De Hoge Veluwe blijft schietkermis voor rijke jagers

Vorige maand zond minister Van Aartsen zijn eindverslag naar de Tweede Kamer voor de nieuwe Flora- en Faunawet. Volgens Niko Koffeman kunnen de jagers gewoon hun gang blijven gaan....

NIKO KOFFEMAN

HET WAS Van Aartsen zelf die via de media liet weten: 'Ik begrijp niet waar die jagers zich zo druk over maken, in de nieuwe wet blijft 90 procent van hun jachtbuit in stand.'

Al in 1977 besloot de Tweede Kamer dat zogenaamde drijfjachten op grote hoefdieren niet meer van deze tijd zijn en dus verboden dienden te worden. Onder grote druk vanuit koninklijke- en adellijke kringen werd besloten een uitzondering te maken voor de drijfjacht op wilde zwijnen, uit oogpunt van socializing. Drijf- en drukjachten op herten, reeën en moeflons behoorden echter definitief niet meer tot de mogelijkheden.

Desondanks wees onderzoek van De Faunabescherming uit dat op de Hoge Veluwe zonder vergunning op herten wordt gejaagd waarbij de dieren met behulp van drijvers en loslopende honden in de richting van de jagers worden gedirigeerd. De directie van het park ontkent dat niet, maar spreekt van Riegeljagd, een Duitse term die vanzelfsprekend niet in onze wetgeving voorkomt. Maar die daarmee nog niet minder illegaal is.

De Hoge Veluwe vormt een omheind gebied van zo'n 5.000 hectare. De dieren die daarin leven zouden gezien moeten worden als 'gehouden' dieren en daarmee zou het park niet onder het regime van de jachtwet vallen.

Een weinig consistente redenering, omdat in dat geval de regels van de gezondheids- en welzijnswet voor dieren op het park van toepassing zijn, en het doden met de kogel geheel verboden is. Ook het schieten met hollow point munitie in voor het publiek toegankelijk gebied zonder het treffen van veiligheidsmaatregelen moet in strijd geacht worden met de Nederlandse wetgeving.

Toch wordt niet ingegrepen bij dergelijke overtredingen, sterker nog, de aanwezige functionarissen met opsporingsbevoegdheid nemen er actief aan deel. Zoals overal in Nederland worden jagers geacht zichzelf te controleren en zijn ze dierenpolitie-agent, aanklager, rechter, beul en leverancier van de poelier tegelijk.

In zijn eindverslag schrijft minister Van Aartsen: 'dieren die niet leven in voor hun aard natuurlijke omstandigheden, kunnen worden beschouwd als gehouden dieren. Van dieren die leven in omheinde gebieden niet groter dan 5.000 hectaren, zal in het algemeen gezegd kunnen worden dat zij niet leven in voor hun aard natuurlijke omstandigheden. Het is de bedoeling in dit besluit o.m te bepalen dat gehouden dieren in beginsel niet met de kogel mogen worden gedood. Alleen in uitzonderingsgevallen - indien dit voor het welzijn van het dier beter is - kan doden met de kogel worden toegestaan.'

Hierin valt een vergaande tegemoetkoming aan de hobbyjagers te ontdekken, hoewel de tekst oogt als een beperking.

Allereerst sprak de Jacht- enwildnota 1993 nog over leefgebieden met een minimale omvang van 15.000 hectare voor grote hoefdieren, waarmee de noodzaak zou ontstaan voor de Hoge Veluwe (5.000 ha) en Kroondomein (7.000 ha aaneengesloten) om via wildviaducten de fauna niet langer aan deze omheinde (jacht) gebieden te binden.

Onder druk van de terreinbeheerders heeft de minister tweederde van de oppervlaktenorm ingeleverd en nu blijkt dat 'in uitzonderingsgevallen' de hobbyjacht toegestaan blijft.

Het zijn juist dit soort 'uitzonderingsgevallen' die jagers carte blanche geven. Zoals op dit moment de knobbelzwaan niet bejaagbaar is terwijl toch elk jaar 5.000 van deze dieren geschoten worden (30 procent van de populatie), zoals reeën in principe niet bejaagbaar zijn terwijl er toch jaarlijks 10.000 afschotvergunningen op reeën worden verleend, zo zullen ook straks 'niet meer bejaagbare diersoorten' als vos, gaai, ekster en gans even massaal het loodje leggen als in de huidige wetgeving het geval is. Zelfs het doodknuppelen van pasgeboren vosjes, het bejagen van zwangere en zogende moedervossen en de zeer wrede drijfjacht op wilde zwijnen zal in de zo vriendelijk ogende Flora- en Faunawet niet worden aangepakt.

Wanneer de Tweede Kamer nu niet ingrijpt, blijven de belangen van een kleine groep jagers veel beter beschermd dan die van miljoenen in het wild levende dieren en die van miljoenen natuurliefhebbers. In die zin zou de ontmaskering van de Hoge Veluwe als schietkermis voor een select gezelschap van kapitaalkrachtige jagers, dat de regels met voeten treedt met instemming van de parkdirectie, wellicht ogen kunnen openen die totnutoe gesloten bleven.

Niko Koffeman is bestuurslid van De Faunabescherming.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden