De fresco’s van de middenstand

’Sporen’ is het thema van de Open Monumentendag volgend weekend. Eric van den Berg volgt de reclames op de muren van Kampen en Utrecht....

Het schaduwkabinet moppert. Alles wordt minder, al het ‘ouwe’ verdwijnt, vertellen de mannen elkaar op het pleintje bij de Vispoort van Kampen. Bakker Kuijpers, ‘voor de rijke leuj’, is weg, meneer Peddemors is er niet meer voor een mooie pet of regenjas, en sigarenhandel ’t Moortje heeft het loodje gelegd. Alles is nu ‘C Duzend’.

Vindt het gehele schaduwkabinet – een titel die de groep heeft gekregen van de rest van de stad omdat de oude mannen altijd overal een mening over hebben. Daar op dat ‘leugenbankje’, de andere bijnaam. Ze komen bijna dagelijks bijeen naast (of in) Café De Unie. Om te praten, te roken of gewoon te hangen – tot een uur of drie, want dan is het tijd voor koffie bij moeder de vrouw.

Het oude Kampen, het Kampen van de kleine middenstand, is niet meer. Bé (71): ‘Geen groenteboer meer, geen slagers. Alleen al op de Noordweg hajje er twee.’ Alles is vervlogen. Opgeslokt door de supermarkt, Bakkerij Bart en Multivlaai.

In het Kampen van vandaag word je daar altijd aan herinnerd. Wie vanaf het station over de Stadsbrug de IJssel oversteekt, ziet meteen heden en verleden van de Hanzestad in één plaatje: op de achtergrond het Schepentorentje van het raadhuis en rechts de Nieuwe Toren, en op de voorgrond Café De Unie, met op zijn zijgevel een enorme muurreclame die de mannen van het schaduwkabinet vervult met trots en weemoed.

‘HEINEKEN’S-BIER HET-MEEST-GETAPT’, staat er in witte letters op rood. Pardon, os-sen-bloed-rood, benadrukken de Kampenaren, want dat rood zie je haast niet meer. ‘Het is de beroemdste reclame van de stad’, zegt George (61), een van de hangouderen. Niet dat hij de oorspronkelijke reclame ooit heeft gezien – de meeste historische gevelreclames zijn grofweg uit de periode 1900-1960 – maar de muurschildering doet hem denken aan weleer, aan de tijd dat ‘Schele Jannes’, met zijn glazen oog, nog achter de tap stond.

Kampen telt een veertigtal historische muurreclames, ook wel ‘fresco’s van de middenstand’ genoemd. Het zijn ook ‘sporen’, zo bedacht de stichting Open Monumentendag: tekens die terugwijzen naar een ver of nabij verleden. Aldus staan de Kamper reclames in het boekje Sporen , dat het thema van volgend monumentenweekeinde verklaart. Te midden van hunebedden, grafheuvels, knotbomen, duifhuizen en behangsels.

Ook de stadsgidsen van Kampen zullen tijdens de Open Monumentendag paraat staan. ‘Wat wilt u weten?’, zal Cor Adema (tevens raadslid voor het CDA) de toeristen vragen. Iets over de stadsmuur? Iets over de bloeitijd van het Hanzeverbond in de 14de eeuw? Iets over de orgels in de Bovenkerk? Of iets over de muurreclames waarop hij zelf zo trots is omdat hij altijd nauw betrokken was bij de restauratie: bijvoorbeeld die van Kanis & Gunnink’s Koffie en Thee (‘Vraagt uwen winkelier!’) op de zijgevel van Graafschap 28, of die van Bensdorp (‘Vraagt alhier de echte Kamper kruidkoek’) op de Bregittenstraat.

En natuurlijk de muurreclame op de zijgevel van Oudestraat 246, tegenover de Mgr. Zwijsenschool, waar Adema (58) nog meester en directeur is geweest. ‘V.D. PUT’s BESCHUIT IS KRACHT BESCHUIT’, met louter letters, was begin jaren tachtig de eerste historische muurreclame die werd gerestaureerd, op initiatief van grafisch vormgever/kunstenaar Bart Oost. Een decennium later zou het Comité Muurreclames Kampen (inmiddels opgegaan in Stadsherstel) echt grip op de zaak krijgen: door de jaren heen zijn er enkele tientallen reclames teruggetoverd.

Vaak aan de hand van oude foto’s. Kalk van de muur, of de dikke laag verf, en dan maar kijken wat er te traceren en te reproduceren viel. Bart Oost maakte het ontwerp op overtrekplastic, waarna een schildersbedrijf ermee aan de slag kon. Rijwielzaak Reinier offerde een raam op de eerste verdieping; daar hoorde de schildering van Bensdorp’s cacao. Heineken betaalde mee aan de reclame op de gevel van Café De Unie; anders had daar nu een neonreclame gezeten, zegt barkeeper/eigenaar Rein.

Kampen zette de toon. Andere gemeenten volgden: Haarlem, Delft, Valkenburg, Utrecht, Amsterdam – om er enkele te noemen. Kennis en enthousiasme komen samen in de Stichting Tekens aan de wand, waarvan Oost bestuurslid is. Geheid dat hij een stijve nek heeft na een wandeling in welke stad dan ook. Altijd kijkt hij omhoog, de muurreclame is zijn leven. In Kampen kent hij ze één voor één, maar hij weet net zo goed dat er in Amsterdam Oud-West een grote zit op de hoek van de Jan Pieter Heijestraat en de Borgerstraat, in groen, geel en rood. ‘Ypma. Hoeden en Petten. Is een paar jaar geleden gedaan.’

Het is een kwestie van leren kijken. Van anders kijken. Dan vertelt ook een plein als het Neude in Utrecht een heel verhaal. Op de gevel van Eet & Drinkgelegenheid De Beurs is, zit een bord met ‘Waterdichte dekkleeden te huur & te koop’: hier zat in de 19de eeuw zeilmakerij Lammerts van Bueren. In restaurant ’t Hoekhuis, op de hoek van de Catharijnesingel en de Schroeder v.d. Kolkstraat, zat vorige eeuw een levensmiddelenzaak, is te lezen op de zijgevel. Handig op de route naar het Academisch Ziekenhuis, dat daar toen nog zat: wie naar het bezoekuur ging, kon hier snel nog even fruit kopen.

Het is ook een kwestie van anders door de stad lopen. De grote winkelstraat van Kampen, de Oudestraat, verraadt meer dan je denkt. Ga eens bij elektronicazaak Dixons naar binnen en kijk links: daar zit een reclame van de eens zo beroemde White Ash-sigaren, een herinnering aan de sigarenstad die Kampen ooit was (een op de drie Kampenaren werkte in de sigarenindustrie). Hier, op nummer 48, zat sigarenwinkel ’t Moortje; nu staan er rekken met Playstation 2-spellen en iTunes-cadeaubonnen.

Op ander muren is te lezen dat je voor een rijwiel bij Potkamp moest zijn, en voor een goed stukje vlees op de Kalverhekkenweg 20 (‘Slagerij van J.L. van Dooren is je adres’). Melkbrood, tafelbeschuit en kamperroggebroodjes kocht je bij De Korenschoof, voor kamperkoekjes ging je naar W. Siemerink.

‘Het is een ontdekkingstocht door de geschiedenis’, zegt restaurateur Oost (57). ‘In stijl: ik zie veel invloeden van de Jugendstil. Maar ook wat betreft inhoud: er waren kennelijk veel bakkerijen hier. Er was ook een beschuitfabriek, in de tijd dat Kampen nog aan de Zuiderzee lag. Al dat beschuit ging mee op de schepen naar Indië.’

Soms blijft het puzzelen en gissen. Eén reclame luidt: ‘... N TE HUUR’. Vermoedelijk hoort daar ‘FIETSE’ of iets dergelijks voor te staan, maar dat weet niemand zeker. ‘We maken pas iets als we het zeker weten’, zegt Oost. Om die reden blijft ook de Bato-fietsreclame in de Heerensmitsteeg nog even verborgen. Als alle gegevens compleet zijn, zal daar een fietsend meisje in witte jurk tevoorschijn komen, gedragen door een grote arend of een adelaar.

‘We ontdekken nog steeds nieuwe reclames’, zegt Oost. ‘Maar het is wel steeds lastiger er iets mee te doen. Je moet door allerlei procedures, en voor je het weet, ben je te laat. Dan is iemand zijn huis aan het opknappen en is de gevel compleet vernieuwd of overschilderd.’

De mannen van het schaduwkabinet zien de reclames als een herinnering aan ‘het stukje gemoedelijkheid’ van vroeger. Toen ze nog overal konden biljarten; nu doen ze dat enkel nog bij café Vredenburg. Ze kunnen zich ook troosten met een klein sigaartje, een ‘fantje’, bij De Olifant. Of met een Kamper Slof. Want die haal je nog steeds bij banketbakker Smit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden