De Gaay Fortman bleef buitenbeentje in CDA

Hij had een zekere huiver om beroepspoliticus te worden en voelde vooral weinig voor centrum-rechtse kabinetten. In 1973 liet W.F....

EEN POLITIEKE hoofdrol heeft hij nooit gespeeld, de zaterdag overleden W.F. de Gaay Fortman. Maar zijn invloed en betekenis gingen veel verder dan de 'rebellie' tegen zijn eigen partij, de AR, waardoor in 1973 het kabinet-Den Uyl mogelijk werd, en het daarop volgende ministerschap van Binnenlandse Zaken. Drie maal kabinetsinformateur, inspirator en voorbeeld voor progressieve christen-democraten, adviseur van staatshoofden en van veel kabinetten, en een wijze en moreel hoogstaande kracht achter de schermen.

Willem Friedrich de Gaay Fortman werd op 8 mei 1911 in Amsterdam geboren uit een geslacht van wetenschappers, juristen en predikanten. Gereformeerden met een vrijzinnige en progressieve inslag, die min of meer in de traditie van het 'Reveil' uit de vorige eeuw dachten en leefden.

Sinds zijn studententijd werd De Gaay Fortman 'Gaius' genoemd. Zijn proefschrift in 1936 behandelde op voor die tijd vooruitstrevende wijze de sfeer en democratie in ondernemingen. In en kort na de oorlog maakte de beleidsambtenaar van Sociale Zaken, samen met onder anderen Joop den Uyl, deel uit van de redactie van het verzetsblad Vrij Nederland. Het was het begin van een langdurige vriendschap.

Gaius hield vast aan zijn keus voor de Anti Revolutionaire Partij, ondanks zijn grote bezwaren tegen het overheersende conservatisme en in het bijzonder het AR-verzet tegen het 'opgeven' van Indië. Dit laatste kostte hem tijdelijk zijn vriendschap met oorlogspremier Sjoerd Gerbrandy.

Voor de PvdA wilde hij niet kiezen, die vond hij te staatsgericht, maar binnen de christen-democratie zou hij altijd een buitenbeentje blijven. Een vaak verguisd buitenbeentje. Het is opmerkelijk hoeveel agressie juist een zo zachtmoedig, hoogstaand man opwekte, doordat hij voor zijn politieke principes stond en zich niet door de sociale controle binnen zijn zuil liet dwingen.

'Het zijn harde mensen', verzuchtte hij vaak. Van de antirevolutionaire neiging om op elkaar te letten en precies te weten hoe de wereld in elkaar zit, moest hij weinig hebben. Gaius was het soort integere intellectueel dat door partijen héén denkt. Maar hij was tegelijk traditioneel genoeg om binnen zijn zuil te blijven. Anders dan zijn zoon, de latere PPR-leider Bas de Gaay Fortman.

Pas na zijn veertigste jaar - hij was inmiddels enige jaren juridisch hoogleraar aan de Vrije Universiteit - kwam Willem de Gaay Fortman direct in aanraking met de nationale politiek. Een ministerschap in 1951 ging niet door omdat de AR nog niet rijp was voor regeren met de socialisten. Een jaar later was het weer net mis: Jelle Zijlstra kreeg de AR-ministerpost.

In 1955 werd De Gaay Fortman benoemd tot 'Geheim Kamerheer' (adviseur) van de koningin. Hij was al geruime tijd bevriend met het hof, dat door gebedsgenezeres Greet Hofmans steeds meer in moeilijkheden raakte. Een jaar later werd hij kabinetsinformateur, na mislukte pogingen van Drees en Romme om het rooms-rode bestand te redden.

Gaius werd op de Veluwe, waar hij met zoon en dochter aan het fietsen was, opgespoord om de nationale kar uit de modder te trekken. De sfeer in de coalitie was slecht, maar velen wilden wegens de problemen met de monarchie graag de socialisten in de regering houden.

De formatie van 1956 zou lang de meest conflictueuze en gecompliceerde blijven uit de parlementaire historie. Later zou De Gaay Fortman met prijzenswaardige openhartigheid zijn eerste informateurschap als een reeks grote fouten afdoen.

Uitzonderlijk was dat de nieuweling ministers trachtte te werven buiten de partijleiders om, het beruchte 'inbreken'. Formeel is daar bij een extraparlementair kabinet weinig tegen in te brengen, maar deze ruwe methode maakt nogal wat kapot in de politieke verhoudingen. In 1956 mislukte de poging deerlijk. Jaap Burger redde in de volgende formatiefase het rooms-rode bestand en het premierschap van Drees.

Eind 1960 slaagde Gaius beter als informateur. Zijn 'lijmpoging' van het kabinet-De Quay na de woningbouw- ofwel jenevercrisis vergde tact, vooral wegens het felle conflict in de AR. De fractie had met veel alcoholische joligheid het kabinet naar huis gezonden door een motie voor vijfduizend extra gesubsidieerde woningen in te dienen en daarvoor een meerderheid te krijgen.

De informateur moest fractieleider Bruins Slot op de knieën dwingen, anders kon het kabinet niet worden hersteld. Maar hij zorgde er tegelijk voor dat deze niet overmatig werd vernederd, waar het kabinet op uit was. Het boetekleed van Bruins Slot werd vooral binnenskamers getoond.

In 1963 weigerde De Gaay Fortman een ministerspost. Evenzo in 1965 en 1967. Hij had een zekere huiver om beroepspoliticus te worden en voelde vooral weinig voor centrum-rechtse kabinetten. Ongebruikelijk was zijn weigering eind 1972 om als eerste informateur op te treden. Er is vanouds enig debat of zo'n 'opdracht' van het staatshoofd wel geweigerd mag worden. De hoogleraar had daar geen moeite mee. Hij vond dat links het eerst aan bod hoorde te komen. Zijn vriend en partijgenoot Ruppert werd in zijn plaats informateur.

Het politieke hoogtepunt van zijn leven was het meewerken aan Burgers 'inbraak'. Gaius stemde in maart 1973 - tot woede van AR en heel rechts Nederland - toe in een ministerschap van Binnenlandse Zaken, zonder fractieleider en demissionair premier Biesheuvel geraadpleegd te hebben. De mannenbroeders konden zijn bloed wel drinken. Nog jaren zou hij door een anonieme man enkele malen per week worden opgebeld, waarbij 'rooie hond' het vaste scheldwoord was.

Het was een beslissend moment voor de totstandkoming van het kabinet-Den Uyl. De Gaay Fortmans partijgenoot Jaap Boersma was al eerder 'uitgebroken', maar het effect daarvan zou veel minder zijn geweest als kort daarna de weigering van De Gaay Fortman bekend was geworden.

In het kabinet heeft de oudste minister - de naam 'Papa Gaay' deed opgeld - nogal eens een verzoenende en matigende rol gespeeld. Zijn onwennig begonnen beleid voor de belangrijke reorganisatie van provinciaal en lokaal bestuur was daarentegen bepaald zwabberig.

In 1977 was er een goede kans dat Gaius zijn favoriete departement kon krijgen: Justitie. Het tweede kabinet-Den Uyl kwam er echter niet, en een post in het kabinet-Van Agt/Wiegel vond De Gaay Fortman niet verenigbaar met zijn politieke integriteit. Hij verweet de PvdA een overtrokken ambtsdenken in de formatie van 1977. En de christen-democraten een kwalijk en onvruchtbaar verlangen om wraak te nemen voor 1973.

Voor de totstandkoming van het CDA kon hij weinig enthousiasme opbrengen. Hij prefereerde een federatie tussen KVP, AR en CHU, zodat men geleidelijk naar politieke eenheid kon groeien. Antirevolutionaire nostalgie speelde naar eigen zeggen geen grote rol: 'Dat erfgoed, daar zat ook veel ballast bij.'

In 1981 hielp Fortman als informateur het al snel ongelukkige kabinet-Van Agt/Den Uyl tot stand brengen. In latere jaren bracht hij wel begrip op voor het ontstaan van de kabinetten-Lubbers, maar hij waarschuwde tegelijk voor een groeiende kloof tussen welgestelden en kansarmen in de samenleving. Een nogal eenzame stem in een christen-democratie die geen echte linkervleugel meer kende.

Willem de Gaay Fortman heeft nog veel meer betekend voor Nederland. Hij was vooraanstaand regeringsadviseur bij de vernieuwingen van ondernemingsrecht en echtscheidingsrecht, hij was SER-lid, CDA-fractieleider in de senaat en belangrijk in veel organisaties, ook voor de Antillen.

Met talloze artikelen en spreekbeurten oefende hij morele invloed uit op het politieke denken en op brede groepen in de samenleving. Een man van wijsheid en matiging die zijn idealisme nooit verloochende en op belangrijke momenten moed toonde. Een beminnelijk en bewonderenswaardig mens.

Jan Joost Lindner

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden