De Grote Vrouwelijke Revolutie

De geschiedenis ondergaat een heuse geslachtsverandering, constateert RUTGER BREGMAN. Vrouwen streven mannen in razend tempo voorbij. Alleen aan de top laten ze het nog afweten. Illstratie Lumine.nl

Problemen worden vrijwel altijd veroorzaakt door mannen. Dat is geen feministische prietpraat, maar een feit dat van de grafieken, staafjes en tabellen afspat. Negen van de tien gedetineerden is man. Negen van de tien fraudeurs is man. Mannen liegen vaker, gebruiken meer drugs, gaan sneller aan de drank en zijn vaker dakloos. Oorlogen zijn veelal het gevolg van een overschot aan jonge, werkloze mannen. De financiële crisis is vrijwel geheel veroorzaakt door mannen. Hooligans, 'potenrammers' en roekeloze bankiers hebben één ding gemeen: ze willen vooral erg mannelijk zijn.


Dat is niet altijd en overal zo geweest. Mannelijk- en vrouwelijkheid zijn niet louter een kwestie van 'wij zijn ons brein'. Neem alleen al het Holland van de zeventiende eeuw, waar de helft van de misdaden door vrouwen werd gepleegd. Of denk aan de grote verschillen die ontdekkingsreizigers tussen indianen aantroffen. De ene stam beschouwde homoseksualiteit als een gruwelijk vergrijp, de andere vond het cruciaal voor de cohesie van iedere gevechtseenheid. Mannelijk- en vrouwelijkheid zijn sterk cultureel bepaald.


Deze historische eigenaardigheden zijn slechts kinderspel vergeleken met wat er nu op stapel staat: de geslachtsverandering van de geschiedenis. Noem het de Grote Vrouwelijke Revolutie. Ze vindt niet plaats op het Museumplein, of in muffe collegezaaltjes waar een enkele verdwaalde feminist nog haar obscure theorieën spuit. Nee, ze voltrekt zich in de databases van het Centraal Bureau voor de Statistiek.


Het aandeel van vrouwen in de criminaliteit neemt bijvoorbeeld al sterk toe. Toch zijn het niet zozeer de ranglijstjes van problemen waarin vrouwen zich opwerken - het zijn de ranglijstjes van succes.


In het onderwijs doen vrouwen het al structureel beter. Jongens zijn oververtegenwoordigd in het speciaal onderwijs, het vmbo en de lagere niveaus van het mbo. Op de havo en het vwo zijn ze juist in de minderheid. Aan het hbo en de universiteit studeren meisjes beter en sneller. Jongens blijven vaker zitten en stoppen vaker met hun studie. In de leeftijdscategorieën tot 45 jaar zijn vrouwen al hoger opgeleid dan mannen.


Als we het hebben over de kenniseconomie, dan hebben we het zo langzamerhand over vrouwen. De belangrijkste verklaring? 'Het opstandige gedrag en de groepsdruk onder tienerjongens, waardoor hard werken en vlijt als 'onmannelijk' worden beschouwd', aldus het Sociaal en Cultureel Planbureau.


Niet zo gek dus dat de meeste moeders nu liever een dochter dan een zoon hebben. Maar wat echt fascinerend is: dit hebben we nog nooit eerder meegemaakt. The End of Men and The Rise of Women is de samenvattende titel van het boek van Hanna Rosin, journaliste voor The Atlantic. Haar boek werd vorig jaar een geweldige bestseller, zoals de meeste bestsellers tegenwoordig door vrouwen worden geschreven.


Penisstrijd

IJsland, 2008. Na een verschrikkelijke financiële meltdown wordt de mannelijke bankentop grotendeels de laan uitgestuurd. Vrouwen nemen hun plaatsen in. Halla Tómasdóttir, de topvrouw van de enige bank die nog financieel gezond is, verkondigt het einde van de 'penisstrijd'. Vervolgens kiezen de IJslanders de eerste openlijk lesbische leider ter wereld, Jóhanna Sigurðardóttir, tot premier. Ze zweert een einde te maken aan 'het tijdperk van testosteron'.


Deze realiteit dringt steeds verder door op de westerse arbeidsmarkt. Voor het eerst sinds mannen aan het front van de Tweede Wereldoorlog vochten, vormen Amerikaanse vrouwen de meerderheid van de beroepsbevolking. Tijdens de crisis vond meer dan 80 procent van het baanverlies plaats onder mannen. In Nederland was in 1970 nog 70 procent van de beroepsbevolking man, nu nog maar iets meer dan de helft. In 2001 waren twee keer zoveel vrouwen als mannen werkloos. Dat verschil is volledig verdampt, in slechts tien jaar tijd.


De verklaring is vrij eenvoudig: er is steeds minder vraag naar spierkracht en steeds meer vraag naar denkkracht. De moderne diensteneconomie eist ook beleefdheid, empathie en dienstbaarheid - stuk voor stuk vrouwelijke talenten. Niet toevallig is sinds 2000 maar liefst driekwart van de nieuwe vacatures in de Europese Unie door vrouwen opgevuld.


Mannenbanen

De huizenbubbel, waarmee de crisis begon, was bovenal een mannelijke bubbel. Alleen al in de VS gaf hij 3 miljoen extra bouwvakkers een baan. De hardste klappen vallen nu dan ook in mannelijke sectoren als de bouw en het transport. Vrouwelijkere banen in bijvoorbeeld het onderwijs en - bovenal - de zorg zijn veel minder kwetsbaar. Terwijl mannenbanen worden geoutsourcet naar Azië of naar computerchips, komen vrouwen steeds sneller aan de bak. In de VS worden maar liefst 12 van de 15 snelst groeiende baancategorieën door vrouwen gedomineerd. Mannen kunnen zich alleen nog verheugen op een stijgende vraag naar (computer)techneuten en conciërges.


Was de huizenbubbel nog een mannelijke aangelegenheid, het Amerikaanse reddingspakket van 787 miljard dollar dat in 2009 de economie weer nieuw leven moest inblazen, was door en door vrouwelijk. Het grootste deel van het geld ging naar het onderwijs en de gezondheidszorg, niet naar de bouw en de techniek. Ronduit fascinerend is het contrast met dat andere grote reddingspakket, de New Deal van de jaren dertig. Toen werd er nog vooral in wegen, rails, bruggen en dammen geïnvesteerd. De mannelijke beroepsbevolking profiteerde.


Of laten we even teruggaan naar het Nederland van de jaren negentig. Toen was het nog 'Nederland Transportland' en 'Nederland Distributieland' te voor en te na. Nu verliezen talloze vrachtwagenchauffeurs hun baan aan Oost-Europeanen. Als het om de bouw gaat, gelooft alleen lobbybaas Elco Brinkman nog in een nieuwe bubbel. Het aantal faillissementen blijft stijgen en de bodem is nog niet in zicht. De zorg daarentegen krijgt ieder jaar meer geld en het onderwijs wordt ontzien in de bezuinigingen.


'Vrouwen kunnen nu evengoed de primaire kostwinner zijn, of misschien zelfs al vaker, dan mannen', zei Obama onlangs tegen The New York Times. En inderdaad: in de hoofdstad Washington wordt 64 procent van de gezinnen al (grotendeels) door een kostwinneres onderhouden. Toegegeven, dat is evengoed een kwestie van weglopende vaders als van emancipatie. Maar toch, in 1970 verdienden Amerikaanse vrouwen nog 2 tot 6 procent van het gezinsinkomen, nu al meer dan 40 procent. Een demograaf berekende onlangs dat vrouwen in dit tempo al in 2024 meer zullen verdienen dan mannen.


In Nederland, dat overigens een stuk hoger staat op de emancipatieranglijstjes, verdient bijna de helft van de jonge vrouwen (tot 27 jaar) meer dan hun mannelijke partner. De kinderloze vrouw die fulltime werkt verdient zelfs 2 procent meer dan de vergelijkbare man. In de laatste Emancipatiemonitor van het CBS lezen we dat vrijwel geen enkele jongere nog gelooft in het mannelijke kostwinnersmodel. Tien jaar geleden was dat nog eenderde.


Huwelijkskansen

Het zijn feiten die menig wereldbeeld overhoop halen. Toch vormen ze maar de helft van het verhaal: terwijl vrouwen in opmars zijn, dreigen de mannelijke problemen te verergeren. Werkloosheid hakt er bij mannen veel harder in dan bij vrouwen. Ze grijpen sneller naar de fles, terwijl hun huwelijkskansen het nulpunt naderen.


Een hoogopgeleide man had vroeger geen moeite met een laagopgeleide vrouw. Maar het omgekeerde blijkt nu wel het geval: slimme vrouwen willen geen ongeletterde vent. Singles zijn dan ook steeds vaker laagopgeleid en man, óf hoogopgeleid en vrouw. Terwijl het die laatsten voor de wind gaat, dreigen de eersten een bron van nog meer narigheid te worden.


Veel mannen zijn gewoon te mannelijk. Neem alleen al het antihomogeweld. Waarom slaan mannen homo's in elkaar? Omdat zij zelf christen, atheïst, moslim, laagopgeleid, jong, hetero of juist homo zijn? Nee, uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat 'potenrammers' maar één ding met elkaar gemeen hebben: ze vinden homo's niet mannelijk genoeg. Wanneer laagopgeleide hooligans, joods-christelijke militairen, slecht opgevoede Marokkanen en hoogopgeleide corpsballen een homo in elkaar slaan dan doen ze dat uit angst om zelf als onmannelijk te worden gezien.


Lehman Sisters

Zelfs het Marokkanenprobleem is een mannenprobleem. Maar liefst 65 procent van de Marokkaanse jongens in de leeftijd van 12 tot 23 jaar is een keer aangehouden. Van de meisjes is dat slechts een kwart. Niet-westerse allochtone meisjes komen vaker in aanraking met de politie dan Nederlandse meisjes, maar minder vaak dan Nederlandse jongens.


Het mannenprobleem strekt zich uit tot aan de top. 'Als Lehman Brothers wat meer Lehman Sisters was geweest, dan zou de ellende nu minder groot zijn', stelde Christine Lagarde, bazin van het Internationaal Monetair Fonds, vorig jaar nog. Er werd hartelijk om gelachen, maar de wetenschap bewijst haar gelijk.


John Coates, ex-beurshandelaar en neurowetenschapper aan de Universiteit van Cambridge heeft ontdekt dat testosteron een cruciale rol speelt in het roekeloze gedrag van bankiers. Hun hormoonspiegel schommelt mee met de stand van de beurzen. Volgens Coates zijn vrouwen immuun voor het manische en irrationale gedrag dat mannelijke beurshandelaren vertonen. Ze hebben slechts een zevende van het mannelijke testosteronniveau.


Betere beleggers

Uit tal van onderzoeken blijkt dat vrouwen betere beleggers zijn dan mannen. Ze zijn consequenter, nemen minder risico's en laten zich minder meeslepen door hun emoties. De economen Brad Barber en Terrance Odean toonden in 2001 al aan dat van alle factoren die verband hebben met roekeloos gedrag in de financiële sector (leeftijd, huwelijksstatus, inkomen, et cetera) het geslacht de beste voorspeller is.


Vrouwelijke ondernemers gaan ook minder vaak failliet. Het Nederlandse kredietbureau Graydon analyseerde onlangs nog 1.379 faillissementen. Wat bleek? In 14,6 procent van de gevallen ging het om een vrouwelijke ondernemer en in 85,4 procent om een mannelijke. En dat terwijl 25 procent van de ondernemers vrouw is - een cijfer dat snel stijgt.


Bedrijven met meer vrouwen aan de top doen het over de hele linie beter. Zo berekende het Amerikaanse onderzoeksbureau Catalyst in 2007 dat het rendement van bedrijven met meer topvrouwen maar liefst 53 procent hoger is dan door mannen gedomineerde organisaties. Kan het toeval zijn dat de IJslandse economie weer groeit als kool? Natuurlijk, hier hoeft geen sprake te zijn van een oorzakelijk verband. Maar dat verband is wel aangetoond door onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam. Ze ontdekten in een blind onderzoek dat organisaties met meer vrouwelijke leiders structureel beter presteren dan meer homogene clubs. Het effect is het grootste als 50 tot 60 procent van de top vrouw is.


Mannen en vrouwen houden elkaar scherp. En als het nu ergens aan ontbreekt dan zijn het bestuurders die elkaar scherp houden.


We moeten niet streven naar meer vrouwen aan de top omdat dit rechtvaardig zou zijn. We moeten ernaar streven omdat het beter is, voor iedereen. Voor bedrijven zou emancipatie een ander woord voor winstbejag moeten zijn. Maar ondanks het overweldigende bewijs voor de noodzaak, is positieve discriminatie van vrouwen hopeloos uit de mode. 'Je moet gewoon de beste vragen', vinden vrouwen zelf ook. Het punt is: dat zijn ze zelf.


Hoewel vrouwen aantoonbaar competenter zijn dan mannen, dringen ze nauwelijks door in hogere bestuurssferen. Er wordt heel veel positief gediscrimineerd, maar dan in het voordeel van het steeds zwakkere geslacht: de man. Het is niet de excuustruus die de top van scholenkoepels, woningbouwcorporaties en raden van toezicht domineert, het is de excuusguus. En juist nu je tierende vrouwen op de barricades zou verwachten, is het feminisme zo dood als een pier. Het vrouwelijke aandeel in de top is nog geen 10 procent en neemt maar traag toe. Overal om me heen zie ik vrouwen die denken dat het aan henzelf ligt. Ze vinden zichzelf niet mannelijk genoeg.


In werkelijkheid staat het ouderwetse old boys network hen nog in de weg. Nergens zien we dat zo goed als daar waar de meritocratie zou moeten zegevieren: aan de universiteit. De studentes laten de studenten al mijlenver achter zich. De vervolgstap naar promovenda verloopt vlekkeloos. Vrouwelijke wetenschappers van begin dertig staan net zo vaak in de top van beste onderzoekers als hun mannelijke collega's.


De kloof ontstaat pas als de kinderen al bijna het huis uit zijn en de onderzoeksters allang hebben bewezen dat ze niet gebukt gaan onder een gebrek aan ambitie: bij het hoogleraarschap. Slechts 15 procent van de prof. dr.'s is vrouw. Dat heeft niets met meritocratie te maken. Een promovenda wordt nog geselecteerd op talent; een hoogleraarschap is meer een kwestie van 'gunnen', waarbij het Y-chromosoom de belangrijkste gunfactor is.


Monomanie

We doen onszelf tekort. Of eigenlijk: vrouwen doen ons tekort. Natuurlijk, ze werken parttime, krijgen kinderen en twijfelen te veel aan zichzelf. Mannen daarentegen 'neigen meer naar monomanie, het bezeten najagen van een beperkte doelstelling', zo schreven twee (vrouwelijke) humanresourcesdeskundigen onlangs in de Volkskrant. 'De vrouw heeft te veel interesses' - als ware het een zonde. De oplossing van de experts: vrouwen moeten meer monomaan en dus meer man worden.


Het is een recept voor nog meer ellende. Zo valt de financiële crisis te beschouwen als een rechtstreeks gevolg van monomanie. Bankiers joegen bezeten één doel na zonder oog voor de ellende die ze bij anderen veroorzaakten. Als de macho's in de financiële sector nu eens parttime op zoek waren gegaan naar hun levensgevaarlijke derivaten, als ze wat meer tijd met hun kinderen hadden doorgebracht en als ze zo nu en dan aan zichzelf hadden getwijfeld (als ze, kortom, wat vrouwelijker waren geweest), dan was de schade misschien nog te overzien.


Nederland is gezegend met een hoogwaardige arbeidsmarkt voor deeltijders. Deze wordt nog grotendeels door vrouwen gedomineerd. Niet een vrouwenquotum (werkt niet, blijkt uit Noors onderzoek), maar een nivellering van de werktijd tussen de geslachten is dan ook de logische volgende stap. Het past in een trend: jonge vaders werken steeds minder, jonge moeders steeds meer. Sterker nog, de testosteronspiegel daalt bij jonge vaders. Hoe meer betrokken ze zijn bij de opvoeding, hoe minder testosteron.


Fundamentele transitie

We schrijven 2013. Voor het eerst sinds de komst van de moderne mens kunnen vrouwen de overhand krijgen. Het zou betekenen dat we ons in de meest fundamentele transitie sinds de Industriële Revolutie bevinden.


De snelheid van dit alles is ongeëvenaard. Tot 1991 mochten vrouwen binnen het huwelijk legaal worden verkracht. Tot 1956 mochten getrouwde vrouwen niet zelf een overeenkomst afsluiten. Trouwen betekende automatisch ontslag. Maar als de revolutie in dit tempo doorzet dan zullen het niet de vrouwen, maar de mannen zijn die in 2056 hun carrière vaarwel mogen zeggen zodra het ja-woord heeft geklonken.


Het ooit zo masculiene zakenblad The Economist spreekt al van 'de belangrijkste revolutie van de afgelopen vijftig jaar'. Misschien is het wel de belangrijkste revolutie van de afgelopen vijftigduizend jaar, toen homo sapiens voor het eerst begon met praten, dansen en zingen. De richting van de geschiedenis is duidelijk, ze heeft hoogstens nog een zetje nodig. Vergelijk het met Marx' visie op de proletarische revolutie: komen zou die toch wel, maar het kon geen kwaad vast wat bewustwording te kweken. 'Vrouwen aller landen...!'


En laten we ons vervolgens ontfermen over de talloze slachtoffers van de Grote Vrouwelijke Revolutie. Reken maar dat zij - al die ongehuwde, werkloze, eenzame en mislukte macho's - een boel problemen gaan veroorzaken.


Rutger Bregman (1988) is historicus, schrijver en redacteur van de Volkskrant.


LAATSTE WOORD


85 PROCENT

van alle consumptiebeslissingen in de Verenigde Staten worden gemaakt door vrouwen, zo schat de Boston Consulting Group. Wereldwijd heeft in 70 procent van de gevallen de vrouw het laatste woord. Van supermarkten en groentewinkels tot garages en elektronicawinkels - marketeers richten zich steeds meer op vrouwen.


BRONNEN


vrouwen en mannen in cijfers

Amerikaanse arbeidsmarkt: Hanna Rosin, The End of Men. And The Rise of Women (2012), U.S. Bureau of Labor Statistics.


Nederlandse arbeidsmarkt: CBS.


Oorlogen veroorzaakt door jonge mannen: Gunnar Heinsohn, Zonen grijpen de wereldmacht. Terrorisme demografisch verklaard (2008).


Criminaliteit onder (allochtone) jongens en meisjes: SCP Jaarrapport Integratie 2011.


Mannen frauderen vaker: KPMG, 2011.


Vrouwen in 17de eeuw vaker crimineel: Manon van der Heijden, Universiteit Leiden.


In 2024 verdienen Amerikaanse vrouwen meer dan mannen: Maddy Dychtwald (New York).


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden