De geest moet in beweging blijven

Ze kennen elkaar niet, maar wat hen bindt, is de passie waarmee ze leven. Ze zijn alle drie geboren in de jaren twintig en werken nog steeds. Oud, dat zijn de anderen.

Elke werkdag zegt Henk Kluver 's ochtends zijn vrouw gedag, start de auto en rijdt van zijn huis in Aalten naar de fietsfabriek in Varsseveld. Daar trekt hij een overall aan over zijn pak (altijd een stropdas), haalt een kam door de haren en gaat aan het werk. Henk Kluver is 90 jaar, en fietsenbouwer sinds zijn 14de. 'Ik werk niet ondanks mijn leeftijd', zegt hij, 'maar dankzij.'

Bijna dagelijks wandelt Hendrik Hazeu naar het gemeentehuis van Horst aan de Maas, kijkt in zijn postvak, downloadt nieuwe raadsstukken op zijn iPad en leest ze terwijl hij een bekertje chocolademelk drinkt. Hendrik Hazeu is 85 jaar en een van de oudste gemeenteraadsleden van het land, voor de SP. 'Het belangrijkste van ouder worden', zegt hij, 'is niet oud worden. En onder oud worden versta ik: verdorren en verdrogen.'

Drie keer in de week fietst Wim Hartog de zes kilometer van zijn huis in Buitenveldert naar de bakkerij aan de Ruyschstraat in Amsterdam. Hij fietst langs een bejaardenhuis, waar mensen jonger dan hij naar buiten kijken. Wim Hartog is 89 jaar, zijn lichaam broos, maar daar kun je verder niets aan doen, behalve zo min mogelijk naar de dokter gaan. In de bakkerij draagt hij een bakkersbroek en een bakkersmuts. 'Als ik niet werk', zegt hij, 'gaat m'n hart verroesten'.

Het zijn drie gewone mannen die je gewoon kunt tegenkomen op straat. Ze kennen elkaar niet en wonen verspreid door het land. Het enige dat hen bindt, is de passie waarmee ze leven: ondanks hun ouderdom zijn ze altijd blijven werken. Pensioneren is niet aan hen besteed, dat haalt de fut maar uit een mens. Als je ze ontmoet, valt op dat ze nog iets gemeen hebben: hun blik. Ze hebben alle drie uitzonderlijk heldere, priemende ogen, alsof het hele leven dat ze al achter zich hebben, de overwinningen, de teleurstellingen, er geen vat op heeft gekregen.

Henk Kluver: 'Ik heb niks met oude mensen. Moet je horen: ik bedoel dus oude mensen die zich oud voelen. Die medelijden hebben, met zichzelf. Ja - zo is het toch?'

Hendrik Hazeu: 'Ik ben geen bejaarde. Ik ken best veel bejaarden, maar die zijn jonger dan ik.'

Wim Hartog: 'Mensen willen vaak eerder stoppen met werken, maar ze vergissen zich. Het kan zo armoedig zijn. Een hobby hebben is leuk, maar elke dag alleen maar hobby's doen is vreselijk.'

Het aantal 65-plussers dat blijft doorwerken, vaak in deeltijd, groeit volgens het CBS de laatste jaren gestaag, tot negentigduizend vorig jaar. Daaronder zijn tienduizend 75-plussers. En deze drie mannen horen daar erg graag bij.

In Duitsland zijn er fietsfanaten die de handtekening van Henk Kluver op hun voorvork willen. Alleen hij kan op z'n vork een bies schilderen zoals het vroeger ging: in één streep met het penseel, rats naar beneden - dat is ervaring. Hij doet het nog steeds, op verzoek. Begonnen als 14-jarige in Amsterdam, verhuisde Henk Kluver begin jaren negentig mee met het bedrijf naar Varsseveld, waar fietsfabriek Van Raam zich tegenwoordig toelegt op driewielers en andere aangepaste fietsen. Er werken meer 65-plussers in de fabriek, steeds meer, maar Henk Kluver is de enige met een eigen parkeerplaats voor de deur (bordje: 'Kluver') en de enige die een stropdas draagt. Hoornen bril, grijze haren keurig naar achteren. Vijftig jaar geleden was hij bedrijfsleider. 25 jaar geleden ging hij met pensioen.

Het liefst wandelt Henk Kluver door de montagehallen, en kijkt hoe 'de jongens' aan hun fietsen werken. Soms blijft hij staan. 'Ik zie weleens dingen. Dan zeg ik: die lasnaad gaat breken want die is te snel afgekoeld, en inderdaad, dan breekt ie. Ik zeg tegen de jongens: er is maar één kwaliteit en dat is een goede kwaliteit. Dat was in 1953 zo, en dat is in 2013 zo. Ik verzorg hier de levenslessen, zo zie ik dat. Ik zal je er eentje vertellen: we hebben net een nieuwe fabriekshal. Dan zeg ik tegen de directie: pas op, je zult niet de eerste zijn die zich dood bouwt. Dat gebeurde ook bij een Amsterdamse firma destijds: die waren schatrijk, maar gingen failliet. Ik geloof wel dat men hier luistert, naar dat soort verhalen.'

's Ochtends is hij op de fabriek, 's middags is hij thuis bij zijn vrouw, waar hij schildert (stadsgezichten van olieverf, altijd Amsterdam) en werkt aan zijn postzegelverzameling. 'Mijn grootste angst is: achter de geraniums. Mijn vrouw zegt steeds vaker: je bent 90. Blijf toch eens wat vaker thuis. Dan zeg ik: mijn geest moet in beweging blijven.'

Wat Henk Kluver ook graag zegt: 'Vroeger was niet alles beter, vroeger was alles precies hetzelfde.'

Ze zijn alle drie geboren in de jaren twintig, groot geworden in de harde jaren dertig, twee van de drie zijn als jongemannen tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Duitsland gestuurd voor de Arbeitseinsatz en er ongebroken uitgekomen (Hendrik Hazeu bleef in Nederland met een vervalst persoonsbewijs). Ze hebben de wederopbouw meegemaakt en gezien hoe Nederland steeds rijker werd, zo rijk dat de jongeren van nu niet eens meer weten wat echte armoede is. Wat hen betreft, zeggen ze, is het best merkwaardig als je mensen op televisie hoort vertellen dat het crisis is, omdat ze niet meer op wintersportvakantie kunnen. Maar druk maken ze zich daar niet over. Wie zich druk maakt, tart de tijd.

Vijfde carrière

Wat is het geheim van energiek ouder worden?

Henk Kluver: 'Humor. Ik begin hier elke dag met een witz.'

Wim Hartog: 'Geluk. Ik ben in de oorlog in Duitsland bijna doodgegaan aan de pleuris, en bijna platgebombardeerd, daar kom je heel sterk uit. Zo leer je echt het leven waarderen.'

Hendrik Hazeu: 'Meteen met iets nieuws beginnen, zodra het oude stopt.'

Hendrik Hazeu is inmiddels begonnen aan zijn vijfde carrière: die van gemeenteraadslid in Horst aan de Maas, een van de grotere gemeenten in Noord-Limburg. Hij komt het gemeentehuis binnen via de raadsledeningang, loopt langs de postvakjes en gaat zitten in een vergaderzaal. Hij draagt een overhemd van fleecestof, een spijkerbroek en een boodschappentas, waarin hij zijn iPad vervoert.

Op zijn eerste dag, zes jaar geleden, ging de griffier er beleefd van uit dat meneer Hazeu zijn stukken op papier wilde lezen en niet op de iPad, zoals de andere raadsleden doen. 'Geef mij snel ook zo'n ding', zei Hendrik Hazeu terug. En nu: 'Papierloos vergaderen is echt ongelooflijk handig.'

Zijn 85ste verjaardag vierde hij tijdens een vergadering van de Commissie Samenleving. Hendrik Hazeu ziet geen nadelen van de ouderdom, behalve het gehoorapparaatje dat hij draagt, vanwege een schietoor dat hij opliep tijdens zijn eerste carrière als militair. Het voordeel is: levenservaring. 'Ik heb wat meegemaakt en ben op de hoogte van de geschiedenis. Veel problemen die nieuw lijken, zijn helemaal niet zo nieuw: we hebben ze in het verleden ook weleens gehad en er een oplossing voor gevonden. Ik kijk anders naar dingen. Ik heb ook minder gevoel voor autoriteit. Zo'n burgemeester is een prima vent, maar in mijn ogen ook een jongeman. Ik neem bovendien de tijd, bestudeer de stukken goed en zeg de dingen weloverwogen. Van ouderdom word je rustig en je krijgt meer uithoudingsvermogen.'

In 1964 was Hendrik Hazeu nota bene de jongste gepensioneerde ooit. Hij was 37, had gediend in Nederlands-Indië en moest vanwege dat schietoor stoppen als 'examinator wielvoertuigen' bij defensie. In 1965 kreeg hij een nieuwe baan, als beveiliger bij het Amerikaanse bedrijf Xerox, en werkte zich op tot hoofd van de afdeling bedrijfsopleidingen. Ook dat hield op. In 1980 kocht hij een bestelwagen en begon een nieuw bestaan als standwerker. Hij reed de markten af van Delfzijl tot Middelburg met een handmixer die hij uit Duitsland importeerde en waarvan hij er in een paar jaar tijd bijna zestigduizend verkocht. In 1993 bereikte Hendrik Hazeu de pensioengerechtigde leeftijd. Hij scheidde van zijn vrouw en dacht: 'Nu hoef ik niet meer te werken.' Dat dacht hij drie maanden. 'Toen hing het me de keel uit, dat nietsdoen.' In de krant zag hij een advertentie voor een chauffeur die gehandicapten kon vervoeren - dat werd zijn vierde carrière. Dat duurde tot hij zeventig was en daarna is hij als zwem-, wandel- en kookvrijwilliger begonnen bij een stichting voor gehandicapten. Doet hij nog steeds. Drie dagen in de week. De rest van de tijd, twintig uur per week, is hij politicus. Als hij thuis achter de computer zit en genoeg krijgt van het bestuderen van de stukken, gokt hij op paardenraces, op internet. Daar heeft hij vorig jaar 3.000 euro mee verdiend.

Hij woont nog altijd tweehoog in een appartement en klimt zelf de trappen op en af. Daarvoor neemt hij de tijd. Ziek is hij nooit of nauwelijks: 'goed eten en er niet aan denken, dat is belangrijk. Natuurlijk heb ik wel-eens dat ik me niet goed voel. Dan laat ik alle dierlijke eiwitten weg uit mijn eten - geen kaas, geen worst - en na twee dagen gaat het weer. Het werkt.'

Ziek zijn is iets dat je altijd kan overkomen, zeggen ze alle drie, en ze prijzen zich gelukkig met een sterk gestel. Maar door er zo min mogelijk aandacht aan te besteden, heb je er het minste last van. De dokter is er alleen voor noodgevallen, en dan nog. Dit jaar gleed Wim Hartog ineens van zijn fiets, onderweg naar de bakkerij, en iedereen was bezorgd. Blauw oog, pijnlijk been. 'Ze vroegen me: wat is er gebeurd? Ik zei: 'Een roofoverval!' Haha! Ze geloofden het nog ook.'

Dokter Matig

Naar de eerste hulp ging hij niet, hoezeer ze er ook op aandrongen, net als die keer dat hij tegen het portier van een auto aanreed, in het door scooters en bakfietsen almaar gevaarlijker wordende Amsterdamse verkeer. 'Die dokter gaat dan dingen onderzoeken. Misschien heb ik wel hoge bloeddruk. Nou, en? Wat je niet weet, deert je niet. Als je met je auto naar de garage gaat, vinden ze ook altijd wel iets. Het deed pijn, ik heb het nog een hele tijd gevoeld. Maar het gaat vanzelf over.'

Graag zegt hij: 'Voor een goed en lang leven heb je drie doktoren nodig. Dokter Matig, dokter Rustig en Dokter Vrolijk.'

Wim Hartog stamt uit een Noord-Hollands boerengezin. Aartswoud, Andijk, Zwaag, Winkel, Wognum. Na de oorlog woonde hij tien jaar met zijn vrouw in Zwitserland; in 1958 kwam hij terug en kocht een familie-bakkerij in Amsterdam: Hartog's Volkoren Bakkerij, nog steeds een begrip in de stad. Ze malen er hun eigen meel. De klanten staan vaak tot buiten op de stoep.

Sinds zijn 14de, toen hij op de mulo zat in Winkel, wilde hij niets liever dan werken in een bakkerij, 'de geur van het meel, zo'n bokkepootje dopen in de chocola, een nootje op een gevulde koek doen - je máákt iets, en ze staan er nog voor in de rij ook.' Dat gevoel is nooit meer weggegaan. Hij werkt er nog drie middagen in de week. Meneer Hartog, noemen ze hem in de bakkerij, ook de jongens en meiden die door de kleine ruimte schieten. 'Sorry meneer Hartog, ik moet er even bij.'

In de bakkerij is hij een manusje-van-alles en ondertussen houdt hij de jongens en meisjes een beetje in de gaten of geeft ze advies. Hij is er niet voor de sier, het is geen therapie - het moet wel echt werken zijn, wat hij doet. 'Als ik hier niet meer kan werken, zoek ik iets anders, vrijwilligerswerk of zo. Er is genoeg te doen.'

Hij woont sinds 1980 in dezelfde 'doorkijkwoning', eens in de twee weken komt een werkster en elke week komt zijn zoon koken, maar verder doet Wim Hartog alles zelf. Voelt hij zich oud? 'Als ik 's ochtends opsta is mijn lichaam stijf. Ik eet wat minder, en slaap minder. Dat is alles.'

Voor het gemak eet hij weleens in het bejaardenhuis om de hoek, waar hij tussen echte bejaarden zit - maar praten met de mensen daar doet hij niet. Hij neemt de krant mee of de Elsevier, en gaat die alleen aan een tafel zitten lezen, 'ik voel me niet aangesproken om bij die mensen te gaan zitten. Die mensen beleven niks.'

Oud, dat zijn de anderen.

Henk Kluver: 'Ouder worden, zit vooral in je hoofd. Er zijn mensen die misbruik maken van hun ouderdom.'

Hendrik Hazeu: 'De vorige burgemeester wilde hier in Horst een getto voor rijke bejaarden maken, Hof te Berkel. Alleen maar seniorenwoningen, een soort groot bejaardenpark - dat is natuurlijk idioot. Het idee dat iedereen met 65 jaar stopt en dan een seniorenwoning koopt, dat is echt heel erg achterhaald.'

Wim Hartog: 'Als je een groot deel van de dag onder jongeren bent, voel je je niet oud. Dat is de hele zaak.' Volkskrantredacteur Toine Heijmans is 44, fotograaf Ivo van der Bent is 29.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden