'De elite heeft het afgelegd'

Woensdag geeft Bram de Swaan de Thomas More-lezing, over de gevolgen van het ongebreidelde geloof in de vrije markt. 'De kredietcrisis deed me sterk denken aan de val van het communisme.' Door Peter Giesen

Met nauwelijks verholen leedvermaak zagen tv-kijkers in 2008 hoe de fat cats van Wall Street hun kantoor ontruimden en de sleutels van hun Ferrari's en Porsches moesten inleveren. De helden van de vrije markt hadden gefaald, hun bedrijf naar de knoppen geholpen en de wereld in een crisis gestort.


De kredietcrisis zou tot een ommekeer leiden, voorspelden niet de minste denkers, zoals de socioloog Richard Sennett en de econoom Joseph Stiglitz. De overheid zou de excessen van de vrije markt beteugelen. Amper twee jaar later lijkt er niets terechtgekomen van dat linkse optimisme. Integendeel: Nederland heeft het meest rechtse kabinet sinds mensenheugenis, in Groot-Brittannië wonnen de Conservatieven, in de Verenigde Staten de Republikeinen, gesteund door de Tea Party. De volkswoede keerde zich niet tegen de zakenelite, die de crisis had veroorzaakt, maar tegen de 'linkse elite'.


'In tijden van dreiging en onzekerheid zie je vaker een ruk naar rechts. Dat is een natuurlijke impuls. De broekriem aanhalen. Dat klinkt verstandig, en is het soms ook', zegt Abram de Swaan (68), socioloog en emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.


Aanstaande woensdag geeft hij in Amsterdam de Thomas More-lezing, Het financiële regime, over de gevolgen van een moderne dwaalleer. De mensen verkeerden in de greep van een utopische doctrine die inhield dat 'de volkomen vrije markt' vanzelf zou leiden tot de best mogelijke wereld. Met dit 'marktisme' konden topmanagers hun kolossale beloningen legitimeren. De markt zou immers 'toptalent' honoreren, dus moesten zij wel toptalenten zijn, jammer voor alle anderen die minder begiftigd waren. Zij werden hierin gesteund door een economische wetenschap die in toenemende mate haar wiskundige modellen voor de sociale werkelijkheid versleet.


De managers zijn van hun voetstuk gevallen, de beperkingen van de economische wetenschap ondubbelzinnig aan het licht gekomen. Maar een culturele omslag is vooralsnog uitgebleven. Het ontbreekt aan rebelse pamflettisten die het grootkapitaal aanklagen, zoals Multatuli en Jacques de Kadt dat deden met de misstanden van hun tijd. 'Cabaretiers houden zich nu vooral bezig met ontlasting en seksualiteit, grote menselijke thema's, maar je hoort ze niet over de crisis. Je ziet wat er gebeurt als Youp van 't Hek iets aanpakt, en dat is dan alleen nog maar het voorportaal, waar meisjes van 16 voor een scholierenloontje klagers proberen af te schepen.'


Misschien dat op dit moment een 17-jarige in Velp zich warmloopt om het vrijemarktfundamentalisme te bestrijden, oppert De Swaan, maar tot die tijd kampen we met culturele verlamming. 'Je zou zeggen, 'de elite', dat zijn toch de bankiers en de grote industriëlen. Eigenlijk heeft de zogenaamde culturele elite de strijd allang verloren. Dat begon in de jaren zeventig met een revolte tegen de publieke omroep, door Radio Veronica en Radio Noordzee.'


Daardoor veranderde de Nederlandse cultuur ingrijpend van karakter, zegt De Swaan. 'Van pakweg 1880 tot 1980 bestond één grote consensus tussen alle partijen: het volk moest verheven worden. Zelfs de provo's vonden dat nog, die hadden het over het klootjesvolk. Maar de mensen van Veronica en de 'vrije zakenjongens' die hen financierden, vonden dat helemaal niet. Er viel niets te verheffen, zeiden zij, het volk was goed zoals het was. Zij hebben dat verregaand gewonnen. Wat je nu ziet, is de hoon van de triomferende machten tegenover een kleine culturele elite die het eigenlijk al heeft afgelegd.'


In zijn lezing memoreert De Swaan dat tijdens zijn leven twee wereldrijken instortten, omdat zij in de greep waren van een waanidee, het nationaal-socialisme en het communisme. 'De kredietcrisis deed me sterk denken aan de val van het communisme. In Moskou waren ze daardoor volkomen verrast. Toen werd hier gedacht dat zoiets ons niet zou kunnen overkomen. Wij zijn toch een open samenleving, vol levendige tegenspraak. We hebben geen geheime politie, we kunnen wetenschappers niet dwingen om leugentheorieën te verkondigen. Toch hebben we ook hier te veel geloof gehecht aan doctrines over de vrije markt. Het is ook niet gelukt om te zeggen: hier ontstaan luchtbellen, dit zijn processen die tot een implosie moeten leiden. Mensen als Alan Greenspan, de voorzitter van de Amerikaanse Fed, lieten zich meeslepen door de gedachte dat de vrije markt onbeperkt zou blijven groeien. Ik heb dat ooit het 'iets-voor-nietsisme' genoemd: je kon op de pof consumeren, op krediet steeds maar meer importeren, een land in het Midden-Oosten bezetten, zonder dat iemand zich daar ook maar iets voor hoefde te ontzeggen.


'Het 'marktisme' kwam sommige mensen dan ook goed uit. Topbestuurders konden zich presenteren als de alfamannetjes die in een keihard marktgevecht boven kwamen drijven en derhalve recht hadden op een maximale beloning. Hun grootste talent is dat zij de indruk weten te wekken dat ze buitengewoon knappe bestuurders zijn. Als de bomen tot in de hemel reiken, is het hun verdienste wanneer de koerswaarde van hun bedrijf is gestegen, en in tijden van neergang is het niet hun schuld, maar die van de wereld als de koers daalt. Het is een permanente propagandamachine om de indruk te wekken dat captains of industry, bankiers en financiers ongehoorde genieën zijn. Dat lijkt me allemaal onzin.'


Het zijn toch niet de domste mensen?


'Niet de allerdomste. Maar of het nou the best and the brightest zijn, dat weten we ook niet, omdat je eigenlijk niet kunt nagaan wat ze gepresteerd hebben. Als het goed gaat, gaat het goed, als het slecht gaat, gaat het slecht. In sommige dingen zijn ze natuurlijk verschrikkelijk knap. Ik krijg nooit die mooie bolling in de knoop van mijn das. Ik krijg nooit mijn dunne haar zo mooi over mijn schedel gekamd. Dat klinkt honend, maar het is heel belangrijk. Mensen in die kringen hebben een bepaalde habitus waardoor ze elkaar meteen herkennen als mensen die erbij horen, die je om een boodschap kunt sturen, die krediet loskrijgen bij de bank. Ook dat zijn talenten.'


Mensen geloven pas in een utopie als zij wordt gelegitimeerd door 'wetenschappelijke' inzichten, aldus De Swaan. Het nationaal-socialisme kende zijn rassenleer, het communisme het historisch materialisme. Het 'marktisme' werd gepropageerd door een economische wetenschap die de werkelijkheid steeds meer reduceerde in overzichtelijke wiskundige modellen. 'Met hun modellen kunnen ze heel veel zeggen over processen die zich binnen de grenzen van het normale afspelen. Ze kunnen heel veel zeggen over risico's, heel weinig over onzekerheid. Heel veel over kortlopende processen, heel weinig over langlopende. In de economie bestaat een fascinatie met formele, wiskundige modellen. Die fascinatie deel ik. Maar als je zulke modellen hanteert, en je wilt meer zijn dan een cijferaar, moet je een inzicht hebben in de grenzen van zulke constructies. Anders schiet je intellectueel tekort. Economen hebben prachtige simplificaties bedacht, die soms heel goed werken, onder normale omstandigheden. Dat is al een grote prestatie. Alleen geloof ik dat velen zich veel knapper hebben voorgedaan dan ze waren.'


Dat geldt ook voor de handelaren in derivaten die werkten met complexe wiskundige modellen waarvan ze zelf de reikwijdte nauwelijks nog konden overzien, laat staan de managers die werden geacht toezicht te houden. De Swaan, die zelf is gepromoveerd op een wiskundige, speltheoretische studie over kabinetsformaties, is er niet van onder de indruk: 'Het zijn modellen die gebaseerd zijn op kansspelen. Je moet het ongeveer zo zien: handige jongens hebben een fout ontdekt in de regels van blackjack: als je maar lang genoeg doorspeelt met grote inzetten, verdien je daar iets mee. Dat is aardig bedacht, maar intellectueel val je er niet van je stoel van.'


De Swaan erkent dat er enorme verschillen zijn tussen het 'marktisme' enerzijds en het nationaal-socialisme en communisme anderzijds. Zo is het vrijemarktdenken niet direct gewelddadig. 'In de derde wereld hebben vooral de minstbedeelden geleden onder het neoliberalisme, maar er zijn voor die leer geen mensen opgesloten in concentratiekampen', zegt hij. Het 'marktisme' is ook niet zozeer een reëel bestaande situatie, als wel een waanidee dat kon worden gebruikt om wanpraktijken te legitimeren. 'Een volkomen vrije markt is een hersenschim. Er is ontzettend veel toezicht en regulering nodig om een markt te laten functioneren, alleen al om ervoor te zorgen dat partijen eerlijk met elkaar concurreren.'


Anders dan het nationaal-socialisme en het communisme is het 'marktisme' niet dood. Het toezicht is misschien wat scherper aan het worden, maar de topmanagers zitten nog stevig in het zadel en er wordt weer kwistig met bonussen gestrooid. Er is ook geen radicaal alternatief voor de vrije markt, zegt De Swaan, je kunt alleen discussiëren over de mate en de wijze van regulering. Bovendien heeft de financiële sector een enorme macht. We leven onder een financieel regime, zegt De Swaan, zoals sommige landen zuchten onder een militair regime. Militairen kunnen de macht grijpen, omdat zij burgers ervan overtuigen dat zij het land tegen een buitenlandse vijand moeten verdedigen. Op soortgelijke wijze zijn landen nu in de greep van een financiële kaste.


De Swaan: 'Grote bedrijven zijn internationaal. Die kunnen regeringen tegen elkaar uitspelen. En dan zegt het boevenpak in de Londense City: als wij niet nog meer privileges krijgen en als deze toezichtmaatregelen niet meteen worden opgeheven, gaan we misschien wel naar Amsterdam. En dan begint het hartje van de Nederlandse regering sneller te kloppen. Kom, wat kunnen we ze nu weer aan voorrechten bieden? Dat werkt. Misschien bluffen ze, maar dat durven regeringen niet uit te proberen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden