De hoofdrolspelers van 9/11: hoe gaat het nu met ze?

George W. Bush, Osama bin Laden, Colin Powell, maar ook brandweerman Tim Geraghty en schoomaakster Nayibe Padredin; allen speelden zij een hoofdrol op 11 september. Hoe verging het ze in de jaren na de aanslagen?

George W. Bush krijgt te horen dat een tweede vliegtuig in de tweede toren van het World Trade Center is gevlogen. Beeld ap

George W. Bush
11 september 2001 veranderde zijn presidentschap, zei George W. Bush zelf afgelopen week in een interview met televisiezender National Geographic. 'Ik ging van een president die zich vooral bezighield met binnenlandse aangelegenheden, naar een president in oorlogstijd.'

Enkele weken na 9/11 sprak Bush Amerika en de wereld toe middels een toespraak tot de leden van het Huis en de Senaat. Deze speech zou hem zijn eigen doctrine opleveren. De Bush-doctrine luidde: 'Of je staat aan onze kant, of je staat aan de kant van de terroristen.'

Bush begon in de nasleep van 9/11 aan twee oorlogen; in Afghanistan en in Irak. De eerste kon rekenen op brede steun binnen de internationale gemeenschap. De Taliban, die toen aan de macht was, zou Osama bin Laden immers onderdak verschaffen. De tweede, in Irak, was stukken controversiëler.

Over 9/11 schreef Bush uitgebreid in zijn autobiografie: Decision Points.

Over dat boek schreef Arie Elshout, correspondent van de Volkskrant: 'Het gevoel dat alle politiek persoonlijk is, komt herhaaldelijk boven bij het lezen. De aanslagen van 11 september raakten iedereen, maar bij Bush vertaalde zijn woede zich meteen in een rauwe wraakzucht. Zij sleet niet maar verhardde zich tot een missie en een agenda. Zo schreef Bush: 'Mijn bloed kookte. We zouden erachterkomen wie dit op hun geweten hadden, en ze op hun donder geven.'

Als hij in New York Ground Zero bezoekt, heeft hij het gevoel een nachtmerrie te betreden. 'Er was maar weinig licht, in de lucht hing rook, vermengd met zwevende puindeeltjes, waardoor een spookachtig grijs gordijn was ontstaan. Hoe langer ik bij de reddingswerkers was, hoe meer rauwe emoties bovenkwamen. (...) Ze wilden zeker weten dat ik net zo vastbesloten was als zij. Een man gilde: 'Stel me niet teleur!' Een andere schreeuwde me recht in het gezicht: 'Haal alles uit de kast!' De bloeddorst was tastbaar en begrijpelijk.' Die week was de sleutel tot zijn presidentschap. 'Ik wilde met hart en ziel het land beschermen, en daarvoor zou ik alles uit de kast halen.'

Dat deed hij: Afghanistan, Irak, Abu Ghraib en Guantanamo Bay. Menig besluit dat hij nam was omstreden en complex, erkent hij, maar hij wilde van geen wijken weten. Bij twijfel dacht hij terug aan de reddingswerkers die hadden geroepen 'stel me niet teleur' of zag hij weer de mensen voor zich die helse pijn leden door de brandwonden.

Na zijn presidentschap - Bush werd in 2004 herkozen - trok hij zich vooral terug in Texas. Af en toe komt hij nog in de publiciteit, zoals bij de publicatie van zijn nieuwe boek en in het interview met National Geographic. Ook bij de herdenking op Ground Zero zondag zal hij aanwezig zijn.

Dick Cheney
Dick Cheney was, in tegenstelling tot Bush, in Washington op het moment van de aanslagen. Hij werd naar de bunker onder het Witte Huis gebracht om veilig te zijn voor eventuele verdere aanvallen.

Samen met Bush was Cheney de architect van het nieuwe, agressieve beleid van de Verenigde Staten na de aanslagen. Hij is er, blijkens zijn pas verschenen memoires, van overtuigd dat hij de juiste beslissingen heeft genomen.

'Dankzij de maatregelen die ik en president George W. Bush na de aanslagen van 11 september 2001 hebben genomen, zijn er jaren geen nieuwe aanslagen op Amerikaans grondgebied geweest', schrijft hij in zijn boek, In my time.

Al bij de eerste bijeenkomst van de Nationale Veiligheidsraad na 11 september pleitte Cheney ervoor de aanval te kiezen. Gedurende de zeven jaren van vice-presidentsschap die volgden bleef Cheney bekend staan als een absolute havik binnen Washington.

En ook nu zijn tijd er al een paar jaar opzit, neemt Cheney geen gas terug. Zo staat hij nog steeds achter het gebruik van 'waterboarding' door Amerikaanse troepen. 'Het gaf ons informatie waarmee aanvallen konden worden voorkomen en die Amerikaanse levens redde.'

Osama bin Laden
Osama bin Laden was de leider van het terreurnetwerk Al-Qaeda, waarvan het al heel snel duidelijk was dat het achter de aanslagen in New York en Washington zat.

Na de aanslagen van 11 september tartte Bin Laden de Amerikanen jarenlang. Door onvindbaar te blijven, en door middels audio- en videoboodschappen regelmatig moslims op te roepen de gewapende strijd tegen de Verenigde Staten voort te zetten.

De Amerikanen dachten Bin Laden te moeten zoeken in de grotten van Tora Bora, of in het onherbergzame grensgebied van Pakistan en Afghanistan. Uiteindelijk bleek hij zich schuil te houden in een villa in de Pakistaanse stad Abottabad, niet ver van de hoofdstad Islamabad.

Daar werd hij op 2 mei van dit jaar door Amerikaanse elitetroepen gedood. Zijn lichaam werd in zee gegooid.

Rudolph Giuliani
Rudi Giuliani was de burgemeester van New York in 2001. Voor de aanslagen lag hij onder vuur, maar dat veranderde met de standvastige manier van optreden in de nasleep van de ramp die de stad trof. Hij werd razendpopulair, werd door Time uitgeroepen tot de Man van het Jaar en kreeg een hoge Britse onderscheiding.

Giuliani verscheen op 29 september 2001 in Saturday Night Live. Producer Lorne Michaels vroeg hem: 'Kunnen we grappen maken?' Zijn antwoord was: 'Waarom niet nu meteen?' Het publiek lachte, hard, bijna opgelucht. Humor mocht weer', schrijft Arie Elshout.

Aan het eind van 2001 liep zijn termijn af. Hij begon een adviesbureau, en probeerde in 2008 zijn populariteit te verzilveren door zich kandidaat te stellen voor het presidentschap van de VS namens de Republikeinen. Die kandidaatsstelling liep uit op een fiasco. Hoewel hij er goed voor stond in de peilingen kon hij het niet bolwerken tegen Mitt Romney en de latere kandidaat John McCain.

Giuliani leidt nu nog steeds het adviesbureau, dat zijn naam draagt.

Collin Powell
Powell was minister van Buitenlandse Zaken gedurende de eerste termijn van Bush. Hij stond bekend als een van de gematigdere bewindspersonen in het kabinet van Bush.

Maar ondanks zijn twijfels steunde hij later toch de inval in Irak. Het was zijn taak de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties te overtuigen van de noodzaak van een aanval op het land. Irak zou massavernietingswapens hebben en daar snel mee kunnen aanvallen. In een beroemd geworden powerpointpresentatie kwam Powell met tal van 'bewijzen' die aantoonden dat een inval noodzakelijk was.

Later bleken deze door de CIA geleverde bewijzen niet te kloppen. Daar is Powell nog steeds boos over.

In 2008 steunde hij Barack Obama als presidentskandidaat.

Tim Geraghty
Brandweerman Tim Geraghty verloor op 9/11 zijn broer, zwager en negentien naaste collega's. De brandweerman uit New York leeft welgemoed verder. 'Wat moet ik anders? Gaan liggen en huilen?'

Tim Geraghty zou zondagmorgen het liefst met zijn vrouw en dochters op een tropisch eiland willen zijn, ver van New York en de herinneringen aan 11 september 2001. In plaats daarvan zal hij vier kazernes bezoeken waar hij de brandweermannen en de nabestaanden van omgekomen brandweerlieden kent. De rest van de dag is voor het gezin. 'We gaan iets leuks doen. Ik wil mijn meiden zien glimlachen. We moeten verder.'

Als grootste brandweer van de grootste stad van de VS werd het Fire Department of New York (FDNY) tien jaar geleden zwaar getroffen: 343 brandweerlieden vonden de dood. Ter vergelijking: in de hele VS kwamen in 2010 87 brandweerlieden om. De brandweer is getekend en gevormd door die ervaring. In Amerikaanse boeken, speelfilms, televisieseries, toneelstukken en dezer dagen in talloze herdenkingsartikelen worden de brandweermannen als onwrikbare, tragische helden afgeschilderd.

Binnen de FDNY kent iedereen mensen die omkwamen of naasten verloren. De dood maakte geen onderscheid: van topcommandanten en kapelaans tot ambulancewerkers en eerstejaars brandweerlieden.

Onder de doden van 9/11 waren Geraghty's broer Eddie, zijn zwager Thomas DeAngelis, en negentien van de twintig directe collega's van zijn kazerne in het stadsdeel Queens.

Firefighters in de VS noemen elkaar 'brother'. Geraghty verloor dus 21 broeders. Dat is een schokkend aantal, zelfs in deze kringen waar dood en verlies niet ongewoon zijn - zelfs in de context van 9/11. 'Ze zeggen dat niemand méér naasten heeft verloren op die dag', vertelt Geraghty (43). 'Ik weet het niet.'

Nayibe Padredin
In de tijd na de aanslagen van 11 september maakte Nayibe Padredin kantoren rond Ground Zero schoon. Ze verwijderde dikke lagen stof, om ervoor te zorgen dat er in Lower Manhattan weer gewerkt kon worden. Na drie maanden kreeg ze last van hoestaanvallen en hoofdpijn. Ze moest soms naar lucht happen en was snel moe. Omdat ze het geld niet kon missen bleef ze aan het werk.

Honderden slecht betaalde schoonmakers en -maaksters, onder wie veel andere Spaanstalige immigranten, ploeterden met haar mee.
Nu zeggen Padredin en veel van haar collega's dat ze ziek zijn geworden van het schoonmaken zonder beschermende kleding. Ze kampen nog altijd met de gevolgen van het werken in de directe omgeving van het rampgebied en hebben het daar moeilijk mee.

Net als veel anderen die werden blootgesteld aan het stof hebben ze luchtweg- en spijsverteringsaandoeningen. Nu komt iedereen die na de aanslagen tijd heeft doorgebracht op en rond Ground Zero en dergelijke klachten heeft in aanmerking voor speciale medische zorg, maar de schoonmakers maakten daar niet allemaal direct gebruik van, uit onwetendheid of uit angst om het land te worden uitgezet. Ze vormen een vergeten groep.

Beeld afp
Beeld reuters
Beeld ap
Beeld reuters
Beeld reuters
Beeld epa
Beeld reuters
Beeld ap
Beeld ap
Beeld afp
Beeld bruno
Beeld bruno
Beeld getty
Beeld getty
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden