De confrontatie tussen de gele hesjes en de politie in Parijs waren grimmig.

Analyse Gele hesjes

De gele hesjes: een opstand van de middenklasse

De confrontatie tussen de gele hesjes en de politie in Parijs waren grimmig. Beeld Getty Images

Aan het vooruitgangsoptimisme van de middengroepen is een einde gekomen. Ze zien hun traditionele zekerheden wegvallen. Nu strooien ze zand in de machine van de gevestigde orde.  

Deze week stonden ze voor de rechter in Parijs. Lassers, monteurs, vrachtwagenchauffeurs, uit provincieplaatsen met schilderachtige namen als Harfleur, Yssingeaux of Feuquières-en-Vimeu. Ze verdienden 1.200 euro netto, 1.700, een enkeling 2.500. En ze waren gepakt omdat ze afgelopen zaterdag in Parijs met de politie hadden gevochten, vernielingen aangericht of auto’s in brand gestoken.

Het zijn niet de armste Fransen die in opstand komen. De harde kern van de gilets jaunes, de gele hesjes, bestaat uit de lagere middenklasse, de Hardwerkende Fransman die het einde van de maand maar moeizaam haalt en zich miskend voelt door de elite in Parijs. Die siddert vandaag weer voor de furie uit de provincie, in haar met bladgoud gedecoreerde paleizen van de macht.

In Nederland stelt het protest van de gele hesjes vooralsnog weinig voor. Veel minder dan Fransen zijn Nederlanders ontvankelijk voor de romantiek van de Revolutie. Toch zullen de machthebbers niet helemaal gerust zijn. Ook in Nederland is een flink potentieel aan bitterheid en onvrede aanwezig.

‘Wat we nu zien, in alle landen, is de verdwijning van de middenklasse. Dat is een enorm probleem waarvoor we nu de politieke en culturele rekening gepresenteerd krijgen’, zei de Franse geograaf Christophe Guilluy deze week in Nieuwsuur. Wie niet kan aanhaken bij de stedelijke elite, is gedoemd te verarmen op het platteland. Guilluy schetste een angstvisioen. De middenklasse is de ruggengraat van de democratie. Zij staat voor het verlangen naar rust en stabiliteit, voor het zoeken naar het compromis. Als zij wegvalt, rest slechts fragmentatie en chaos.

Maar is de middenklasse ook echt aan een vrije val bezig? In de Verenigde Staten kromp de middenklasse tussen 1960 en 2012 van 60,8 naar 50,6 procent van de bevolking. In Europa is die daling veel beperkter. In 2016 constateerde de Franse regeringsdenktank France Stratégie dat de omvang van de Franse middenklasse slechts licht gedaald was, van 68,9 procent van de bevolking in 1996 naar 67,4 procent in 2012.

In Nederland publiceerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) vorig jaar de verkenning De val van de middenklasse? ‘Middengroepen weten in meerderheid hun positie te handhaven en sociale daling te voorkomen’, was de conclusie van de raad.

Toch zagen de wetenschappers ook bedreigingen. Als naar bruto-inkomens wordt gekeken kromp de middenklasse van 68 procent van de bevolking in 1990 naar 57 procent in 2014. Uitgaande van netto-inkomens is het beeld minder dramatisch, een daling van 71 naar 66 procent, maar de bruto-inkomens laten zien dat de middengroepen het moeilijk hebben op de markt. Hun diploma’s zijn minder waard door de concurrentie van hoger opgeleiden die onder hun niveau werken. Juist in het middensegment wordt veel werk, bijvoorbeeld in de administratie, geautomatiseerd. Flexwerk wordt als een bedreiging gezien.

Deze ontwikkelingen leiden volgens de WRR niet tot een val van de middenklasse, maar veroorzaken veel onzekerheid. De middengroepen moeten steeds harder werken om hun positie te behouden. ‘Aan het vooruitgangsoptimisme van de middengroepen is een einde gekomen’, schrijft de WRR.

Vooral de lage middenklasse is onzeker en wantrouwig geworden. Van de mbo’ers vindt 66 procent dat ‘mensen zoals ik geen enkele invloed hebben op wat de regering doet’. Daarin lijken ze meer op lager opgeleiden (70 procent) dan op hoger opgeleiden (48 procent). ‘Wij zijn de motor, maar de hoge klasse zit achter het stuur’, zo karakteriseert de WRR deze houding.

Bij de demonstratie van de gele hesjes in Den Haag vorige week ging het er vrolijk aan toe. Beeld Freek van den Bergh

Hoewel de wetenschap de val van de middenklasse relativeert, is er wel degelijk iets dramatisch gebeurd. In alle westerse landen zijn leiders het contact met de lage middenklasse kwijt geraakt. ‘De rode draad van deze crisis is het instorten van de traditionele partijen die niet in staat zijn zichzelf opnieuw uit te vinden in het licht van de ingrijpende sociale veranderingen die veroorzaakt zijn door de globalisering’, schreef columniste Sylvie Kauffmann deze week in Le Monde.

Een van die veranderingen is immigratie, een punt dat geen rol speelt bij de gilets jaunes, maar wel bij de embryonale beweging van gele hesjes in Nederland. ‘We hebben het goed in Nederland. Het probleem is dat we niet worden gehoord’, zei Jikkenien Deerenberg, initiatiefnemer van een gele-hesjesdemonstratie die vandaag bij de Stopera in Amsterdam wordt gehouden, in Het Parool. Vervolgens sprak zij onder meer over Zwarte Piet en het Marrakech-pact.

De tweede verandering is de sterk verzwakte positie van werknemers tegenover het bedrijfsleven. Volgens een studie van de Rabobank zijn de inkomens sinds 1977 40 procent achtergebleven bij de groei van het bruto binnenlands product. Na de val van de Muur domineerde lange tijd het discours van een vrolijk volkskapitalisme, waarbij ook de loodgieter op de beurs belegde. Voortaan behoorde iedereen tot de middenklasse. De financiële crisis van 2008 maakte een einde aan dit verhaal. De lage middenklasse constateerde dat haar inkomen nauwelijks was gestegen, terwijl de fat cats aan de top zich schaamteloos hadden verrijkt.

Volgens het CBS is het beeld minder dramatisch dan vaak wordt aangenomen. Sinds 2000 is de sociale ongelijkheid alleen toegenomen als je bovenste 10 procent van de inkomens met de onderste 10 procent vergelijkt. In het brede midden veranderde weinig. Zulke cijfers maken echter weinig indruk op burgers die hun inkomen zien stagneren terwijl aan de top miljoenen worden verdiend.

Misschien nog belangrijker dan onvrede over het inkomen is de angst voor de toekomst. Er is een belofte gebroken, schreef de WRR: ‘Je kunt nog zo hard werken, succes is niet langer verzekerd. De gemoedsrust van het middenklassebestaan heeft plaats gemaakt voor een groeiend gevoel van onzekerheid, onzekerheid die er niet altijd is geweest en die niet past bij hun verwachtingen.’

Bij de lage middenklasse bestaat ook veel onvrede over de afschaffing van de studiefinanciering, constateerde de WRR. Die maatregel wordt gezien als een bedreiging voor een traditioneel middenklasse-ideaal: het doorgeven van je sociale positie aan je kinderen.

Al in de jaren tachtig schreef de Amerikaanse journaliste Barbara Ehrenreich over de fear of falling van de lagere middenklasse. De Fransen spreken over la peur de déclassement, de Duitsers over Abstiegsangst. De lage middenklasse is onzeker en voelt zich machteloos. Paradoxaal genoeg heeft zij wel het politieke initiatief gegrepen. In elk geval is zij zeer goed in staat om zand in de machine van de gevestigde orde te strooien, zoals de gilets jaunes aantonen.

Lees meer

Voedingsbodem van gele hesjes zit dieper dan de benzinetaks
De verhoging van de Franse brandstoftaks is voor 2019 van de baan. Maar is daarmee ook de angel uit het protest van de gele hesjes? De voedingsbodem van het oproer ligt dieper.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden