De gelijktijdigheid van het ongelijktijdige

Onze westerse democratie, met de daaraan gekoppelde mensenrechten, mogen dan wel via de VN voor universeel zijn verklaard, zij vormen in de praktijk het product van de westerse wereld in een bepaald ontwikkelings­stadium.

Hoe universeel en universeel toepasbaar is de democratie? Die vraag rijst bij de column van Sheila Sitalsing van 11 maart, waarin zij zich boos keert tegen een pleidooi van Robert Kaplan voor de 'welwillende dictator' n.a.v. de sultan van Oman. "Het is een gedachte die ik uitgestorven waande: de welwillende dictator, die sociale en economische vooruitgang brengt, is best oké. Voor hun daarzo dan, hè? Niet voor ons natuurlijk".

Minder
Met andere woorden: zijn die anderen soms 'nog niet toe' aan wat voor ons wel mooi is, moeten zij daarom maar met wat minder mensenrechten genoegen nemen? Moeten zij zich daarom maar autocraten laten welgeval­len die wij niet hoeven te slikken? Moeten we ze daarom maar niet met democratie lastig vallen, omdat dat niet bij 'hun cultuur' past?
Dat vormt een van de meest cruciale morele vragen in de internatio­nale politiek - en er bestaat geen prettig eenvoudig antwoord op.

De veronderstelling die aan Sitalsings verwijt ten grondslag ligt, is dat overal ter wereld de klokken maatschappelijk gelijk zouden moeten en kunnen lopen. Dat is een ahistorische benadering, die de ontwik­kelingsfac­tor - in alle betekenissen van het woord - in de geschiede­nis loochent. We mogen nog voldoende marxist zijn om te beseffen dat zijn en bewustzijn, maatschappelijke onderbouw en politieke bovenbouw samen­hangen.
Onze westerse democratie, met de daaraan gekoppelde mensenrechten, mogen dan wel via de VN voor universeel zijn verklaard, zij vormen in de praktijk het product van de westerse wereld in een bepaald ontwikkelings­stadium. Ik heb het daarbij niet over het bestrijden van volkeren­moord, maar over democratische inspraak en eerlijke recht­spraak op basis van gelijkheid voor de wet, zonder onderscheid te maken naar afstamming, stand, geloof, sexe of sexuele voorkeur.

Implementatie

Tot de Verlichting bestonden dergelijke zaken ook bij ons niet, en zou de daad­wer­kelij­ke implementatie ervan irreëel zijn geweest. Als die koppe­ling van bepaalde waarden aan een bepaalde samenleving niét zou bestaan, stelt zich immers meteen de vraag: waarom hadden we ze dan al niet in de prehisto­rie? Dat betekent: zij konden pas realiteit worden, nadat er eerst bepaalde dingen in de samenle­ving veran­derd waren - dus dingen waren bereikt, die eerder niet bestonden.
Reeds aan deze formulering ligt een idee van vooruitgang ten gronde, dat juist sinds de Verlichting zo essentieel is geworden voor ons westerse denken - en de idee van vooruitgang impliceert automatisch ook een idee van achterlopen voor anderen, als die niet precies hetzelfde vinden en doen.

Wel: het is nooit zo geweest dat overal precies hetzelfde gevonden en gedacht wordt. De klokken liepen nooit wereldwijd gelijk. Dat werd een aantal eeuwen geleden niet als een groot probleem ervaren, omdat men ofwel in het premondialiseringstijd­perk bij gebrek aan internet die verschil­len als zodanig niet dagelijks ervoer, dan wel met (pseudo)racisti­sche redeneringen als logisch wist te legitimeren.

Nu worden we daarentegen steeds indringender met die mondiale ver­schillen geconfronteerd: dat is de gelijktijdigheid van het ongelijktijdi­ge. Ook 'wij' hebben in het verleden echter regelmatig welwillende (en ook heel wat minder welwillende) autocraten gehad. Bij ons in Europa heetten die meestal konin­gen of prinsen. Een aantal Oranjes behoorden daartoe, of in de achttiende eeuw verlichte despoten als Frederik de Grote.

Willem van Oranje

Onze eigen Vader des Vaderlands, Willem van Oranje, was echt geen parlemen­tair democraat, die ten aanzien van Philips II voor een democrati­sche afwisse­ling van de macht op basis van transparante reguliere verkie­zingen pleitte, mocht U dat denken. (Ook Philips II wordt overigens, en niet zonder reden, in Spanje gezien als een groot koning).

Er was ook nie­mand die dat toen in de late zestiende eeuw van Willem van Oranje verlangde en verwacht­te, en het is dus historisch ook tamelijk onredelijk om hem nu achteraf aan onze vroeg-eenentwintigste-eeuwe normen te toetsen. Voor dat examen zakt namelijk iedereen uit het verdere verleden, en dan kunnen we van Stockholm tot Lissabon het beste meteen alle pleinen van hun standbeel­den van staatslieden gaan ontdoen.

Iets dat in de Franse Revolutie overigens inder­daad per officieel decreet met alle koningsmo­numenten gebeurd is, alleen oogde Parijs daarna wel erg kaal. Zelfs de als 'goede koning' te boek staande tijdgenoot van Philips II, ­Henry IV - die van Paris vaut bien une messe en 'voor iedere Frans­man wekelijks een kip in de pan' - moest er, na enige felle discussie, aan gelo­ven. Koning is immers koning, en hij kan dus bij consequente toepas­sing van de normen van Sitalsing per definitie nooit hebben ge­deugd.

Dierenpartij
En nu zie ik even af van het feit dat onze Dierenpartij ook die kip in de pan vanwege de daaraan gekop­pelde slachting zonder verdo­ving vast niet vindt deugen - wat duidelijk maakt dat, als de normen van Marianne Thieme, die de meerderheid van de bevolking nu nog voor een beetje overtrok­ken houdt, straks als gevolg van een voortgaand beschavingsproces algemeen aanvaard zijn, onze betachter­klein­kinderen ons qua normen en waarden voor even achterlijk zullen houden, als wij dat nu doen ten aanzien van de met een VOC-mentaliteit gezegende zeventiende-eeuwse Nederlan­ders die de slavernij als een even vanzelfspre­kend, want rendabel natuurver­schijnsel beschouwden, als Henk en Ingrid thans omwille van de profijtelij­ke kiloknaller de bio-industrie. Nu vinden velen die vergelijking vast ongepast - over een eeuw misschien niet meer.

Nu zal Sitalsing die normen misschien niet op ons verre verleden willen toepassen. Maar welke reden is er dan, om een verschijnsel dat we voor ons eigen verleden als gegeven accepteren - 'de welwillende autocraat' - principieel voor onmogelijk te verslijten voor het heden van andere landen, die maatschappelijk anders in elkaar steken, en wier heden in bepaalde soms erg op ons verleden lijkt, en straks ook hun verleden zal zijn? Alleen omdat het historisch ongelijktijdige gelijktijdig plaats vindt, omdat we wereldwijd veel intensiever met elkaar worden geconfron­teerd dan in vroeger eeuwen?

Invloed
Zeker gaat van dat laatste een grote invloed uit: dat die opstanden tegen autocraten ginds überhaupt plaats vinden, valt niet los te zien van de toegenomen kennis ginds van niet-autoritaire samen­levingen die heel wel kunnen functioneren zonder dat - het eeuwige 'ik of de chaos'-argument van de Mubaraks - men elkaar meteen de hersens inslaat.
Alleen, en dat is de cruciale vraag: laat dat democratische model zich zomaar even met gelijke uit­komst naar andere werelddelen overplan­ten? Laten de maatschappe­lijke ontwikkelingen, die er in het Westen na eeuwen voor gezorgd hebben dat dit democratische model mogelijk werd, ja, dat het überhaupt als ideaal-concept een rol in het politieke denken kon gaan spelen, zich even vanuit Amsterdam in Amman naspelen, laten zulke ont­wikkelingen daar zich in zo'n tempo versnellen dat dat binnen afzienbare termijn - en ook ginds is het mentaal-maatschappelijke geduld steeds geringer - haalbaar is en niet in een deceptie eindigt?
Want wat zijn de voorwaarden - en dat is de volgende vraag - waaronder zo'n democratisch model functioneren kan en niet, zoals we bij Mugabe zien, na verkiezingen letterlijk resulteert in een the winner takes all?
Dat vergt allereerst, aan de zijde van de machthebbers, het besef van een essentieel verschil tussen bezit en beheer. Staatsinkomsten zijn geen privé-eigen­dom van het staatshoofd: een van de belangrijkste veranderingen in Europa tussen het midden van de achttiende en van de negen­tiende eeuw vormt de scheiding van kroon en staat.

In het ancien régime bestond die scheiding niet. Het paleis van Versailles was zowel regerings­zetel als residentie, de ministers woonden als zijn hove­lingen bij Lodewijk XIV in. Geen sprake van dat vandaag Beatrix ook elke dag voor Rutte mee laat koken.
Voorwaarde daarvoor is dat de macht van de staat niet zozeer gebaseerd is op eigen bezit, maar op belastingen. Om de politiek-maatschappelijke geschiedenis van Europa van de laatste duizend jaar in een paar zinnen samen te vatten: in de feodale, pre-urbane wereld van het jaar 1000 was de rijkdom, en dus macht, van vorsten gebaseerd op eigen grondbezit: dat vormde de belangrijkste inkomstenbron om eigen (militaire) avonturen mee te finan­cie­ren. Met de opkomst van de steden in de late Middeleeuwen verschoof het economisch zwaartepunt van onroerend naar roerend bezit: naar handel en nijverheid.

Meepikken
Om daar een graantje van mee te pikken, moesten vorsten belasting heffen. En dan geldt: gebruikt die vorst die centen alleen voor eigen hobby's, of heeft ook de belastingbe­talende burger daar zelf nog wat aan? Zo nee, dan begint die burger te morren - denk om onze opwinding over Alva's Tiende Penning - en inspraak te eisen, conform de leuze van de Ameri­kaanse Revolu­tie: no taxation withou­t represen­tation. Uit die groeien­de afhankelijkheid van de machthebbers van de financiële instemming van hun onderdanen is de democratie geboren. Dat is de vloek van de olie in het Midden-Oosten: de steenrijke sjeiks in Saoedi-Arabië kunnen mogelijke onvrede snel afkopen, in Tunesië en Egypte kon dat niet.
Maar zo'n democratie werkt alleen als aan nóg een voorwaarde is voldaan: dat een staat ook een natie vormt, zodat er bij de inwoners een gevoel van collectieve lotsverbondenheid bestaat. Zo niet - zie België - dan levert dat meteen problemen op: wij harde werkers betalen voor die lanterfanters ginds? Nu leidt dat in Brussel niet meteen letterlijk tot een burger­oor­log omdat België al een democratie ís.

Maar waar een dictatuur nog in een democratie veranderen moet, bestaat het grote gevaar dat, bij gebrek aan concurrerende politieke ideologieën - liberalis­me, socialisme etc. - zoals wij die traditioneel kennen, partijvor­ming langs de enige scheidslijnen gebeurt die men wel kent: etni­sche en religieuze. Zie Joegoslavië na Tito, Irak na Saddam Hoessein.
Tito: dat is nu typisch het voorbeeld van een autocraat, die tot op zekere hoogte als welwillend omschreven kan worden, en het land met harde hand bijeen hield. Met ondemocratische, en dus - als men tegen die vrijheidsbe­knotting in verzet kwam - ook eventueel gewelddadige middelen, zeker.

Maar dacht U soms dat dat vroeger in Europa anders was? Ook het Franse volk - thans toch wel echt een natie - is niet in het jaar 987 als rijp manna uit de hemel voor de voeten van de eerste Franse koning Hugo Capet neergedaald. Nee: dat Franse volk is in de loop van veel eeuwen met dwingende hand van boven gecreëerd - en regelmatig met middelen die vandaag tot een spoedzitting van de Veiligheidsraad zouden nopen. Ook over onze eigen militaire ver­schroeide-aarde-tactiek tijdens de Tachtig­jarige Oorlog in onwillig katholiek Brabant is intussen het nodige bekend gewor­den - Kadhafi kan er misschien nog wat van leren.

Een verleden om Trots op Nederland van te worden? Nee - maar het is zoals het is. En het is de vraag, of het zonder dwang kan, waar staat en natie niet samenvallen, omdat dan 'democraten' wel eens na het democrati­seren erg aan het discrimineren zouden kunnen slaan: in Egypte de moslims de Kopten, in Libië de ene stam de andere. Dat is de histori­sche bodem onder de vele morele dilemma's waarvoor democratieën ten aanzien van autocra­tieën staan. Zeker: zelfbe­schik­king voor een volk is mooi. Maar er moet dan wel eerst één volk zijn.

Juist vandaag, 17 maart, viert Italië dat het honderdvijftig jaar bestaat. Maar nog steeds geldt de uitspraak van Cavour van indertijd: "gelukkig hebben we thans eindelijk Italië. Nu alleen graag ook nog Italia­nen".

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden