De ereburger van Harekbeke heeft nergens spijt van

Het was een lange weg, van de Haagse Schilderswijk naar de Maria Aalter-straat in het Vlaamse Aalter en de herinneringen zijn talrijk....

ALS DE CHAMPAGNE nog bubbelt in het glas, de wijn is besteld en de kok aan de slag is gegaan, grijpt Henk Houwaart (50) zijn zoon Enzio (tien maanden) bij de lurven. 'Werelds hè.' Enzio krijgt ook een slok champagne. 'Dat kind lust àlles.' Dorien (40) lacht.

Enzio is Italiaans voor Henk, vandaar. Houwaart had bovendien al een Henk, Henkie eigenlijk, zijn oudste zoon (30). Enzio is de vierde. Dorien is zijn derde vrouw. Stápelverliefd zijn ze. Al zeventien jaar lang. Maar pas twee jaar geleden zijn ze getrouwd.

'Ik heb haar leren kennen tijdens een receptie in Knesselare. Hartstikke druk was het daar. Henk, zei een vriend, we gaan rustig een pintje drinken aan de overkant. Kwamen we terecht in zo'n klein boerencafeetje, met een oudere man en vrouw achter de toog. Pintje, nog een pintje, wat doen we, nog één of terug naar de receptie. Nou, nog eentje dan.

'Ik draai me om, bestel en zie haar. Een beeld van een vrouw. Ik heb een beetje met haar gebabbeld. Later ben ik er vaker heen gegaan. Je kent dat, een lekkere meid, daar kom je voor terug, en nog eens, en nog eens. Sindsdien hebben we altijd contact gehad. Maar zij kon niet weg, van thuis, van haar vader en moeder en haar vent, die voerde terreur, dat was een wolf die er altijd bovenop zat.'

Eenmaal kwam het tot een confrontatie tussen man en minnaar. In het gevecht porde Houwaart een vismesje tussen de ribben van zijn rivaal. Zelfverdediging, oordeelde de rechter. Vanaf dat moment werd het rustig. 'Ze beefde voor die man, ze kreeg ook slaag van hem.'

Voorbestemd waren ze voor elkaar, Dorien en Henk. 'We zijn een keer drie dagen gevlucht. Maar ze moest terug, naar haar vader en moeder en het café. Toen hebben we elkaar een tijdje verwaarloosd. Wel veel gebeld. Ik ben gaan trouwen. Met haar vriendin. Stom. Zij is ook gaan trouwen, kindje, ik ook een kindje, stom, stom, stom. De ene is bij ons, de andere bij mijn ex-vrouw. Hadden we maar . . ., denken we vaak. Dan hadden wij nu drie kinderen gehad.

'Maar we zijn samengekomen, de drang was te sterk. Niets en niemand kon ons tegenhouden. Toen ik in Griekenland zat, heb ik telefoonrekeningen gehad van drie, vierduizend francs per avond. Uren hingen we aan die telefoon, úren. Je houdt niet van me, zei ze. Ik houd wel van je, zei ik. Je ziet andere vrouwen, zei ze dan. Nee, zei ik.

'Als je van me houdt, kom je vrijdag naar Brussel, zei ze. Goed, zei ik, vrijdag ben ik Brussel. Heb ik het vliegtuig gepakt van Athene naar Brussel. Zij stond te wachten. Zijn we gaan eten, nog naar boven geweest. De volgende dag pakte ik het vliegtuig weer. Tja, als je gek bent op een vrouw doe je dat.' Zegt hij, in een smeuïg mengsel van Haags en Vlaams.

HENK HOUWAART IS tegenwoordig voetbaltrainer van RC Harelbeke, Dorien uitbaatster van het café in Knesselare. Vijf minuten rijden is het van Aalter naar Knesselare, een dorp van niks tussen Brugge en Gent, maar stampvol is het van donderdag tot en met zondag in het café. Het is een hele toffe zaak, volgens Houwaart.

'Toevallig hebben we de boel drie weken geleden weer helemaal opgeknapt. Geverfd en wat andere dingetjes erin, poppen vooral, hele mooie poppen. Ik laat 'r maar gaan. Ze vindt het er leuk. Nee joh, ik niet. Ik zit liever gewoon in een cafeetje, aan de toog, muziekje, pintje, lekker muziekje. Frank Sinatra, Dean Martin, Nat King Cole, dat is mijn muziek. En in de auto altijd Corry, Johnny Jordaan, Koos Alberts, dat werk.

'Die muziek van tegenwoordig, boemberdeboemberdeboem, gek word ik van. Als ik boven de zaak probeer te slapen, hoor ik alleen maar boem, boem, boem. Die kleine slaapt overal doorheen. Die heeft negen maanden in die buik gezeten. Alle geluiden kende hij al. In het begin ging ik 's avonds gewoon naar huis, maar dat was niks. Moest ze om vijf, zes uur met die tas met geld over straat. En er kan in het café ook wat gebeuren ook, ja toch?'

Later: 'Ik wilde maar dat ze er mee stopte.'

De Maria Aalter-straat kronkelt loom door het Vlaamse landschap. De vijfde villa van rechts is uitbundig ingericht. Uit een bronsgroen, geblinddoekt vrouwenhoofd priemt een lamp omhoog. Een schilderij van een clown, door de man des huizes zelf gemaakt.

Flessen champagne. Vele foto's met gouden lijstjes. Dorien als zangeres, ooit heeft ze zelfs een plaatje gemaakt. Dorien en Henk. Dorien, Henk en Enzio. Op alle foto's lachen ze uitbundig.

'Ik woon al 28 jaar in België, bijna de helft van mijn leven. Hier heb ik het leven geleerd. Ik lust graag bloemkool of een erwtensoeppie, maar liever eet ik kaviaar of een oestertje. Wegwezen, vuile viezerik, zei ik vroeger als ze me een oester voorzetten. Pappa, pappa, schreeuwden mijn zoons dan, dat ga je toch niet opeten hè, niet doen, niet doen.

'En kreeft, ik weet nog, met Robbie Rensenbrink ging ik in Zeebrugge m'n contract met Brugge tekenen. Lagoustine, werd er besteld. Had ik nog nooit van m'n leven gegeten. Ik zie de Belgen die poten er af trekken, en zuigen! Wat een vuile viezeriken, zei ik tegen m'n vrouw. Ze zaten daar maar aan die poten te zuigen. En Robbie en ik zaten met mes en vork een beetje dat witte spul er uit te halen.

'Maar als je me nou ziet eten, denk je: joh, wat ben jij een vieze Belg geworden. Ik heb dat geleerd. Een kreeft moet je lekker beet kunnen pakken en mee aan de gang gaan.

'Mijn vrouw heeft die zaak, die gaat ook niet nog eens eten klaarmaken. We gaan drie, vier keer per week ergens een dagschoteltje eten. Heel gezellig. En lekker hoor. Aperetiefje, dagschoteltje, koffietje, heerlijk.

'Oh, zullen er nu wel weer mensen zeggen, daar heb je Houwaart weer, met z'n champagne en z'n oesters. Maar ik houd nu eenmaal van champagne en lekker eten. En ik kan het betalen ook.'

Houwaart groeide op in het hart van de Haagse Schilderswijk, in een groot gezin met zeven broers en zussen. 'Als er één ziek was, waren we allemaal ziek.' Zo'n gezin waar iedereen altijd welkom was en soms wel twintig kinderen naar de televisie keken, op de grond. Er waren niet veel televisies toen, in de Schilderswijk. Later werd er een kleurenstrip op het scherm geplakt. 'Dan was het net of we kleurentelevisie hadden.'

Armoede kende het gezin niet, rijkdom evenmin. Het zat er net tussenin. Houwaart praat met trots over zijn ouders, 'wereldmensen' waren het. De herinneringen doen hem goed. 'We hadden niks, maar we waren gelukkig.'

HIJ HAD HET geluk dat hij goed kon voetballen. Niet heel goed, maar goed genoeg om één interland, tegen Tsjechoslowakije, te spelen. 'Aan de spelers van nu zie je dat het volkslied ze helemaal niets meer doet. Ik stond koud, stijf, duimen vooruit, borst vooruit, het was zó mooi. Ik ben Belg geworden, omdat ik dan niet meer als buitenlander werd geteld, maar bij ons volkslied lopen de rillingen nog steeds over mijn rug. Dat blijft.

'Ik heb een prachtig carrière achter de rug. Jammer dat het zo kort was, ik was dertig en toen was het gedaan. Maar ik ben al weer twintig jaar trainer, ook mooi hoor.' Nee, plakboeken heeft hij niet. 'Ooit had ik enorme stapels. Alles is weg. Mijn eerste vrouw heeft alles verbrand in de open haard. En wat ik daarna heb verzameld en gekregen, is ook weg. Zal mijn tweede vrouw wel in de vuilnisbak hebben gegooid. Jammer.'

Houwaart was speler bij ADO, FC Twente, Club Brugge en Antwerp. Hij zette zich in alsof zijn leven er vanaf hing en eiste dat ook van anderen. Het verklaart waarom Ernst Happel zo verzot op hem was. Zeven jaar werkte Houwaart met Happel samen, in het Haagse Zuiderpark en het Olympiastadion van Club Brugge.

'Ik ben rechtuit, zoals Happel was. Ik kan het niet verdragen dat iemand de kantjes er vanaf loopt. Luiheid verdraag ik niet. Luie maten schopte ik op de training onderuit, want ze speelden ook voor mijn geld. Hup, tackle en dan pakte ik een stukkie vlees mee. Hé Henk, wat maak jij nou, zeiden ze dan. Wèrken zondag, zei ik dan, werken jongens.

'Met Happel hebben we ooit twee maanden in Amerika gespeeld. Twintig was ik, en getrouwd. Ik was zeventien, zij vijftien toen we elkaar leerden kennen. Verloven, trouwen, zo ging dat vroeger, maar goed was het niet. En dan met de maten naar Amerika.

'Happel zei altijd: prestaties? Dan vrij. Geen prestaties? dan binnen blijven. We speelden daar de pannen van het dak. We kregen de man vierduizend gulden voor die twee maanden, dat was veel geld. Ik was het snel kwijt, ik moest lenen om rond te komen. Maar andere gasten, Harry Vos en Dick Advocaat, die hadden alles nog over. Die kochten één hamburger en ze aten er vier dagen van.

'Ik was jong en getrouwd, maar wie beseft dat hij getrouwd is als hij twee maanden op stap kan in Amerika? Er zijn zoveel mooie vrouwen. ADO had zich kunnen plaatsen voor de finale, maar sommige gasten hadden heimwee. Halve finale, voorzet, ik pak een omhaal, kwak en binnen, 1-0. Die gasten meteen: Henk, ben je gek geworden, als we winnen moeten we een week langer blijven. We willen naar huis.

'Toen lieten ze expres twee ballen door, 2-1 verloren. Heel Amerika heb ik gezien en ik werd in het sterrenteam gekozen. Met Banks, Boninsegna, Riva. Ik had de tijd van mijn leven. Maar Vos, Advocaat, De Zoete, die wilden naar huis, dat waren van die jongens die altijd in het hotel bleven. Die gingen nooit weg, ja, om naar ouwe stenen of kerken te kijken. Maar dat interesseerde mij nou niet zo erg.

'Happel was voor velen een bulldog. Maar binnenin was het een lachebek. Het was een hele lieve vent. Hij is al vier jaar dood, wat gaat dat hard hè. Ik zat een whisky te drinken toen iemand me kwam zeggen dat Happel was overleden. Hij is 66 geworden. Ik ben 50. Zestien jaar, misschien heb ik nog maar zestien jaar te leven. Nou, zeg ik dan, profiteer er maar lekker van. En dat doe ik.'

Nog steeds traint Houwaart volgens het stramien van Happel, een eerbetoon dat al twintig jaar voortduurt. Waarom veranderen als de aanpak succesvol is? 'Maandag training zus, dinsdag zo, woensdag vrij, enzovoort. Overal waar ik zat heb ik succes gehad. Ik ben goed bezig. Ik weet dat het niet mijn schuld is als we verliezen. Als die meikever van een keeper onder de bal doorloopt, en nog een keer, wat moet je dan?'

'Vroeger kon ik niet verliezen. Dorien heeft me veranderd. Verliezen is erg, het gaat dwars door je heen, maar ik til er niet zo zwaar meer aan als vroeger.

'Twee, drie maanden geleden kreeg ik een telefoontje van m'n broer. Zes keer hebben ze hem geopereerd, kanker had-ie, kwaadaardig. Ik heb hier zitten huilen als een klein kind. Dat vond ik veel erger dan welke nederlaag dan ook. Nu gaat het goed met hem. Hij is er doorheen en doet alles weer. Zó'n krop in je keel hè, als je dat hoort. Dat is pas een overwinning.'

Houwaart was trainer van zes clubs in België. Club Brugge, dat is dé club. Hij speelde er zes jaar en was er vijf jaar trainer. Onder Happel was Club superieur, onder Houwaart super, zeggen ze in België. In Griekenland werkte hij bij Xanthi en Ethnikos. In de zomer van 1994 trad hij in dienst van RC Harelbeke, De Ratten. Inmiddels is hij ereburger van Harelbeke.

'Toen we vorig seizoen de nacompetitie wonnen, dook de voorzitter om mijn nek en begon te huilen als een klein kind. Dat vind je toch nergens? Henk, zei hij, wat doe je me aan, wat doe je me aan. Heerlijk vond hij het.

'Ze luisteren bij Harelbeke naar mij. Wat ik daar teweeg heb gebracht, in anderhalf jaar tijd, het is ongelofelijk. Er is zelfs een nieuw stadion gebouwd. Zevenhonderd man zat er per wedstrijd, nu gemiddeld vijf, zesduizend.

'Nog een keer naar het buitenland, dat zou ik willen. Ik kreeg laatst weer een aanbieding van Xanthi. Maar ik kon Harelbeke niet in de steek laten. Mijn advocaat is de voorzitter van Harelbeke, Geert Sustronck. Die doet heel veel voor mij. Als je me in de steek laat, zei hij, dan betaal je je alsnog scheel aan onkosten. Twee keer ben ik gescheiden, nou, dan weet je het wel. Maar graag zou ik nog een keer het buitenland pakken.

'Komt er een goede buitenlandse club, dan ben ik weg. En zij gaat mee, jazeker, nu wel. Vroeger niet, maar ze wordt het café ook een beetje beu. Maar ze verdient goed, ik verdien goed, dan ga je geen gekke dingen doen.'

UITBUNDIG IS zijn stijl van leven en zonder opsmuk zijn stijl, overal dus ook in Griekenland waar hij ooit, toen de nationale ploeg er een wedstrijd speelde, een peloton Belgische verslaggevers door het nachtleven leidde. 'Ik nam ze mee naar de bouzouki. Die tafel vooraan was voor mij, de zangers en zangeressen kwamen altijd bij mij zitten. Iedereen was zo dronken als een toeter. Henk, ga op dat podium staan, tussen die vrouwen met die blote billen! Mooi niet. Dan staat er meteen weer zo'n verhaal in de kranten dat Houwaart alleen maar feest viert. Levensgevaarlijk.

'Ik geniet van het leven. Mijn naam is regelmatig met Anderlecht in verband gebracht. En altijd werd er gezegd: Houwaart, levensgenieter. Wat nou levensgenieter? Ik lust graag een glaasje champagne. Maar hoeren en snoeren, dat doe ik niet.

'Ik ben vijftig, oké. Maar soms zie ik een gast van vijftig en dan denk ik: wat zie jij er oud uit. Met veertigjarigen, hetzelfde. Die schat ik soms ouder dan ik. Zó verouderd. Ik ga met jonge mensen om, dat scheelt. Mijn zoons, dat zijn broers voor me, wereldgasten zijn het. Ik voel me jong. Ik wil niet oud zijn.

'Ik ben gelukkig. Van mij mag het Harelbeke zijn. Ik heb alles wat mijn hartje begeerd. Spijt heb ik maar van één ding: dat ik voor de tweede keer ben getrouwd. Dat was een misstap. Ik zie die kleine heel weinig, ze werkt me zwaar tegen, zij is advocate, ze kent de weg. Voor de rest: nergens spijt van. Prachtig leven, mooie gezonde kinderen, nee, heerlijk.

'Voor het eerst van mijn leven verlang ik naar huis als ik op pad ben. Dat gevoel heb ik nooit eerder gehad. Als ik er niet ben, mis ik mijn vrouw en mijn kind.

'Dorien en ik zijn altijd aan het vrijen, en we kennen elkaar al zeventien jaar. Altijd zitten we aan elkaar, pakken we elkaar lekker beet. En dan zie je de mensen kijken: zijn die pas verloofd of zoiets? Zij is stapel op mij en ik van haar. En dan nog zo'n wereldkind erbij.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden