De FC vraagt állerlaatste keer hulp: dat was lachen

Wat doen de gemeentebesturen als straks de clubs melden dat ze de huur van de stadions niet meer kunnen betalen?...

Als het allemaal een beetje meezit, hoort Den Haag er binnenkort weer helemaal bij. ADO Den Haag, wel te verstaan. Terug in de eredivisie én in een prachtig nieuw stadion bij het Prins Clausplein: Nevvûhnoojt meaâ Helmonspogt. Leve de gemeente Den Haag, die de bouwgrond ter beschikking stelt en 29,2 miljoen euro voor de bouw. De gemeenteraad kan op 27 maart nog gaan dwarsliggen - maar welk raadslid heeft daarvoor het lef? ADO Den Haag moet terug in het 'linker rijtje', de negen beste clubs in de eredivisie, en wie daar niet aan meewerkt is een huftâ.

Vroeger draaide het in het betaald voetbal om voetballers, maar tegenwoordig gaat het om stadions. Nieuwe stadions, gerenoveerde stadions, clubstadions en vooral gemeentestadions. Stadions vormen de kurk waarop het Nederlandse professionele voetbal anno 2003 drijft.

Veel, zo niet alle clubs hielden jarenlang het hoofd boven water door de verkoop van spelers. De grote drie verkochten hun toptalent naar het buitenland en investeerden de binnenkomende gelden op de nationale markt. Met het zogeheten Bosman-arrest werd dat systeem ondergraven - spelers wachtten het einde van hun contract af en vertrokken dan voor niets. Nu ook in het buitenland de schulden van clubs torenhoog zijn opgelopen, ligt de transfermarkt zo goed als stil. Daarmee kraakt het overlevingssysteem in zijn voegen: de problemen van big spenders als Barcelona of Lazio Roma raken uiteindelijk ook Veendam - dat daarom onlangs, mét gemeentegarantie, de hypotheek op stadion de Langeleegte met drie ton verhoogde.

Met vaak grote selecties van spelers die nog contracten hebben uit financieel betere tijden, staat veel clubs het water tot aan de lippen. Over het seizoen 2001-2002 leden de 36 betaaldvoetbalorganisaties (bvo's) in totaal 80 miljoen euro verlies. Sommige clubs kiezen voor de vlucht naar voren. Met een nieuw stadion, is de theorie, kunnen de inkomsten worden verhoogd. Financiële steun van gemeenten is onontbeerlijk: in Nederland is alleen het PSV-stadion gerenoveerd zonder gemeentesteun. Nieuwbouw en opknapbeurten elders werden gesubsidieerd.

Behalve in Den Haag gaat ook in Groningen binnenkort de eerste paal de grond in voor een nieuw stadion. De gemeente draagt 5,7 miljoen euro als gift bij, verschaft een lening van 12,6 miljoen, maakt voor een half miljoen de grond bouwrijp en stelt een jaarlijks bedrag van 275 duizend euro beschikbaar voor beheer en onderhoud. Daarnaast is voor een zacht prijsje de grond beschikbaar gesteld aan het aannemersconsortium dat het stadion gaat bouwen. In Groningen spraken raadsleden ook over het 'linker rijtje' als motief voor steun.

De vraag is wat de gemeenteraden van Den Haag, Groningen, Breda en Nijmegen - en nog een tiental andere steden - zullen doen wanneer de betaaldvoetbalorganisaties zich komen melden met de boodschap dat de huur niet meer betaald kan worden. Zullen zij dan besluiten de stekker eruit te trekken? Hoogstwaarschijnlijk niet. In Arnhem staat Vitesse bijvoorbeeld met de rug tegen de muur, maar de gemeente ook. Vanwege de financiële belangen die op het spel staan, én de politieke implicaties. De Vitesse-aanhang staat evenals de harde kern van andere clubs niet bekend om de subtiele argumentatiemethoden. Voor de carrière van een lokale politicus is het geen pre bekend te staan als de wurger van de plaatselijke trots. Een krediet komt positiever over.

Dat het linkerrijtje én een nieuw stadion nog geen lente maken, bewijst NAC - NAC Breda, sinds de laatste gemeentelijke reddingsactie. De sportief redelijk succesvolle club maakte de afgelopen vijf jaar een verlies van veertig miljoen euro. Een schuldenlast van 24,5 miljoen euro dreigde NAC de kop te kosten, tot de gemeente Breda in januari in arren moede besloot dan maar weer het stadion van de club te kopen, voor 15,7 miljoen euro. In 1980 deed de gemeente dat met het oude stadion ook al, waarna in 1989 weer de verkoop aan de club volgde (voor een gulden). Zeven jaar later kocht de gemeente het stadion weer terug (voor zes miljoen gulden) en investeerde en passant tien miljoen gulden in het nieuwe.

De deal, zegt de gemeente, is 'budgetneutraal' en kost de belastingbetaler dus geen cent. Want NAC betaalt een miljoen euro huur en bovendien zijn de risico's afgedekt door de waarde van de grond waarop het stadion staat. Die grond was overigens al van de gemeente, en slechts in erfpacht aan de club gegeven. Inmiddels zijn in de gemeenteraad de eerste weddenschappen afgesloten over het tijdstip waarop NAC weer bij de gemeente zal aankloppen voor nieuwe steun. GroenLinks-gemeenteraadslid Scheltens zet in op 'dit jaar nog'. 'En ik ga zeker winnen.'

Bij gebrek aan verkoopbare spelers, is verkoop van het stadion voor veel clubs de laatste mogelijkheid om het eigen vermogen op peil te brengen en liquiditeitsproblemen het hoofd te bieden.

In Utrecht heeft de plaatselijke FC op de lopende begroting van veertien miljoen euro een tekort weten op te bouwen van 4,5 miljoen. Over het seizoen 2001-2002 werd ook al vijf miljoen verlies geleden. Aan het eind van het seizoen zal het negatieve eigen vermogen veertien miljoen euro bedragen, de zes à acht miljoen euro die de verbouwing van Nieuw Galgenwaard hoger uitvalt dan gepland niet meegerekend.

Utrecht heeft een paar spelers te koop, maar nog geen kopers. Verder heeft het alleen het stadion, dat in de jaren negentig voor één gulden van de gemeente werd overgenomen. Of die het nu weer wil terugkopen, liefst voor een miljoen of twintig. De gemeente staat niet te springen: op diverse gemeentediensten moet juist veertien miljoen euro worden bezuinigd en dat maakt steun aan de FC moeilijk te verkopen. Maar verkoop aan een projectontwikkelaar, die zich al heeft gemeld, is evenmin een aantrekkelijke optie.

Voor een club als NEC Nijmegen vormden inkomsten uit transfers lange tijd 10 procent van de begroting, die in zes jaar werd opgevoerd van 2,7 naar 6,5 miljoen euro. Toen de transferinkomsten wegvielen, ontstonden problemen. Het negatieve vermogen van de club bedroeg eind vorig jaar zes miljoen euro en er was een groot liquiditeitsprobleem. De enige oplossing lag in verkoop van stadion De Goffert aan de gemeente. Die betaalde er in december twaalf miljoen euro voor. Waarmee NEC voorlopig uit de problemen was en tevens een mooi winstje behaalde: in 1992 was het stadion van de gemeente overgenomen voor één gulden.

Ook in Nijmegen wordt de belastingbetaler voorgehouden dat hij geen enkel risico loopt. De grond waarop de Goffert staat, is immers meer waard dan twaalf miljoen en NEC heeft zich daarnaast in de gesloten deal verplicht jaarlijks 700 duizend euro huur te betalen en daarvoor een apart fonds te vormen. Ook in Nijmegen behoorde de grond onder het stadion overigens al toe aan de gemeente.

Sinds AGOVV in de jaren zeventig het betaald voetbal verliet, was de gemeente Apeldoorn geheel vrij van de voetbalgerelateerde problemen van nabijgelegen gemeenten als Zwolle, Deventer, Arnhem en Nijmegen. Maar nu wil AGOVV terugkeren als betaaldvoetbalorganisatie. Raadslid Rob Metz (VVD) voorspelt een nieuwe aanpak, waaraan de collegae in den lande een voorbeeld kunnen nemen: 'De burgemeester hier zei letterlijk: ik moet de eerste raad nog zien die niet door de knieën gaat. Welnu, Apeldoorn gaat de eerste worden! Hebben wij ook eens een primeur.'

Tijdens een gemeentefeestje in Groningen zongen ze onlangs een leuk cabaretlied: dat het nu echt de aller-, állerlaatste keer was geweest dat FC Groningen met succes bij de gemeente had aangeklopt voor financiële steun: dat was lachen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.