De enige vrouw in het truckersrestaurant heeft de toekomst

Verslaggeverscolumn ¿ Margriet Oostveen in Amersfoort

De Tweede Steeg ligt als een klein baken van troost in de oksel van de A1 en de A28. Een begrip voor truckers naast verkeersknelpunt Hoevelaken. Ik reed rond etenstijd naar het restaurant in de oude boerderij, om te horen of het weer een beetje de moeite waard is om vrachtwagenchauffeur te worden. Nederland heeft de komende twee jaar drieduizend extra truckers nodig, lieten de twee voornaamste brancheverenigingen voor transport en logistiek maandag weten. Zo goed gaat het weer met de economie.

Bij Hoevelaken kunnen vrachtwagenchauffeurs kiezen: in de groeiende file blijven staan en kostbare rijtijd verliezen. Of lekker lever met spek en ui gaan eten, en vla met slagroom toe, een douche nemen achter het restaurant, en overnachten in de cabine, op de parkeerplaats achter.

Overnachten? Ik zit tussen vier chauffeurs aan de lange tafel: Marco de Geus, Henk-Jan Pauw, Herman Brinkman en Jacob Volkerts. Marco en Henk-Jan zijn vrienden, ze hebben samen iets van een vrolijk echtpaar, op de weg appen ze elkaar alvast: Zie je in de Steeg? Oké jongen.

Ik was in de veronderstelling dat de ruim tachtig voornamelijk Nederlandse chauffeurs in dit restaurant na hun karbonades, macaroni, nasi weer zouden vertrekken - al zitten er dan inderdaad wel wat veel aan het bier. Nee, nee, iedereen blijft slapen. Herman bijvoorbeeld rijdt stukgoed door de Benelux en is nu, om zeven uur 's avonds, nota bene maar een uur en een kwartier rijden verwijderd van zijn eigen bed thuis in Nijverdal. Maar over één uur zit zijn maximale rijtijd voor de dag erop. De digitale tachograaf in de cabine houdt alles precies bij, daar valt niets meer mee te sjoemelen zoals met de boekjes die ze vroeger zelf bijhielden ('de leugenboekjes').

Marco de Geus (l) en Henk-Jan Pauw.

Chauffeur zijn werd zo comfortabeler, maar ook zijn ze nu jongleur met uren. Het parkeerterrein kreeg door al dat schemaslapen het formaat klein vliegveld.

Wat nog meer veranderde. Dat het 'ruwer' werd, ten eerste. Binnen is alles behaaglijk en gezellig, maar buiten helpen chauffeurs elkaar niet meer. Verwacht niet dat nog iemand stopt als je met een lekke band staat, dat past niet meer in rijschema's. Vroeger spraken ze elkaar vanzelf meer, bij de grens stond je zo een uur te wachten. Nu rijdt iedereen door.

Een belangrijke oorzaak van al die ingewikkelde schema's, zegt Jacob, is dat bedrijven zelf nauwelijks meer voorraden hebben. Zelf rijdt hij al jaren met koek. Vroeger leegde je eens per week een truck bij zo'n grootwinkelbedrijf, nu staan er vier winkels per dag op je loslijst en is het een pallet hier, palletje daar. Overal is teveel assortiment, zeggen ze: teveel welvaart en onvoldoende ruimte om dat allemaal op te slaan.

Herman Brinkman.

Ze zijn allemaal in vaste dienst. En ze zien dat veel mensen die rond de crisis via payrollconstructies werden betaald, daarna toch in dienst zijn genomen.

De wegen zijn goed opgeknapt, het is prettig rijden nu, alle smalle bruggetjes zijn eruit, bijna overal is het breder. Nu de automobilisten nog. Henk-Jan heeft het idee dat ze tegenwoordig 'allemaal dood willen'. Mensen voelen zich geen déélnemer aan het verkeer meer, moppert Marco: 'zij zíjn het verkeer'.

Ik zie anders ook genoeg truckers met een mobiel in hun hand een zwabber maken, zeg ik. Is óók zo, zeggen ze, is óók zo, 'komt ook door het inhaalverbod, je gaat je dood vervelen.'

Anne Koning.

Zelf raden ze hun kinderen niet aan om chauffeur te worden, het salaris komt gemiddeld toch niet veel hoger dan zo'n 1.600 netto. Op tank- en kraanwagens verdienen de 'herenchauffeurs' wat meer. Hun tegenpolen, de ruwste chauffeurs, die zitten op de veewagens. 'De cowboys.' Die doen 'alles wat niet mag' om snel bij de slacht te komen.

Tachtig chauffeurs, bijna allemaal mannen van ruim boven de veertig. Maar er zit ook één kalme jonge vrouw: Anne Koning (29) uit Kloosterhaar, dameschauffeur. Anne rijdt buitenmaats, 'exceptioneel' transport. Veilig voelt ze zich vaak niet, zegt ze. Als een groep onverstaanbare chauffeurs je in het donker nastaart op weg naar de wc, dat is niet prettig. Anne weet daarom precies waar ze wel en niet overnacht. En dit is de enige geschikte plaats voor een vrouw op weg naar Zeewolde. 'Maar als vrouw in een mannenberoep moet je niet zeiken, vind ik.'

In haar cabine ligt iets ter zelfverdediging - of ik even niet opschrijf wat. Maar ze heeft het nog niet nodig gehad.

Het leuke is dat Anne hier het meest verdient van allemaal. Secuur rijden betaalt goed, zeker als je alleen de weekends thuis slaapt. Hopla: drieduizend netto.

En nog leuker is hoe Marco, Jacob, Henk-Jan en Herman naar haar keken en zeiden: fantastisch toch.

Reageren? m.oostveen@volkskrant.nl

Meer over