gulden, wordt in beslag genomen.

In het kantoor van Engel werd bij een inval door de politie een hennepplantage aangetroffen. Ook in een aantal andere gebouwen van de huisbaas werd de teelt van nederwiet ontdekt. Engel zegt dat hij daarvan geen weet had. Maar volgens de politie is dat onmogelijk. De hennepbladeren waren vanuit zijn werkkamer zichtbaar.

Justitie heeft de telefoon afgetapt waaruit zou blijken dat Engel drugshandel organiseerde. Als de concentratie dealers in een bepaalde straat te hoog werd liet hij de handelaren verhuizen naar een ander deel van de stad. Op de band staat de stem van Engel die tegen een huurder praat: 'Voor dealen heb je toch geen douche nodig.'

Al die beschuldigingen spreekt Engel tegen. 'De politie heeft een getuige die een verhaal verzint. Tijdens mijn verhoor is er geen enkel concreet geval naar voren gebracht', zegt Engel. Hij kan niet begrijpen dat justitie hem drugshandel aanwrijft en zelf het dealen gedoogt als er geen overlast is.

De biochemicus Engel promoveerde in de jaren zestig aan de Universiteit van Utrecht. Hij kwam naar Rotterdam om op het laboratorium van het tabaks- en koffiebedrijf Van Nelle te werken. Na een gecompliceerde longontsteking raakte hij arbeidsongeschikt. Engel herstelde en ontdekte een nieuwe hobby. Begin jaren tachtig kocht hij zijn eerste pand en verhuurde daarin kamers. Hij ondervond dat in die branche snel geld te verdienen was en bouwde in hoog tempo een waar imperium op.

Vijfhonderd huizen bezat Engel op een gegeven moment, het ene nog rotter en vuiler dan het andere. Om een einde te maken aan die wantoestand kocht de gemeente Rotterdam een deel van zijn woningen voor 4,4 miljoen gulden. Er werd ook onderhandeld over het restant van het bezit van de huisbaas, maar daarover werd geen overeenstemming bereikt. Engel weigerde de taxateurs van de gemeente binnen te laten. 'Een potje jam kun je toch ook niet van binnen bekijken voordat je het koopt?'

De klachten over Engel zijn talrijk. 'Hij trekt zich er niets van aan dat een vrouw met drie kinderen op een klein kamertje moeten leven', aldus een ambtenaar. 'Hij is in staat om een diepe kast te verhuren', zegt een ander. De controleurs van Bouw- en Woningtoezicht hadden het vrijwel dagelijks met hem aan de stok.

Cees Engel bleek zo glad als een aal. Hij tekende bezwaar aan tegen alle bevelen van de gemeente. Zo wist hij verbeteringen aan zijn woningen heel lang tegen te houden en duurde de illegale verhuur voort. Hij was een meester in het lezen van wetten en verordeningen en gaf daaraan zijn eigen uitleg.

De wijken waarin de huizen van de verhuurder staan, worden gekenmerkt door drugsoverlast, rommel op straat en een groot aantal allochtone bewoners. In Spangen, de Millinxbuurt en Bospolder Tussendijken is Engel in de loop der jaren neergestreken. Inwoners van die buurten praten niet makkelijk over de huisbaas. 'Linke soep', zegt een van hen. 'Die man is slim, hoor. Die weet je wel te vinden. Als ik praat, kan ik hier niet blijven. Vroeger was dat anders. Toen had Engel ook wel met de rechter te maken, maar ging het om simpele afdoeningen. Nu is dat anders. Hij probeert zich eruit te redden. Engel is een kat in het nauw. Die maakt rare sprongen.'

Dat de buurt bang voor hem is, begrijpt Engel niet. 'Toen ik vrij kwam en op de Mathenesserdijk verscheen, kwam iedereen blij naar mij toe. Het leek wel alsof ik in Nagano een medaille had gewonnen. Als ik uit een van mijn huizen kom, staan er vaak mensen bij mijn auto te wachten om te vragen of ik een woning voor ze heb.'

'Een grote baviaan zal altijd kontlikkers hebben', zegt Machiel van Wolferen, humanistisch raadsman. Hij is een van de weinigen die openlijk zijn mening geeft. De verkrotting is een drama voor de buurt. Engel koopt huizen die al in slechte staat zijn of na verloop van tijd aftakelen, vindt hij.

Van Wolferen woont in een buurt waar Engel veel panden heeft. Hij hoort geruchten. Behalve huur betalen dealers onder de tafel geld aan Engel, zo wordt er gefluisterd. 'De Marokkanen en Turken met wie ik te maken heb, klagen altijd dat de politie hen op de hielen zit. Nu kan ik zeggen dat ze ook een Hollandse klootzak aanpakken. De vraag is of justitie bij de rechtbank de zaak juridisch hard kan maken.'

De laatste jaren heeft Engel veel huizen verkocht en is hij zich gaan toeleggen op de verhuur van bedrijfspanden. Hij verwierf ook een bungalowpark in het Duitse Kronenburg. In een van zijn kantoorgebouwen heeft hij een werkkamer voor zichzelf en een secretaresse. Het is er sober ingericht met oude kantoormeubelen, aan de wand hangen tientallen sleutelbossen.

De huurbaas trekt eropuit. Hij somt op: eerst naar de Millinxstraat om een woning aan een potentiële huurder te laten zien, dan naar de Mathenesserweg om te kijken hoe het opknappen van een etagewoning vordert en dan naar de Spanjaardstraat om een drugsdealer de wacht aan te zeggen en de voordeur dicht te schroeven.

Met zijn magere lichaam stapt Engel in zijn pas aangeschafte tweedehands auto. Zijn lange vingers komen even los van het stuur van de Opel Astra om onderweg een paar keer een bekende te groeten. Hij gaat niet gekleed als een doorsnee zakenman. De boord van zijn blauwe overhemd hangt los over een oude groene trui.

Hij toont zijn vriendelijkste kant en praat honderduit. Nee, rijk is hij niet, zegt hij. Het geld zit in zijn huizen. Daar leeft hij voor. 'De kermis moet blijven draaien. Ik heb geen vrije tijd, want 's avonds moet ik de administratie bijhouden. Wel probeer ik iedere dag om half elf even naar het tv-programma van Peter R. de Vries over de misdaad te kijken. In de gevangenis kwam ik in contact met jongens van de Octopus-bende die met mensen als Johan V. hebben gewerkt. Daar praat je dan over. Die zaken komen aan bod bij De Vries en ik wil dat een beetje volgen.'

Hij vertoeft meestal bij zijn vriendin in Zevenhuizen, een dorp vlakbij Rotterdam. Officieel woont Engel in Antwerpen, boven café Victoria dat zijn eigendom is. Hij had ooit plannen om een Belgische tak van zijn huizenfirma op te zetten. 'Niet aan toe gekomen', verklaart hij.

In de Millinxstraat zit een jongen op de stoep te wachten voor de bezichtiging van een benedenwoning. De buitenkant belooft al weinig goeds, want op de raamkozijnen bladdert de verf. Binnen zijn de muren geel van het vuil. Glassplinters en oude kranten liggen op het groezelige tapijt. Op het plaatsje achter het huis is het schuurtje in elkaar gezakt, de elektrische bedrading hangt los op de tegels.

Vijfhonderd gulden per maand, zo maakt de huisbaas duidelijk. De woning staat de bezoeker zichtbaar tegen. 'Hebt u een woning voor mij in een andere buurt?', informeert hij. 'Dit is ook een mooie wijk', zegt Engel. 'Mooi pleintje voor de deur.'

Als de jongen weg is, oordeelt Engel: 'Nette kerel. Maar je weet het nooit. Hij had toch wel een beetje vlekken in zijn ogen. Daaraan herken je een junk. Hoe mensen zijn, is moeilijk in te schatten. Soms lenen de keurigste jongens hun huis uit voor drugshandel.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden