'De gemiddelde politieman is nog heel conservatief'

Als de politie een kroeg moet leegruimen, kan dat het beste door vrouwelijke agenten. Dan wordt het nog leuk ook, vinden drie vrouwen van de politie Haaglanden....

Van onze verslaggeefster

Aukje van Roessel

DEN HAAG

Korpschef J. Brand van de politie Haaglanden installeerde begin deze week tien nieuwe agenten, onder wie vijf vrouwen. Hiermee is het aantal vrouwen gekomen op duizend. Het korps telt bijna vierduizend koppen. Haaglanden is daarmee het politiekorps met de meeste vrouwen. Maar is het daarmee ook een vrouwvriendelijk korps?

Volgens Brand valt er nog wel iets te verbeteren. In zijn toespraak tot de nieuwkomers zei hij over het accepteren van vrouwen en allochtonen: 'Als het gaat om minderheden houden collega's nog vast aan twijfels over de geschiktheid van de ander, praten zij in negatieve

stereotypen over hem of haar, en stellen zij zich terughoudend op of voelen zij zelfs onzekerheid of angst.'

Die opmerking van Brand herkent rechercheur M. Ankersmit. Maar eigenlijk alleen sinds zij carrière maakt in de organisatie. 'Bij de gewone surveillancedienst was het vrouw zijn nooit een probleem. Vijf vrouwen op een ploeg van zeven, dat is heel gewoon hier. Maar nu, op een hoger niveau, laten ze me toch weer eerst merken dat ik een vrouw ben. Ik moet er weer moeite voor doen om inhoudelijk serieus te worden genomen.'

Volgens Ankersmit moeten politievrouwen die hogerop willen opnieuw de weerstanden overwinnen die op het niveau van agent al overwonnen zijn. 'En elke vrouw moet zichzelf dan weer afvragen: wil ik die strijd aangaan? Houd ik dat vol?'

Haar collega, agent C. van Leeuwen, herkent dat beeld. 'De mannen die al vijftien tot twintig jaar bij het korps zitten, hebben nog wel zo'n cowboy-sfeer om zich heen. Die steunen de vrouwen niet. Ze kunnen het niet goed verkroppen als ze leiding krijgen van een vrouw. De gemiddelde man binnen de politie vind ik heel conservatief. Dat merk je vooral als ze vertellen hoe het er bij hen thuis toe gaat.'

Volgens Ankersmit is in deeltijd werken bij de politie nog niet makkelijk. 'Formeel kan het wel, maar verder wordt het je niet echt mogelijk gemaakt.' Twee vrouwen die samen in deeltijd ploegchef waren, kregen veel commentaar. 'Ze moesten zich altijd verdedigen', weet Van Leeuwen.

Het ouderschapsverlof voor mannen zou daarin verandering kunnen brengen. 'Tot nu toe merkten mannen vaak pas als ze grootvader zijn, hoe leuk het is om ook een privé-leven te hebben', meent Van Leeuwen.

'Vrouwen vinden dat altijd al belangrijk. Vrouwen willen het vooral naar de zin hebben in hun werk, die vinden het niet zo belangrijk hoeveel gouden strepen ze op hun schouder hebben.'

In hun dagelijkse surveillancewerk zeggen Van Leeuwen en collega-agent M. Hoomoedt geen last te hebben van hun vrouw zijn. Hoomoedt vindt het bij de politie zelfs een verademing vergeleken bij haar vorige werkkring, de Koninklijke Landmacht: 'Daar krijg je te horen: ''Wat doen jullie hier eigenlijk?'' Dat is vervelend. Hier is dat niet.'

Toch zijn er nog wel situaties waarin de sekse een rol speelt of tot een opmerking leidt. Twee vrouwen in één auto wekken bij voorbeeld wel veel verbazing, weet Hoomoedt. Van Leeuwen herinnert zich dat de ploegchef er moeite mee had toen twee vrouwen een nachtdienst gingen draaien: 'Maar dat was vooral bezorgdheid van hem. 'Mijn meisjes', zei hij dan. 'Het was niet dat hij ons kunnen onderschatte. Wij hebben hem gewoon verbaal aangevallen. Toen was het geen probleem meer.'

Ankersmit weet uit haar eigen surveillancetijd nog hoe anders het werken met de allochtonen in de Schilderswijk was. 'Met die mannen had ik als vrouw wel problemen. Hoe vaardig je als vrouwelijke politieagent ook bent, die mannen nemen niks aan van een vrouw. Dan kun je beter een stapje terug doen en je mannelijke collega naar voren schuiven.'

Wanneer ze haar uniform aan heeft, krijgt Ankersmit ook wel eens een indirecte opmerking over haar uiterlijk: 'Vrouwelijke agenten hebben toch allemaal een snor.' En bij Van Leeuwen is het haar lengte die opvalt. 'Ik ben klein. Als ze horen dat ik bij de politie werk, denken ze dat ik bij de administratie zit. Dat ik ook echt rondloop met een pistool en handboeien vinden ze moeilijk te geloven. Maar uiteindelijk heb ik niet het gevoel dat ik niet serieus wordt genomen. Maar ik moet natuurlijk niet proberen te gaan knokken, want dat wordt dwergwerpen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden