De hospita die zelfs de kroonprins lik op stuk gaf

Ze had flink de wind eronder in 'haar' Leidse studentenhuis. Desnoods dreigde ze met rake klappen. Het bezorgde Rie Schild een iconische status.

Beeld RV

Ze was de laatste traditionele hospita van Nederland. Ze was gedienstig, maar had ook autoriteit. Ze poetste desnoods de schoenen van de studenten van de universiteit van Leiden die het exclusieve onderkomen aan 'Rap 110' bewoonden. Maar ze trommelde ze ook uit hun bed voor de verplichte koffie om half tien aan een gammele tafel in het kleine huiskamertje.

'Kater of niet. Desnoods gooi ik een scheut ammoniak de kamer in. Of krijgen ze klappen', zei de huishoudster van Minervahuis 't Heerenhoeckje aan de Rapenburg 110 bij haar 65-jarig jubileum in 2012 in het universiteitsblad Mare. Onbekende meisjes die ze 's ochtends aantrof wachtte hetzelfde lot. 'Dan moeten ze zich maar niet zo schandalig gedragen.'

Op 25 juli overleed ze in haar woonplaats Oegstgeest, op 94-jarige leeftijd. 'Tot begin dit jaar kwam ze nog. En dan maakte ze soms het fornuis schoon. Maar daarna kon je vanwege de overvloedige ammoniak echt geen eitje bakken', zegt huisoudste Kars Hillenius, die er al vijf jaar woont. Toen hij er net was, kwam ze nog vijf dagen per week. 'Maar ze was onvervangbaar. Ze kende alle jongens van haver tot gort.'

Rie Schild hanteerde strakke regels van wat ze wel en wat ze niet deed. Ze maakte de gemeenschappelijke kamers schoon, maar niet de privévertrekken. De studenten moesten zelf de inkopen (bier, koffie, schoonmaakmiddelen) doen en de financiën regelen. Ook moest iedereen die pannen gebruikte ze zelf afwassen. Gebeurde dat niet, dan werden ze op de kamer van de betreffende student gezet. Als dat niet hielp en de schimmel over de randen kroop, schakelde Rie de huisoudste in. 'Het zijn goede jongens, maar wel erg verwend. Je kunt merken dat ze thuis nooit wat hoeven doen', merkte ze op.

Ze werd als Rie de Groen geboren in een katholiek gezin in Voorschoten. Na de oorlog trouwde ze met Frans Schild. Hij had aan Rapenburg 90 in Leiden met zijn ouders een groentezaak, die echter al snel ten onder ging. Op Rapenburg 110 was toen nog een kleermaker gevestigd. In 1947 kwamen de eerste twee studenten er wonen en werd Rie gevraagd de schoonmaakwerkzaamheden voor hen te doen. Het aantal studenten zou uiteindelijk oplopen tot tien. Hoe langer ze bleef, hoe iconischer haar status werd. Haar beeltenis kwam in het 't Heerenhoeckje te hangen. En elke vijf jaar was er een Rie-lustrum.

Ze zag vele BN'ers aan het Rapenburg komen en gaan, onder wie de latere minister Korthals Altes en cabaretier Jaap Fischer alias Joop Visser. Frits Korthals Altes noemde ze strak en stijf: 'Maar wel een echte heer.' Jaap Fischer was 'een betweter, maar toch ook wel een goed ventje'. De huidige koning Willem-Alexander woonde wat verderop, maar kwam vaak koffiedrinken, en ook hij kreeg van haar lik op stuk.

Veel veranderde er niet in de loop van de decennia, vond ze. Vroeger zagen de studenten er meer uit als heren, met mooie colbertjes en dito pantalons. Later liepen ze er vaak flodderig bij in joggingbroeken, maar gedroegen ze zich juist keuriger. En het viel haar op dat de jongens ook zelf hadden leren koken. Dat was praktisch, want dan kon ze af en toe op vakantie. Maar eigenlijk vond ze kokende jongens niets. 'Zelf heb ik liever een man die helemaal niet kan koken. Dan merkt hij het ook niet als iets mislukt is.' Haar eigen man overleed al in 2002.

'Haar' studenten regelden de begrafenis en droegen de kist. Jaap Fischer verzorgde een samenzang. De studenten waren haar kroost, want Frans en zij hadden geen kinderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden