De holocaust der dieren

In België en Frankrijk is grote opwinding ontstaan na de reportage op de tv over wantoestanden in enige Belgische abattoirs....

door Jan Fontijn

Kort na het zien van de documentaire las ik Dierenleven (The Lives of Animals) van J.M. Coetzee. Het is een roman waarvan de hoofdpersoon, de schrijfster Elizabeth Costello, een kruistocht onderneemt tegen dierenleed, waarop haar omgeving zeer uiteenlopend reageert. De zeventigjarige vrouw neemt geen blad voor de mond. In een rede voor de universiteit van haar zoon zegt ze over dierenmishandeling onder andere: 'We zijn omgeven door een onderneming in vernedering, wreedheid en moord, die alles waartoe het Derde Rijk in staat was evenaart, sterker nog, nietig doet lijken, in die zin dat onze onderneming er een zonder einde is, zichzelf regenereert, onophoudelijk konijnen, ratten, kippen, vee ter wereld brengt met het doel ze te vermoorden.

'En de haarkloverij, de bewering dat dit geen vergelijking is, dat Treblinka bij wijze van spreken een metafysische onderneming was, uitsluitend gericht op dood en vernietiging, terwijl de vleesindustrie uiteindelijk gericht is op leven (immers, zodra de slachtoffers dood zijn, worden ze niet tot as verbrand of begraven, maar daarentegen aan stukken gesneden, ingevroren en verpakt, opdat wij ze comfortabel kunnen consumeren), biedt die slachtoffers even weinig troost als het - vergeef me de smakeloosheid van wat ik nu ga zeggen - de doden van Treblinka zou hebben geboden indien hun was gevraagd hun moordenaars te verontschuldigen omdat hun lichaamsvet nodig was om zeep van te maken en hun haar om er matrassen mee te vullen.'

Elke dag een nieuwe holocaust. In haar rede probeert ze alle radicale verschillen tussen mens en dier, zoals die eeuwenlang in filosofie, wetenschap en godsdienst aangenomen werden, te analyseren en te weerleggen. Waarom zou een levend wezen dat niet doet wat wij denken noemen, tweederangs zijn, zoals Descartes veronderstelde? Waarom is het niet hebben van een bewustzijn als de mens een legitimatie om dieren te minachten, hen af te maken? Waarom mogen onderzoekers een dier blootstellen aan de meest belachelijke experimenten? Hoe komt men op het idee, aldus Elizabeth Costello, dat het leven voor een dier minder betekent dan voor een mens? Wie dat zegt, heeft nog nooit een dier in handen gehouden dat voor zijn leven vecht.

Op de laatste pagina vraagt Elizabeth zich af of ze niet gek is. Is het mogelijk dat zo veel mensen betrokken zijn bij een misdaad van verbijsterende omvang? Waarom kan zij zichzelf niet neerleggen, vraagt ze haar zoon, bij de werkelijkheid zoals hij is? Het enige wat hij als troost aan zijn oude moeder kan zeggen is: 'Stil maar. Het duurt niet lang meer.' De dood als een verlossing, zoals de dood ook een verlossing was voor het gemartelde vee op de Belgische abattoirs.

Mijn ervaring is dat wie met andere mensen, onder wie schrijvers en intellectuelen, over dierenleed spreekt, over het algemeen vage, nietszeggende reacties krijgt. Ze staren je met nietszeggende ogen aan, kletsen wat met je mee en gaan over tot de orde van de dag. Mensen die zich opwinden over het onrecht in de wereld, de onderdrukking op grond van racisme, laten het totaal afweten wanneer je begint over onrecht, mishandeling en massamoord van de aan hen verwante zoogdieren. Het zij zo. Een verklaring voor die onverschilligheid is niet zo gemakkelijk te geven. Ik denk dat die onverschilligheid het resultaat is van wat door de filosoof Peter Singer in zijn fraaie boek Pro mens, pro dier ooit het species-gerichte denken heeft genoemd, dat wil zeggen het denken dat geheel gericht is op de eigen menselijke soort. Wat daarbuiten valt, telt niet mee, is minderwaardig. Alleen het menselijk leven is heilig.

Verder heeft de onverschilligheid volgens mij met onze godsdienstige achtergrond te maken. Soms heb ik het idee dat de woorden die Jaweh tot Adam richtte en waarmee hij hem heer en meester over de dieren maakte, nog steeds geldingsrecht lijken te hebben. Alsof we nog steeds geloven dat de mens een onsterfelijke ziel heeft en dat het dier bij het ontbreken daarvan daarom minderwaardig is! Wanneer zullen we eindelijk eens afgerekend hebben met die erfenis?

Gelukkig zijn er meer schrijvers die zich het lot der dieren bijzonder aantrekken, onder wie Canetti, Léautaud, Yourcenar en Voskuil. Kort voor zijn dood haalde Willem Frederik Hermans in een rede flink uit naar de wantoestanden bij de veetransporten. Yourcenar zou het erg toejuichen als er een Verklaring van de Rechten van het Dier zou komen, al was het alleen maar om overtreders het gevoel te geven dat ze iets slechts gedaan hadden. De wet zou moeten luiden: gij zult dieren niet doen lijden of zo weinig mogelijk. Ze hebben net als u hun rechten en waardigheid.

In haar ogen is in onze tijd - ze schreef dat in 1970 - het evenwicht tussen mens en dier totaal verstoord. Gedurende duizenden jaren heeft de mens zich het dier toegeëigend, maar er bestond wel een nauw contact tussen mens en dier, aldus Yourcenar. De ruiter hield, hoewel hij er misbruik van maakte, van zijn rijdier; de jager kende de levenswijze van het wild en 'hield' op zijn manier van de beesten waarvan hij er prat op ging dat hij ze neerschoot. Iets dergelijks had de relatie van de boer met zijn vee. Bijna niets is daar meer van over.

Léautaud nam het voor de verwaarloosde huisdieren op. Hij heeft zijn leven lang honden en katten gehad, soms meer dan twintig tegelijk. Wanneer hij een hond of kat door Parijs zag zwerven, in de steek gelaten door zijn baas of bazin, dan streek hij weer over zijn hart en nam het dier mee. Het was een ongeneeslijke passie, vond hij zelf. Bij elkaar heeft hij tijdens zijn leven minstens driehonderd katten en honderdvijftig honden gehuisvest. Hij kon het niet verdragen wanneer dieren door toedoen van de mensen leden.

Mensen die niet van dieren houden, kan en moet men niet bekeren, vond hij. Maar mensen die met dieren te maken hadden, hadden wel verplichtingen. In zijn ogen was een maatschappij niet volledig beschaafd indien men zich aan die verplichtingen onttrok. In zijn dagboek wijdt hij vele bladzijden aan zijn dierenfamilie. Hij kan er niet genoeg van krijgen. Voor Léautaud geldt zeker wat Canetti eens geschreven heeft: 'Over de dieren spreekt veel wie zich voor de mensen schaamt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden