De geschiedenis klopt aan de deur

Sovjetleider Michail Gorbatsjov groef met zijn perestrojka het graf voor de DDR. Hij zag met eigen ogen de protestoptocht in Berlijn en besefte: ‘Dit is het einde.’..

Door Arie Elshout en  Bert Lanting

‘Ik heb de Muur niet gebouwd en ik heb hem ook niet afgebroken’, zegt voormalig Sovjet-leider Michail Gorbatsjov nog voordat het gesprek over de val van de Berlijnse Muur begonnen is. ‘De Duitsers zelf hebben de Muur laten omvallen.’

De 78-jarige voormalige Sovjet-president zit ontspannen in coltrui en spijkerbroek in de Royal Suite van het Amstel Hotel. Over een uurtje moet hij door, op weg naar Moskou en dan weer verder naar Berlijn, voor een reünie met de andere hoofdrolspelers bij de val van de Muur: de vroegere bondskanselier Helmut Kohl en George Bush sr., destijds president van de Verenigde Staten.

Er was een tijd dat Kohl Gorbatsjov liever niet wilde zien: toen diens rivaal Boris Jeltsin de grote man in het Kremlin was. ‘Kohl is een echte Realpolitiker’, zegt Gorbatsjov met een brede grijns. Maar in het jaar voor de Muur viel, stond de Duitse bondskanselier te trappelen om de gangmaker achter de hervormingen in de Sovjet-Unie in Bonn te ontvangen. Volgens Gorbatsjov voelde Kohl zich gepasseerd, toen hij met Bush en diens voorganger Ronald Reagan de ene na de andere doorbraak forceerde.

Gorbatsjov: ‘De Duitsers voelden zich vernederd. Een afgezant van Kohl kwam in 1988 naar Moskou en zei tegen mij: ‘Iedere keer als u naar het Westen gaat, slaat u West-Duitsland over. Als u ons nog eens overslaat, wanneer u Europa bezoekt, zou dat een ramp zijn.’ Ik denk dat ze gelijk hadden: de Duitsers hebben zoveel doorstaan. Ik ben toen in 1989 naar West-Duitsland gegaan. Dat was een heel belangrijk bezoek: het kwam neer op een normalisatie van onze betrekkingen. Helmut Kohl zat te veel vast aan het Amerikaanse beleid. Hij had geen vertrouwen in onze plannen om te democratiseren. Hij zei zelfs dat je in Duitsland ook van die praatjesmakers had gehad. Dat hebben we natuurlijk niet vergeten, maar hij heeft zich er later voor verontschuldigd.

‘Later, nadat al die veranderingen waren gebeurd en zich in het hart van Europa opeens een half-verdeeld Duitsland bevond, lieten de Duitsers hun karakter zien. Zij lieten weten dat zij niets voelden voor dat trage tempo en die voorzichtigheid, en ook niets voor een confederatie of zo. Nee, ze wilden volledige hereniging, op korte termijn. Dat was belangrijk. Politici komen en gaan, maar Duitsers zijn altijd serieus en solide. Dat hebben ze ook na hun nederlaag in de Tweede Wereldoorlog getoond. Ze zijn een natie die zich weer kan oprichten. Daar ging het om.

‘Al het andere zijn alleen maar details: waar iemand was, of die sliep, aan het drinken was en zo, is niet belangrijk. Ik weet dat jullie willen vragen: waar was u, toen de Muur viel?’

Precies, waar was u?

‘Ik was thuis, in bed. Ik lag te slapen.’

Hebben ze het u dan niet verteld?

‘Natuurlijk wel. De volgende ochtend, toen ik wakker werd. Ik werd iedere ochtend op de hoogte gebracht van wat er gebeurd was.’

Had u de val van de Muur zien aankomen?

‘Ja, natuurlijk. Toen ik dat najaar in Oost-Berlijn was voor de veertigste verjaardag van de DDR, had ik met mijn eigen ogen gezien wat er aan de hand was. Ik zag die demonstraties en protestoptocht. Mieczyslaw Rakowski, destijds de Poolse leider, stond vlak bij mij op het podium en zei: Michail Sergejevitsj, hoort u wat ze roepen? Begrijpt u die leuzen? Ik zei: natuurlijk begrijp ik wat ze roepen. Ik spreek niet goed Duits, maar ik versta er genoeg van om te begrijpen wat ze riepen. Rakowski zei tegen mij: maar dit betekent het einde! Toen zei ik: ja, dit is het einde.

‘De Oost-Duitse partijleider Erich Honecker stond naast mij, maar hij leek in een opperbest humeur. Maar ja, hij was geen domme man. Hij begreep natuurlijk best wat er aan de hand was, maar hij probeerde zich groot te houden. De DDR was in het Oostblok een van de meest ontwikkelde landen en jammer genoeg dacht Honecker dat hij alles goed had gedaan. Als hij net als wij hervormingen begonnen was, denk ik dat het allemaal heel anders zou zijn verlopen. Dan zou de hereniging van Duitsland stap voor stap verlopen zijn. Maar hoe dan ook was het onvermijdelijk dat die hereniging zou plaatsvinden.

‘De uiteindelijke ondertekening van die verdragen zette definitief een punt achter de Koude Oorlog.’

Maar uw collega’s in het Sovjet-Politbureau, wat vonden die ervan?

‘Als die het er niet mee eens waren geweest, zou het nooit gebeurd zijn. Na de val van de Muur hebben we die kwestie uiteraard besproken in het Politbureau, maar iedereen was het ermee eens dat we moesten doorgaan met de veranderingen. De geschiedenis klopte aan onze deur.

‘Het belangrijkste was dat de Duitsers zelf, zowel in West- als in Oost-Duitsland, eind 1989 en begin 1990 voortdurend de straat op gingen om hereniging te eisen. Bovendien hadden de Duitsers en de Russen zich tegen die tijd met elkaar verzoend. Of ik er nou had gezeten of iemand anders, de hereniging zou hoe dan ook hebben plaatsgevonden.’

Maar was er in de Sovjet-leiding geen verzet tegen het snelle tempo van de hereniging?

‘Natuurlijk werd daarover gediscussieerd, maar uiteindelijk waren we het erover eens dat er een oplossing gevonden moest worden voor de kwestie van de hereniging en dat de tijd daarvoor rijp was. Daarover dachten onze westerse vrienden wel anders. Zij hadden veel minder haast. Mitterrand zei dat hij zoveel van Duitsland hield dat hij het liefst twee Duitslanden had. Thatcher was helemaal tegen. ‘Laat ze maar rustig achter die Muur blijven’, zei ze. Ze vond de Muur wel goed. Zij maakte zich zorgen over de opkomst van een sterk, machtig Duitsland in het hart van Europa. Dat zou voor iedereen gevolgen hebben, waarschuwde ze. Dat was ook zo, maar toch hebben we het niet verhinderd.

‘Natuurlijk, als er geen perestrojka was geweest, geen nieuw denken en geen hervormingen, dan zou de hereniging niet hebben plaatsgevonden.

‘Sommigen willen niet erkennen dat de gebeurtenissen in de Sovjet-Unie de doorslag hebben gegeven, maar zo is het wel.’

Toch heeft Reagan steeds de indruk gewekt dat hij het was die de Muur heeft omgetrokken.

‘Ach, er komt binnenkort een boek uit van de toenmalige Amerikaanse ambassadeur in Moskou, Jack Matlock, die ook het belang van de gebeurtenissen bij ons erkent. Maar jullie journalisten zijn altijd uit op onenigheid en ruzies! Zie je wel: jullie beginnen meteen te lachen. Jullie houden daarvan! Maar onze taak is tegenstellingen en bloedvergieten te vermijden.’

Maar heeft Mitterrand u nooit gevraagd om de hereniging tegen te houden?

‘Hij niet rechtstreeks, maar Thatcher wel! Zij heeft er nooit een geheim van gemaakt dat ze tegen de hereniging was. Maar daar heb ik respect voor. Dat was haar opvatting: zij wilde duidelijk maken dat er haken en ogen aan zaten. Maar wij vonden dat de tijd gekomen was. Het was zover.’

Waarom heeft u niet geëist dat Duitsland uit de NAVO zou gaan als voorwaarde voor hereniging?

‘Dat heb ik ook geëist. Maar ziet u, zo gaat dat in de politiek. Wij hadden onze principes, maar het was allemaal heel gecompliceerd. Nadat ik tot partijleider gekozen was, hadden we een vergadering met de leiders van de Warschaupactlanden. Ik zei toen: laten we het voortaan zo aanpakken als wij steeds hebben beloofd. Jullie nemen zelf jullie beslissingen en dragen daar dan ook de verantwoordelijkheid voor. Wij zullen ons daar niet mee bemoeien.

‘Natuurlijk geloofden ze ons niet, want tot dan tot was het heel anders gegaan. Maar toch hebben we ons daaraan gehouden. Sommige landen, zoals de DDR en Roemenië, wilden dat we zouden ingrijpen, maar dat hebben we nooit gedaan. Onze troepen hadden een andere taak. Kunt u zich voorstellen wat er zou zijn gebeurd als we die troepen in beweging hadden gezet? Bij elkaar hadden we een half miljoen soldaten en dan nog tot de tanden bewapend ook, zelfs met kernwapens! Dat had wel eens het begin van de Derde Wereldoorlog kunnen worden! De prijs zou enorm hoog geweest zijn.’

Maar achteraf probeerden uw tegenstanders in de Sovjet-leiding u te straffen voor dat alles, door een coup tegen u te plegen.

‘Nee, dat begon allemaal veel eerder. Dat begon met de perestrojka, de partijconferenties en later met de verkiezingen. In 1988 ontstond er een kloof in de partijleiding en toen we in 1989 de eerste verkiezingen hielden, heerste er in het Politbureau paniek. Paniek, terwijl 84 procent van de afgevaardigden die in het parlement gekozen werden, communist was. Er waren honderden kandidaten, maar toch kozen de mensen merendeels communisten. Er werden misschien zo’n dertig partijsecretarissen weggestemd, maar dat was voor de helft van het politburo reden om in paniek te raken. Ik zei: ‘Jullie moeten blij zijn: ruim tachtig procent is communist.’ Toen zei een van hen: ‘Ja, maar wat zijn dat voor communisten?’ En ik zei terug: ‘Dus het moeten jouw soort communisten zijn?’

Maar heeft u nooit overwogen uit de communistische partij te stappen en zelf een partij te beginnen, zodat u het verzet kon omzeilen?

‘Ik denk dat er nooit iets van de hervormingen zou zijn gekomen als ik niet de leider van de partij was geweest. Bij ons beginnen veranderingen alleen maar van bovenaf. De komst van de generatie van de jaren zestig, de mensen die na het twintigste partijcongres (waarop partijleider Chroesjtsjov de misdaden van Sovjet-dictator Stalin aan de kaak stelde, red.) actief werden in de partij, was doorslaggevend. Vervolgens brak er een strijd uit in de partijleiding. Iedere stap vooruit kostte enorm veel moeite. Op allerlei bijeenkomsten probeerden ze van mij af te komen als partijleider. En toen hun dat niet lukte, hebben ze die coup gepleegd. Ze konden me niet langs de legale weg afzetten, dus hebben ze het op illegale wijze geprobeerd.’

‘Ik vraag me vaak af hoe we erin geslaagd zijn de perestrojka zo ver voort te zetten dat er geen weg meer terug was. Ook daarna gingen de veranderingen door, alleen langzaam. Dat is iets wat onze vrienden in het Westen vaak niet begrijpen. Jullie denken: je maakt de augurken vandaag in en morgen zijn ze klaar. Maar zo gaat het niet. Dat soort dingen kost tijd.

‘We hebben nu net lokale verkiezingen gehad en opnieuw was er discussie over het electorale systeem en over beïnvloeding van de verkiezingen. Ik begrijp dat ze stabiliteit willen, maar het is heel belangrijk het democratische systeem verder te ontwikkelen en garanties in te bouwen voor eerlijke verkiezingen. Ik wil alleen maar zeggen dat democratie nog steeds een heel belangrijke kwestie is in ons land.’

‘De Amerikanen hebben er 200 jaar over gedaan om hun democratie op te bouwen en zij verwachtten dat wij het in 200 dagen zouden doen. Wij zijn meer getalentteerd dan de Amerikanen, maar toch iets minder dan zij denken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden