De generatie Schone Handen

Jonge, ontwikkelde Afghanen lopen zich warm om het land te gaan leiden: vóór democratie en vrouwenrechten, tegen etnisch denken en terrorisme. Op bezoek in een Kabul zonder baarden en boerka's.

Baarden weg, de gladde kinnen komen eraan. Een nieuwe generatie in Afghanistan maakt zich op om het roer over te nemen. Goed opgeleid, ambitieus en met een afkeer van 'oude politiek': krijgsheren, patronagenetwerken en etnische rivaliteit.


Je zou ze de eerste naoorlogse generatie kunnen noemen, of in ieder geval de eerste generatie zonder bloed aan de handen. 'We hebben veel geweld gezien. Maar als slachtoffers, niet als daders', zegt Sonia Eqbal (33), voorzitter van een van de nieuwe groepen waarin jonge Afghanen hun politiek idealisme botvieren.


'Afghanistan Forward', heten ze bijvoorbeeld, of 'A3'. Een groep jonge vrouwen noemt zich simpelweg 'Nieuwe Generatie'. De meest aan de weg timmerende beweging, die van Eqbal, heet '1400'.


Uit bovenstaande groep individuen, zo stelt het United States Institute of Peace (USIP) in een rapport over het veelbelovende fenomeen van de schone-handengeneratie, 'zou bij de verkiezingen in 2019 wel eens een sterke presidentskandidaat kunnen voortkomen'.


Afghanistan heeft een extreem jonge bevolking: bijna 70 procent van de Afghanen is jonger dan 25 jaar. Maar de lijst van lieden die op 5 april deelnamen aan de presidentsverkiezingen stemt nog moedeloos: allemaal mannen die groot zijn geworden in de bloedigste episodes van het land, vanaf de communistische machtsovername in 1979 tot de val van de Taliban in 2001.


Op de plaatjes in dit geschiedenisboek zien we ontploffende landmijnen, opiumvelden, elkaar bestrijdende warlords, corruptie, steniging van vrouwen, stadswijken in puin. Voor zover sprake is van een 'politiek systeem', bestond dat uit patronagenetwerken langs etnische lijnen, met sterke mannen aan het hoofd.


Het 12-jarig presidentschap van Hamid Karzai heeft daaraan niet bepaald een eind gemaakt. Zelfs de keurige oogarts dr. Abdullah Abdullah, met 44 procent de koploper in de race om het presidentschap, is met het systeem vergroeid. Ooit was hij de rechterhand van de legendarische mujahedincommandant Ahmad Shah Massoud.


Toch hebben de jongerengroepen zich vol passie ingezet voor het welslagen van deze presidentsverkiezingen. Voor hen is democratie de enige beschaafde route uit het moeras. 'Daarom hebben wij de campagne 'Promise to vote' gevoerd', zegt Mirweis Azizi (33) van Afghanistan Forward. 'We hebben mensen een belofte laten tekenen dat ze zouden stemmen, ondanks de dreiging van geweld door de Taliban.'

Rapperspodia

We zitten met Azizi aan de cappuccino in winkelcentrum City Walk, een van de plekken in Kabul die bewijzen dat Afghanistan uit meer bestaat dan baarden, boerka's en kalasjnikovs. Jeugdige oases van optimisme zijn het, de sportclubs, de kunstenaarscollectieven, de rapperspodia, de talkshows op de vele tv-zenders (waarvan de beste in handen zijn van de nieuwe generatie). Ook op internet is de energie zichtbaar.


Het program van de jongeren luidt, samengevat: vóór democratie en vrouwenrechten, tegen etnisch denken en terrorisme. Ter bestrijding van dat laatste hebben ze hun hoop gevestigd op de Afghaanse strijdkrachten, die er binnenkort - als de ISAF-troepenmacht weg is - grotendeels alleen voor staan. De 1400-groep verspreidde duizenden posters van een gewonde soldaat, Afghanistan Forward gaat boompjes planten, voor elke dode soldaat één.


Azizi verpersoonlijkt nog een tendens: die van Afghanen met ervaring in de diaspora. Honderdduizenden families zijn op enig moment in die bloedige historie hun land ontvlucht. De kinderen profiteerden daarvan door - terwijl in eigen land het onderwijs op z'n gat lag - naar school en naar de universiteit te gaan, in Europa en de VS, maar ook in Pakistan en Iran.


Na 2001 keerden zij massaal terug en bezorgden het uitgeputte land in één keer een talentvol en wereldwijs toekomstig kader. 'Wij kwamen terug met allerlei goede ideeën', zegt Azizi. 'We hebben het onderwijs en de gezondheidszorg in het Westen leren kennen. Wij weten: zo kan het dus ook.'


Azizi kwam in 1997 naar Nederland en studeerde industriële economie aan The Hague University. Zijn gezin woont nog in Nederland, maar zijn werk heeft hij in Afghanistan, als zakenman en adviseur van het ministerie van Financiën.


Maar minister van Financiën, dat zit er vooralsnog niet in. De oorlogsgeneratie houdt koppig vast aan haar posities, zo blijkt uit het onderzoek van USIP, dat 160 maatschappelijk actieve jongeren in het hele land interviewde. Ondanks alle nieuwe energie raakt de jeugd verstrikt in de oude netwerken, vooral buiten Kabul. 'Deze leiders hebben, met hun patronagesystemen, geen enkele prikkel om de macht over hun zorgvuldig opgebouwde keizerrijken over te dragen aan een jongere generatie', aldus het rapport.


Kanishka Nawabi (37) van de denktank CPAU herinnert zich hoe dat twaalf jaar geleden ging, nadat de Amerikanen het Talibanbewind hadden verjaagd. 'De oude garde maakte de jongeren belachelijk. Ze werden 'leraren Engels' genoemd, omdat ze Engels spraken. Of 'typistes', omdat ze met computers konden omgaan.'


Uitgelachen worden de jonge honden niet meer, daarvoor zijn ze te onmisbaar. 'We worden wel 'leiders van de toekomst' genoemd', zegt Sonia Eqbal. 'Maar eigenlijk doen we nu al al het werk.' Dat wil zeggen: het werk ónder het glazen plafond.

Radicalisering

De onderzoekers van USIP plaatsen in hun rapport nog een forse kanttekening. Het jeugdig activisme in Afghanistan bestaat uit meer dan de mediagenieke, kosmopolitische voorhoede in Kabul. De kloof tussen stad en platteland bestaat ook hier. Conservatieve islamitische organisaties opereren meer onder de radar, maar zijn in ledental groter dan clubs als 1400. Bovendien kan de koppigheid van de oude garde leiden tot 'desillusie en radicalisering' onder jongeren.


Eén kans om de nieuwe generatie een aandeel te geven in het bestuur is al gemist, zegt Nawabi. Dat was na het aantreden van Hamid Karzai als president. 'Hij heeft in 2005 de technocraten laten vallen en gekozen voor het traditioneel leiderschap - de clans en de etnische netwerken. De nieuwe man zal voor dezelfde keus komen te staan.'


Na de tweede stemronde van 7 juni zal bekend zijn wie president wordt, Abdullah Abdullah of Ashraf Ghani. De verkiezingen worden ook een keus tussen twee generaties.


'Abdullah is de man van de status quo', zegt Nawabi. 'Met hem blijft alles zoals het was.' Ashraf Ghani daarentegen mag dan ouder zijn (hij is 65, Abdullah 53), hij is niet vergiftigd door het oorlogsverleden. Terwijl zijn landgenoten elkaar in de jaren tachtig en negentig te lijf gingen, werkte Ghani in de VS aan universiteiten en bij de Wereldbank. Een ware technocraat. Nawabi: 'Hij zal zich omringen met jonge gelijkgezinden.'


Minpuntje: vicepresident wordt dan Ghani's running mate, Abdul Rashid Dostum, clanleider van de Oezbeken en berucht commandant uit de Afghaanse burgeroorlog. Pluspuntje: als enige warlord tot nu toe heeft Dostum spijt betuigd over zijn zonden.

HET OPTIMISTISCHE GEZICHT VAN EEN GETEKEND LAND

De dag na de presidentsverkiezingen in Afghanistan is SOnia Eqbal nog een beetje hyPer van enThousIasMe. Het IS allemaal verrassend vreedzaam verlopen, veel meer mensen zijn gaan sTemmen dan was gevreesd. Een hoopgevend begIn van de veel beSproken 'transitie', de overgang naar een Afghanistan zonder president Hamid Karzai en zonder internationale troepenmaCHt.


'Dit is niEt zomaar stemmen, dit is nee zeGgEn tegen terrorisme, nee tegen de Taliban, nee tegen een terugkeer naar vroeger', Zegt de voorzItter van jongerenbeweging 1400.


Haar optimisme kan misplaatst lijken, voor wie van een afstand naar Afghanistan kijkt, maar dat het bestáát is op ziCH al een majeur feiT. Het optimisme klinkt ook door in de naam VAN haar organisatiE, hEt jaartal op de Perzische kaleNder dat we kennen als 2019. Het nieuwe AfGhanistan bEginT dan hopElijK vorm tE krijgeN.


De zinnen vLoeien hAar weldoordacht de moND uit. 'Verantwoordelijkheid' is een woord dat telkens klinkt - die voor 's lands toekomst. De 33-jarige Eqbal, tevens CEO van Pahna Consultancy, is het volmaakte tegendeel van de zwijgende, in boerka gekooide vrouwen die óók het beeld van Afghanistan bepalen. Zijn we hier, in het Pahna-kantoor in Kabul, wellicht in gesprek met een toekomstige Afghaanse president?


Eqbal glimlacht, ze zegt geen ja.

Schuilen

Maar inderdaad, ze heeft ambitie voor een rol in de politiek. Welke, dat zal de toekomst leren. Vaststaat dat een nieuwe generatie in Afghanistan zich klaar maakt om het roer over te nemen. Een die, anders dan de vorige, onderwijs heeft genoten, vertrouwd is met het wereldwijde web, minder belang hecht aan etnische banden. Zelf is Eqbal Tadjiek, haar man is Hazara; kinderen heeft het paar niet.


Bovendien is de 1400-generatie de eerste die in de Afghaanse oorlogen geen vuile handen heeft gemaakt. 'We hebben over de wreedheden gehoord van onze ouders, maar we hebben als kind ook veel met eigen ogen gezien. De bombardementen bij onze school, begin jaren negentig. We moesten schuilen in de kelder.'


In 1994 vluchtte het gezin Eqbal naar Pakistan. In de Talibanjaren keerde tiener Sonia soms terug naar Kabul voor familiebezoek. Van onder haar boerka maakte ze de gekte mee van het Talibanbewind. 'Op de markt riep mijn schoonzusje ineens 'rennen!' Een Talibanbrigade kwam eraan en begon vrouwen te slaan, omdat ze hun sokken zagen. Of zomaar. Een verschrikkelijke tijd.'


Zij was het enige meisje in een gezin met een handvol broers en weldenkende ouders. 'Alle hoop die zij hadden voor hun dochters, hebben ze in mij geïnvesteerd.'


Met een beurs studeerde ze internationale betrekkingen in de VS, later in Engeland. Altijd heen en weer reizen, zich vestigen deed ze niet. Het was na 9/11 en 'ik wilde geen minuut missen van wat hier gebeurde'.


Leeft onder de jongeren niet een gevoel van verwijt jegens de vorige generaties, die er zo'n puinhoop van hebben gemaakt? Jazeker, zegt Eqbal. 'Natuurlijk zijn we boos over alle misdaden, natuurlijk dragen de ouderen schuld. Al het geweld, het kan niet zomaar worden vergeten, de geschiedenis kan niet worden weggepoetst. Maar we moeten verder, en we verwachten ook van de ouderen dat ze de schade herstellen.'


Je zou daaruit kunnen opmaken dat de burgeroorlog voorbij is, maar dat is geenszins het geval. Het aantal slachtoffers stijgt gestaag. Mogelijk slaan de Taliban toe als de Amerikanen weg zijn. Moet ook de nieuwe generatie straks vuile handen maken?


Eqbal toont zich niet blind voor het risico, maar ze kan het probleem in zekere zin uitbesteden aan een instantie die er niet was in de tijd dat Afghanistan bestond uit elkaar bestrijdende milities: een leger en een politiemacht. Die zijn 350 duizend man sterk en steeds beter getraind.


Het is opmerkelijk hoe vaak de 1400-voorzitter de lof zingt van 's lands geüniformeerden. Leger en politie 'doen echt heel erg hun best', en vormen 'een van onze grootste verworvenheden', zegt ze. Twee weken geleden heeft 1400 bloed ingezameld voor leger en politie. 'We zijn trots op onze nationale strijdkrachten.'


Net zo goed was het 'een grote overwinning' dat het leger voor een grotendeels vreedzame verkiezingsdag heeft gezorgd. Een opkikker voor het zelfvertrouwen van de Afghanen. 'Eerst dachten we: hoe moet dat, zonder buitenlandse hulp, zoals bij de vorige verkiezingen, zonder adviseurs, zonder buitenlandse troepen? Maar we konden het wel degelijk zelf. Veel beter zelfs dan in 2009!'

Verworvenheden

Eqbal vertrouwt erop - anders dan menige Afghanistan-kenner - dat het Afghaanse leger ook het Taliban-probleem kan oplossen, al geeft ze de voorkeur aan vrede door praten. 'Maar geen vrede ten koste van wat we sinds 2002 hebben bereikt. Afghanistan heeft een grondwet die voor elke burger geldt, ook voor de Taliban. Allemaal moeten ze de verworvenheden accepteren. Het onderwijs, de vrouwenrechten. Ze zullen vrede moeten sluiten met het nieuwe Afghanistan. Als ze daar deel van willen uitmaken, uitstekend. Zo niet, dan hebben we geen andere optie dan de strijd voort te zetten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden