De groene soep is nu doorzichtig

Onder het oppervlak van het Naardermeer zijn de planten en de dieren goed te zien. Ingrepen in de fauna waren nodig om het water zo helder te krijgen....

Welkom in de onderwaterwereld van het Naardermeer. Een overweldigend grijsgroene waas van licht zie je het eerst. Dan doemen triomfbogen op, stengels van waterlelies waar je tussendoor kunt zwemmen. Sluiers algenmassa slierten aan stelen van waterplanten. Aan de oever een gordijn van kaarsrecht riet. Beginnende verrotting van bladeren dient zich aan als ragfijn bruin kantwerk .

Wat ligt daar voor krop sla op de bodem? Het is de gele plomp, die boven water stevige zaaddozen maakt. Met een kneepje in mijn hand wijst onderwaterfotograaf Willem Kolvoort me op een school voorntjes. Verderop ligt een snoek stil te wachten op zijn prooi.

Wat een uitbundig leven herbergt het Naardermeer. En dan te bedenken dat de platwormen, watermijten en -wantsen, slakken en kreeftjes zich niet eens laten zien.

Na tientallen jaren van groene soep is het Naardermeer helder. Het paradepaardje van Natuurmonumenten – het Naardermeer was de eerste aankoop in 1906 – mag nu ook onder de waterspiegel gezien worden. Niet vrij toegankelijk: door veel menselijke bewegingen zou er te veel slib opwervelen van de bodem, waardoor het zicht op de waterflora en -fauna teniet wordt gedaan. Wel zijn er excursies onder begeleiding mogelijk.

Deze onderwaterwereld wil Natuurmonumenten in het jubileumjaar – ze bestaat honderd jaar – tonen aan een groepje liefhebbers. Voorzien van een koudewerend pak, zwemvliezen en snorkel verkennen die het leven onder water.

Intrigerend zijn de contrasten. De weke, rottende materie en de stevige bladeren die zich in het water ontvouwen. Opvallend is de stilte onder water totdat het lawaai van een overvliegend vliegtuig in de waterlaag doordringt.

Het Naardermeer zag er vorige eeuw uit als een bak groene soep. Maar sinds lagen fosfaatrijk slib van de bodem zijn geschraapt (vijfhonderdduizend kuub) en een waterzuiveringsinstallatie hoge toeren maakt, is het doorzicht beter.

Maar net als in andere ondiepe meren in Nederland zijn deze maatregelen maar een deel van het verhaal. De crux is dat ook een groot deel van de vis die de bodem omwoelt en de watervlooien opeet, wordt verwijderd. Watervlooien eten algen en algen zijn vaak de oorzaak van troebel water.

Harry Hosper, hoofd van de afdeling ecologie van Rijkswaterstaat in Lelystad, heeft met aquatische deskundigen ontdekt hoe zoet water kan omslaan van helder naar troebel. En daarmee is ook uitgedokterd hoe het omgekeerde proces werkt. Hosper ging al in de jaren tachtig naar de VS waar experimenten werden gedaan om meren doorzichtig te krijgen. Soms werd alle vis met gif gedood. Dat hielp. Deze methode zal in Nederland niet gauw toegepast worden, maar het zette wel aan het denken, zegt Hosper.

Aanvankelijk wees alles erop dat met het terugdringen van de fosfaatbelasting van het water de ellende van de algensoep tot het verleden zou behoren. Maar wat bleek? Nadat de wasmiddelen na lange strijd fosfaatvrij waren geworden, de landbouw minder fosfaat mocht gebruiken, de waterzuiveringsinstallaties defosfateerden en sommige meren met schoon water waren doorgespoeld, bleef het algenprobleem. De meren werden nauwelijks helderder.

Studie wees uit dat de verklaring deels in de buffercapaciteit van de waterbodems lag, schrijven prof. dr. Marten Scheffer en drs. Jan Cuppen in hun dit jaar verschenen boek Vijver, sloot en plas.

Bloei

Fosfaten zijn belangrijke voedingsstoffen bij de eutrofiëring, de algenbloei, van meren. De fosfaten binden zich aan bodemdeeltjes. Als gevolg daarvan was een groot deel van de fosfaten waaraan de meren in Nederland in de loop der jaren waren blootgesteld, in het bodemslib gaan zitten.

Toen de kwaliteit van het toegevoerde water verbeterde, begonnen de bodems hun enorme buffervoorraad aan fosfaat geleidelijk vrij te geven. Deze interne belasting van het water was zo groot dat de fosfaatconcentraties in de meren ondanks de redelijk opgeknapte invoer maar weinig afnamen. Zelfs toen na lange tijd de bodems goeddeels waren uitgebaggerd, knapten de meren nauwelijks op.

Die impasse werd doorbroken toen biologen zich de vraag stelden wat er zou gebeuren als een groot deel van de vis uit het water werd gehaald. Deze gedachte kwam niet uit de lucht vallen. Kwekers van zoetwatervis in Tsjechoslowakije hadden beschreven hoe de helderheid van water telkens toenam als de vis uit de kweekvijvers was geoogst. In Nederland werd dat in proefvijvers ook uitgeprobeerd en toen dat werkte, werden enkele meertjes van de bulk van de vis ontdaan.

De resultaten waren spectaculair, het water werd glashelder, zoals bleek in de Veluwerandmeren. Door drastische uitdunning van de visstand stijgt de consumptie van algen door watervlooien en neemt de bodemwoeling door vis af.

Het water wordt helderder zodat waterplanten weer kunnen groeien – het zonlicht kan nu tot de planten doordringen. Er moet eenmalig minstens 75 procent van de vis worden verwijderd om het water helder te krijgen.

Ook die waterplanten bevorderen de helderheid. Watervlooien vinden er een schuilplaats, waar de vissen ze minder gemakkelijk kunnen vangen. ' s Nachts, als de vissen de vlooien niet kunnen zien, komen ze uit hun schuilplaats naar boven en gaan ze filterend hun voedsel verzamelen om zodoende het water verder te verhelderen.

Dit recept wordt veel gebruikt bij het schoonmaken van meren. Bij de uitvoering stuiten beheerders echter op problemen. Een waterschap kan niet zomaar vis wegvangen als sport-en beroepsvissers daar hun visrechten hebben. Die conflicterende belangen lijken nu beslecht te worden in het voordeel van de waterschappen. In de Europese Kaderrichtlijn Water staat dat waterbeheerders de visstand in de gaten moeten houden.

In het Naardermeer staan de waterplanten voorop en worden bovenmaatse snoek en brasem verwijderd. Het heldere Naardermeer is nu het voorbeeld voor menig ander meer in Nederland.

Bioloog Albert Beintema, schrijver van het boek Het begon met het Naardermeer, heeft zijn twijfels. 'Hoe natuurlijk is het Naardermeer nog met al dat geknoei met het water, vooral met dat chemisch gezuiverde water dat aan de ene kant prachtig helder is, maar aan de andere kant soms een wat wereldvreemde, blauwgrijze chemische waas vertoont? Goed voor de planten? Zit er nu minder vis en zijn er daarom minder futen? Eigenlijk is het Naardermeer in die visie een aquarium waaraan alleen het bellenpompje ontbreekt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden