De empathische lezer

Wat zegt de wetenschap over de actualiteit? Deze week: de Boekenweek en hoe romans ons vriendelijker maken.

TONIE MUDDE

Een verhaal uit je duim zuigen en dat vervolgens opschrijven: wat heeft de samenleving daar eigenlijk aan? In een tijd waarin literatuursubsidies onder druk staan, is dat onder bestuurders geen gekke vraag. Want natuurlijk, l'art pour l'art is goed, maar aantoonbare baten zijn beter.

Onderzoekers van de universiteit van Toronto ontdekten in 2006 een verband: hoe meer fictie iemand in zijn leven had gelezen, des te hoger die persoon scoorde op empathie. Vergeleken met liefhebbers van non-fictie konden de fictielezers zich bijvoorbeeld meer vinden in stellingen als: bij een meningsverschil probeer ik de kwestie eerst vanuit ieders standpunt te bekijken.

Waarom juist het lezen van fictie gepaard gaat met empathie? Volgens de Canadese onderzoekers heeft fictie - in tegenstelling tot bijvoorbeeld krantenartikelen of geschiedenisboeken - een vertelstructuur waardoor de lezer zich emotioneel verplaatst in een ander. Literatuur zou daarmee indirect bijdragen aan meer begrip tussen mensen, tot minder conflicten op het werk, tot een hogere productiviteit, et cetera.

Een beetje verdacht is de Canadese studie wel: een van de onderzoekers is zélf parttime romanschrijver. Bovendien staat de kip-of-ei-vraag nog open: word je empathischer van het lezen van een roman, of lezen empathische mensen simpelweg meer romans?

Organisatiepsycholoog Matthijs Bal van de Vrije Universiteit in Amsterdam zocht dat dit jaar uit en publiceerde erover in het wetenschappelijk tijdschrift Plos One. Zijn proefpersonen deden empathie-testen voor en na het lezen van verschillende soorten verhalen, variërend van Sherlock Holmes tot Volkskrant-artikelen over rellen in Libië. Zijn studie suggereert dat het inderdaad het verhaal is dat mensen empathischer maakt - of liever: de typische verhaalstructuur van fictie, waarbij je meeleeft met de avonturen en drama's van hoofdpersonen.

Rest de vraag in hoeverre fictie daarin uniek is. Wie de wetenschappelijke archieven doorzoekt, ontdekt al snel een flinke lijst aan empathie-verhogende activiteiten, variërend van samen muziek maken tot mediteren.

Ook videogames kunnen mensen vriendelijker maken. Onderzoekers van de University of Sussex lieten proefpersonen games in verschillende genres spelen. Na 8 minuten zei de onderzoeker dat het experiment voorbij was en liet hij een beker vol pennen vallen. 22 procent van de Tetris-spelers (puzzelen met geometrische vormen) hielp mee bij het oppakken van de pennen. Bij spelers van Lemmings - ook puzzelen, maar dan met schattige wezentjes die uit een doolhof willen ontsnappen - lag dit percentage een stuk hoger: 55 procent.

De kracht van dit laatste experiment is vooral dat het echte gedragsverandering meet en niet alleen zelfgerapporteerde vriendelijkheid. Want zolang onderzoekers zich, op zoek naar het effect van fictie, beperken tot vragenlijsten, zal altijd die twijfel blijven: beschikken romanlezers werkelijk over grote empathische kwaliteiten of kunnen ze dat alleen uitstekend veinzen op papier?

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden