De erfenis van Beatrix

Beatrix heeft op heel eigen wijze inhoud gegeven aan haar koningschap. Na de bijna dertig jaar dat zij als staatshoofd fungeerde, staat de monarchie nauwelijks meer ter discussie. 'Haar missie is geslaagd'.

HET GEZIN
Het gezin was begin jaren tachtig verhuisd van kasteel Drakensteyn naar paleis Huis ten Bosch. Het waren de gelukkigste jaren in Lage Vuursche, zo zouden Beatrix en Willem-Alexander terugblikkend in interviews zeggen. Bij haar aantreden als staatshoofd had Beatrix drie zonen die begonnen te puberen. Hun vader prins Claus stak veel tijd in de drie jongens, maar viel steeds vaker weg toen zijn ziekte manifester werd. Het was een nieuw verschijnsel dat de Rijksvoorlichtingsdienst openheid van zaken gaf over de gezondheid van een lid van het Koninklijk Huis. Beatrix en Claus hadden daar op aan gedrongen. De RVD gaf 1 oktober 1982 dit bericht uit: `Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Claus is heden in verband met klachten van depressieve aard, voor enkele weken opgenomen in de Universiteitskliniek te Bazel bij prof. Dr. Kielholz.’


Die openheid was nieuw en werd door de drie kinderen niet leuk gevonden. Iedere vader kon ziek zijn zonder dat het NOS-Journaal daarover berichtte. Maar de ziekte van hun vader was internationaal nieuws. Volgens leerkrachten van het Haagse VCL had Willem-Alexander het er moeilijk mee. Begin jaren negentig sprak Claus op televisie over zijn ziekte. Die was voorbij, maar: `Het is toch iets wat veel dieper gaat, wat invloed heeft op je denken, op je hele persoonlijkheid en je uitzicht op je eigen functioneren, je toekomst en alles wat met je positie in het gezin, in de samenleving samenhangt.’

Verstrekkende gevolgen
De ziekte had verstrekkende gevolgen omdat Claus als klankbord voor Beatrix vaker wegviel. Van Willem-Alexander werd vaker gevraagd mee te gaan met zijn moeder op staatsbezoek naar Japan (1991) en Indonesië (1995). De jongens haalden hun diploma’s op de middelbare school. Maar Willem-Alexander was onrustig, hij wilde thuis weg al voordat hij het diploma van de middelbare school haalde. De reden: `Kijk ik vond mezelf niet lastig, En mijn ouders vonden zichzelf niet lastig. Maar elkaar vonden we wel lastig.’

De eerste jaren dat de Oranjes in Den Haag woonden leverden spanning op. Het duurde na de troonsbestijging even voor er een evenwicht was gevonden vanwege de nieuwe status die het gezin kreeg. De drie zoons laten opgroeien als normale kinderen was de inzet van Beatrix en Claus, maar ze liepen daarbij tegen zaken aan waarbij moest worden erkend dat het niet altijd kon. Pas toen dat werd geaccepteerd, stonden de gezinsleden er meer ontspannen in.

Potentiële huwelijkspartners
De zoons ontmoetten in de jaren negentig potentiële huwelijkspartners. Hun moeder speelde daar geen drempelverlagende rol in. Voor alledrie ging het verre van makkelijk. Beatrix realiseerde zich op enig moment dat de drie niet eeuwig ongetrouwd konden blijven omdat ze geen adellijke maar burgerlijke vriendinnen hadden. Zo was Constantijn al lang met Laurentien Brinkhorst voordat er een keer groen licht kwam. Willem-Alexander ontmoette Máxima Zorreguieta en vroeg haar ten huwelijk voordat duidelijk was of minister-president Kok er verantwoordelijkheid voor kon nemen. En Johan Friso en Mabel Wisse Smit wilden parlementaire toestemming voor hun huwelijk, maar verlieten die route na publiciteit over Mabels vriendschap met een vermoorde drugscrimineel. Prinses Margarita, de dochter van prinses Irene, koos de publicitaire aanval tegen haar tante Beatrix, omdat ze het idee had dat haar man niet werd geaccepteerd. Beatrix investeerde in het bijleggen van het conflict. Na de scheiding werd Margarita geruisloos weer in de familie opgenomen.

De gezondheid van Beatrix’ ouders en prins Claus gaven steeds grotere problemen. Claus stierf in 2002, Bernhard en Juliana in 2004. Haar nieuwe rol als grootmoeder beviel Beatrix: ze stuurde een kerstkaart de wereld in waarop ze werd omringd door alle kleinkinderen.

DE POLITIEK
Illustratief voor de ambitie van koningin Beatrix was haar sterke wens het ambacht van het koningschap in relatie met de politiek goed te vervullen. Dat uitte zich in haar eerste kabinetsformatie. In 1981 liet ze de informateurs dagelijks aan haar verslag doen van wat de politieke leiders Van Agt, Den Uyl en Terlouw aan schermutselingen hadden geleverd. Dat werd door iemand als Ed van Thijn niet zinvol gevonden. In aanloop naar haar tweede kabinetsformatie werd haar te verstaan gegeven dat het wel in een minder hoge frequentie mocht.

Haar relatie met de politiek was geïnstitutionaliseerd in periodieke contacten. Allereerst was er op iedere maandagmiddag het bezoek van de minister-president op maandagmiddag aan Huis ten Bosch. Daarin werd de laatste ministerraad van de vrijdag ervoor doorgenomen en de komende van die week. Maar ook aktuele ontwikkelingen of in- en uitgaande staatsbezoeken.

Vier premiers
Vier premiers dienden onder haar: Dries van Agt (1980/1981), Ruud Lubbers (1982-1989) Wim Kok (1994-2002) en Jan Peter Balkenende (2002-2009). Van Agt voelde zich geëxamineerd als zij met haar notitieblokje op schoot voor hem zat. Vermoedelijk haar beste contact had ze met Lubbers, die haar met zijn no nonsense –stijl moet hebben aangesproken. Lubbers zei ooit: `We werden verbonden door de gemeenschappelijke noemer dat we er iets van gingen maken. Daar ging een enorme kracht van uit, die vriend en vijand verbaasde.’

Kok was weliswaar generatiegenoot, wat een zekere band gaf, maar hij vond de tijd die hij in familiezaken moest steken zonde. Beatrix moet naar Kok hebben terugverlangd toen Balkenende het Torentje betrok. Ze trof een onervaren premier in een politiek turbulente tijd, terwijl zij al 22 jaar ervaring had. Bovendien had hij geen gelukkige hand in de invulling van de ministeriële verantwoordelijkheid, zoals het Kamerdebat over prinses Margarita. De Oranjes namen hem kwalijk dat hij Friso en Mabel publiekelijk desavoueerde. Balkenende had haar zoon kunnen zijn. Later werden de betrekkingen beter.

Advies
Ministers, dienaren van de Kroon, zag zij twee maal per jaar. Beatrix had de staatsrechtelijke positie te adviseren, aan te sporen en te vermanen. Oud-minister Hedy d’Ancona zei in een verhaal over twintig jaar Beatrix: `Ik heb nooit begrepen waarom je, als de koningin een opvatting te berde brengt, hyperventilerend naar je departement zou moeten rennen. Die neiging heb ik nooit gevoeld.’ Oud-minister van Sociale Zaken Bert de Vries kampte begin jaren negentig met de explosieve groei van het aantal uitkeringen van arbeidsongeschikten. De Vries daarover: `Misschien heeft de koningin mij aangemoedigd in de WAO-kwestie. De WAO baarde haar grote zorgen in algemene zin. Ze kwam niet zelf met concrete ideeën. Maar als ik een voorstel had, zei ze wel wat ze ervan vond. En toen ik weigerde het minimumloon te verlagen., zei ze: ``Waarom vindt u nu echt dat het niet omlaag kan?’’

DE MONARCHIE
De nieuwe koningin nam haar taak bloedserieus toen zij aantrad in 1980. De monarchie moest opnieuw worden uitgevonden, het koningschap diende op een moderne manier te worden uitgevoerd en respect afdwingen. Zodanig, dat de constitutionele monarchie geen omstreden staatsvorm meer zou zijn. De Oranjes moesten ver weg blijven van affaires en incidenten. De hofhouding werd een bedrijf. Werknemers moesten een verklaring ondertekenen dat zij nooit in de publiciteit zouden treden.

Voor Beatrix was het geen vanzelfsprekendheid dat de monarchie het ging redden onder haar aanvoering. Twee keer had ze de rand van de afgrond gezien. Als tiener, toen het conflict tussen haar ouders in 1956 culmineerde in de Greet Hofmans-affaire, de gebedgenezeres die invloed had op koningin Juliana. En aan de vooravond van haar troonsbestijging, in 1977. Tijdens de Lockheedaffaire hing haar vader strafrechtelijke vervolging boven het hoofd, omdat hij steekpenningen zou hebben aangenomen van een vliegtuigfabrikant. Beide affaires werden in banen geleid door de premiers Drees en Den Uyl.

Krakersrellen
Het republikanisme had door de Lockheedaffaire een nieuwe impuls gekregen en de krakersrellen op de dag van haar inhuldiging in 1980 hadden ook niet de uitstraling dat het vanzelf wel goed zou komen. Haar drie zonen moesten daarom goede opleidingen volgen. Ze moesten hun eigen brood kunnen verdienen.

Beatrix dwong respect af door een strakke organisatie van haar koningschap. De momenten waarop ze voor het oog van de natie naar buiten trad waren koninginnedag, het voorlezen van de Troonrede en de Kersttoespraak. Die laatste droeg volledig haar eigen stempel. In de Kersttoespraak uitte ze zich persoonlijk en toonde daarin haar engagement met maatschappelijke ontwikkelingen. Onder minister-president Lubbers waren er geen incidenten. Maar de populariteit van de Oranjes kon wel een oppepper gebruiken in 1988. Haar vijftigste verjaardag werd aangegrepen om een documentaire te maken, waarin haar gezinsleden ook aan het woord kwamen. Het werkte: de populariteit schoot omhoog.

Incidenten
Onder de andere premiers waren er wel incidenten. Zowel Kok als Balkenende ontsnapten er niet aan hun ministeriële verantwoordelijkheid te nemen. Lubbers had daar wel een verklaring voor. In 2000 zei hij veel met Beatrix te spreken over de opbouwfase van haar koningschap. Daardoor zag en hoorde hij zaken veel sneller. `Waarschijnlijk door er zo met mijn karakter bovenop te zitten en er veel mee bezig te zijn, liep het smooth.’

In de politieke en bestuurlijke elite werd er in de tweede van de jaren negentig achter de hand gemopperd over haar vermeende invloed. Wat staatsrechtgeleerde Peter Rehwinkel eens omschreef als: Beatrix was lange tijd een perfecte koningin, maar ze werd in toenemende mate als perfectionistisch ervaren. Affaires waren de opening van Nederlandse ambassade in Amman, waar zij achter zou zitten, de gedwongen overplaatsing van een ambassadeur in Zuid-Afrika, het IOC-lidmaatschap van Willem-Alexander, de weigering van subsidie voor het toneelstuk Emily en de wintersportvkantie in Oostenrijk, waar de partij van Jörg Haider net in de regering kwam.

Debat
In 2000 achtte D66-fractievoorzitter Thom de Graaf het klimaat rijp voor een debat over het ontnemen van de politieke invloed van het staatshoofd.Voor Beatrix was de onrust rond het koningschap het reden om gesprekken op paleis Huis ten Bosch te beginnen. Samen met Willem-Alexander ontving zij gasten rond een thema om toekomstige ontwikkelingen te inventariseren en het effect dat deze op de monarchie hebben. Een van de uitkomsten was dat Beatrix een perfect staatshoofd was, maar niet een moeder van de natie. Dat zou ze meer moeten tonen. Illustratief in dat verband was de kop in dagblad De Stem in 1998 ter gelegenheid van haar zestigste verjaardag: `Wie Beatrix is, wat zij denkt en wat zij voelt, weet niemand.’

Beatrix hoefde er uiteindelijk zelf niet eens veel voor te doen. Het lot maakte van haar in vijf jaar tijd een weduwe, een wees en een grootmoeder. De drie bijzettingen van prins Claus, prins Bernhard en prinses Juliana en de huwelijken van haar drie zonen werden door de natie via televisie meebeleefd.

HET LAND
Beatrix werd koningin van een land dat in een economische crisis verkeerde. De voorspoed die in de jaren zestig en zeventig gewoon begon te worden, kreeg een geduchte knauw door de oliecrisis midden jaren zeventig. De naweeën daarvan waren bij het aantreden van Beatrix in 1980 allerminst voorbij. Het gecompliceerde was dat het kabinet Van Agt-Wiegel een krappe meerderheid had. Een tiental kamerleden uit het CDA verleende gedoogsteun, waardoor echte bezuinigingen niet konden worden uitgevoerd. Het financieringstekort kwam boven de tien procent uit. `Beatrix trof geen gelukkig land aan.’ zegt Paul Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau.`Het stond er helemaal niet goed voor. We hadden problemen met uitstervende oude industrieën zoals de textielfabrieken. Er ontstond massawerkloosheid en de huizenmarkt stortte in. De Wet op de Arbeidsongeschiktheid (WAO) explodeerde: het werd door werkgevers beschouwd als een goedkope afvloeiingsregeling van personeel. We hadden de Dutch disease, er werd potverteerd.’ Internationaal gezien waren de spanningen tussen Oost en West nog in volle gang. De dreigende plaatsing van Amerikaanse kruisraketten op Nederlands grondgebied zorgde voor twee massale demonstraties. Het actiewezen kraakte, demonstreerde tegen kerncentrales, het kappen van bomen in Amelisweerd en het laten lopen van treinen met chemische stoffen door dichtbevolkt gebied.

Na het kabinet-Van Agt/Wiegel trad er weer een kabinet aan dat niet de kracht had iets te verrichten: het kabinet met Van Agt , Den Uyl en Terlouw stortte na negen maanden definitief in. Bij het aantreden van Lubbers eind 1982 was het politieke klimaat rijp voor steviger ingrepen. Er was een solide parlementaire basis van CDA en VVD. Er werd gekort op de ambtenarensalarissen, waardoor maatschappelijke onrust ontstond. Er werd hard ingegerepen op begrotingen van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en van Onderwijs. Minister-president Lubbers werd door de Britse premier Margaret Thatcher `Ruud Shock’ genoemd.

Realiteitsbesef
Schnabel: `Nederland hechtte mentaal nog aan de vrijheid van de jaren zestig en zeventig. Maar er groeide begin jaren tachtig een realiteitsbesef dat het anders moest. Beatrix behoorde tot die laatste stroming. Er werd een zeker formalisme geïntroduceerd. Lang haar in het leger verdween, bankemployees werden geacht zich netjes te kleden. Stel je voor dat Beatrix in haar stijl haar moeder had gevolgd. Dat was dan toch een beetje al te welzijnswerkachtig geworden. Thatcher trad aan in dezelfde periode als Beatrix. Ze was perfect gekleed en gekapt in een Engeland dat steeds harder achteruit ging. Haar uitstraling van effeciency en effectiviteit doorbrak de lethargie. Beatrix zette dat zelfde beeld perfect in Nederland neer.’

Het CDA switchte in 1989 na twee kabinetten met de VVD en koos de PvdA als regeringspartner. Het spook van de WAO moest worden aangepakt. Lubbers verbond er zijn politieke lot aan: bij 1 miljoen WAO’ers zou hij stoppen als politicus. `Nederland is ziek’ , zei hij in een toespraak. In 1994 werden de christendemocraten uit de macht gestoten en brak een periode van economische voorspoed onder paarse kabinetten aan.

Geslaagd
Hoe laat Beatrix na vier kabinetten Balkenende het land achter? Schnabel: `Haar eigen missie is geslaagd, er is geen opvolgingsdiscussie. Er is een zware economische crisis gaande, maar we zijn veel rijker dan in 1980. Op wereldschaal zijn we de dertiende economische macht. Er wordt veel gekankerd in dit land, maar de sociale cohesie en het nationaal gevoel zijn veel sterker dan in 1980.’

Koningin Beatrix wordt op 30 april 1980 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam beëdigd tot Koningin der Nederlanden. Haar man, prins Claus, staat naast haar. (EPA)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden