De Elbphilharmonie is verpletterend mooi resultaat na lijdensweg

Mannen vochten om haar, het volk liep uit, bijna liep het sprookje verkeerd af. Maar ze is er, de Elbphilharmonie; de prinses aan de Elbe.

Concertzaal de Elbphilharmonie in Hamburg; de prinses aan de Elbe.

Onweerstaanbaar staat ze te weerspiegelen, in de Elbemond, in de flarden herfst- en industrienevel, ongenaakbaar statig en onverholen flirterig tegelijk. De Elbphilharmonie. Ze lonkt naar de voorbijvarende vracht- en cruiseschepen in de haven van Hamburg, naar de kranen, naar de bakstenen pakhuizen uit de Hanzetijd, naar het stadscentrum in de verte en vooral naar de zon tussen de wolken. Zij, de Elbphilharmonie, het fonkelnieuwe concert- en operagebouw, is prinses van het havengebied.

Ze staat op een massiefbakstenen sokkel, een voormalige cacao-opslag, een 37 meter hoge rechthoek zonder noemenswaardige ramen. Daarop is het tegendeel gebouwd: een asymmetrisch golvende, glazen constructie, charmant hobbelig, als gestolde bellenblaas. Op het hoogste punt is het gebouw 110 meter, van daar zwiert het glas naar beneden: een rok omhoog geblazen door de wind.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

De grote zaal van de Elbphilharmonie in Hamburg Beeld Carl Johan Johansson

Onder die rok verbergt de prinses een concertzaal met 2.100 zitplaatsen in de vorm van een scheepsromp, nog een zaal met 550 zitplaatsen, een hotel met 244 kamers en 45 appartementen. De glazen bellen zijn daadwerkelijk balkonnetjes vanwaar je kunt uitkijken over de haven, al waait de zeewind je glas sekt met een onverbiddelijke plens in je gezicht leeg. Maar dat is het waard.

Het is een prinses, zo mooi, dat je ook meteen weet: 'She's trouble'. En inderdaad. De kortste versie van de bijna tienjarige bouwgeschiedenis van de Elbphilharmonie gaat zo: er was eens een concertzaal die 77 miljoen euro zou kosten maar uiteindelijk het tienvoudige kostte, 789 miljoen euro. En daarbij bezorgde ze tientallen mannen slapeloze nachten, mannen die duels om haar uitvochten in de rechtszaal: architecten, projectmanagers, burgemeesters. Maar ook daarover later meer.

Eerst naar binnen, over 80 meter roltrap. Jawel, de langste van Europa. De schemerige buis boort zich door het bakstenen onderstel, langs witte muren bestrooid met een patroon van ronde spiegeltjes, het zou zomaar het konijnenhol kunnen zijn waar Alice in Wonderland in viel.

Bij het betreden van de Elbphilharmonie val je langzaam omhoog. En dan sta je, knipperend tegen het licht, in de Plaza, de openbare ruimte die voor 2 euro publiek toegankelijk is. Links slingert de trap verder naar de grote zaal.

De Elbphilharmonie in cijfers

Het gebouw is 110 meter hoog. Het glazen gedeelte met een oppervlakte van 16 duizend vierkante meter, weegt 78 duizend ton. In totaal weegt het gebouw 200 duizend ton.

In de grote zaal passen 2.100 mensen, in de kleine 550. Verder is er een hotel met 244 kamers en een parkeergarage voor 500 auto's. Van de 45 koopwoningen - lofts, natuurlijk - in het gebouw is het grootste en bestgelegen exemplaar voor 10 miljoen euro verkocht.

Het kostte iets meer dan 9 jaar om de Elbphilharmonie te bouwen en in die tijd liepen de kosten op van 77 tot 789 miljoen euro. En dat wordt nog meer. Als het hotel en de parkeergarage af zijn, zal het geheel ongeveer 866 miljoen euro hebben gekost, zo schat de gemeente.

Daar zal op 11 januari 2017 het officiële openingsconcert plaatsvinden. De opening van het gebouw zelf, op 31 oktober, ging voor de muziek uit. Op de Plaza hadden zich duizend mensen verzameld tussen de twee metershoge golvende glazen ramen. Het was er een beetje koud, maar wel uiterst selfiegeniek, met al dat licht en uitzicht.

De fine fleur van Hamburg was er. Maar er stond ook een bijzonder multiculturele schoolklas, wat verveeld, en een afvaardiging werklieden die de vloer waarop ze stonden zelf hadden gelegd. De mensen die de opening bijwoonden maakten, wetend of onwetend, deel uit van een door de gemeente geregisseerde symboliek.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Orkestkolos aan de Elbe

Meer details van de Elbphilharmonie? Lees, luister en kijk hier verder.

Als de maat van architectuur getoetst wordt aan het aantal bijnamen van een gebouw, zit het wel goed met de Elbphilharmonie.

Vijf sprekende concertzalen (1): Jean Nouvel, Philharmonie de Parijs, 2015. De Franse architect Jean Nouvel wil weinig meer te maken hebben met deze concertzaal aan de rand van het centrum. Het heeft een wat buitenaardse vorm: schotsen die in elkaar zijn gestoken, bekleed met een zilverkleurige huid. Ook hier is gekozen voor een 'wijngaardopstelling' van de tribunes. De akoestiek wordt geprezen, maar Nouvel vindt dat het gebouw is afgeraffeld.

'Het is de bedoeling dat ieder schoolkind in Hamburg hier een keer naar een concert gaat', sprak de burgemeester, de sociaal-democraat Olaf Scholz. Ook had hij het over 'een democratisch gebouw in een democratische stad'. De Elbphilharmonie is er niet alleen voor de elite, zo wilde hij benadrukken. Het bakstenen gedeelte is voorzien van oefenruimten voor bands en koren, en er komt een muziekschool.

Dat heeft te maken met de geschiedenis van de stad: Hamburg is sinds mensenheugenis onafhankelijk, nooit overheerst door een of ander koningshuis - en dat wil wat zeggen in Duitsland. Het is een stad van havenarbeiders en burgerij, wonend in de 'spekgordel' aan de noord-oostkant van de stad. Maar de democratische nadruk in de feestrede van burgemeester Scholz had ook alles te maken met het langdurige, dramatische, geldslurpede bouwproces.

Het oorspronkelijke idee voor een nieuwe concertzaal in Hamburg ontstond rond de eeuwwisseling, 'in de euforie van de internetbubbel', zoals dagblad Die Zeit schreef in een reconstructie.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Vijf sprekende concertzalen (2): MAD studio, National Concert Hall in Peking, gereed 2019. Een transparant, lichtgevend gebouw moet dit worden: het thuishonk van het veelgeprezen nationale symfonieorkest van China. MAD geldt als van de eigenzinnigste Chinese architectenbureaus. Het werkt in dit project samen met akoestiek-expert Yasuhisa Toyota, die ook in Parijs en Hamburg heeft geadviseerd.

De concertzaal moest het centrum worden een nieuw te bouwen stadsdeel in de haven: HafenCity, ook de naam is duidelijk een relikwie uit het jaar 2000. Daar, zo bedacht de toenmalige wethouder voor cultuur, moest een combinatie van concertgebouw en tropisch aquarium worden gebouwd. Echt waar.

Het zal niemand verbazen dat dit plan al snel op het kerkhof voor onhaalbare ideeën van ambtenaren belandde. Dat de meeste vissen het loodje leggen bij de trillingen die worden veroorzaakt door een symfonieorkest, was daarvoor maar een van de vele redenen.

Het was de Hamburgse projectontwikkelaar Alexander Gérard, bezitter van de voormalige cacao-opslag, die in 2002 met het idee voor de Elbphilharmonie in zijn huidige vorm op de proppen kwam. Tijdens een gezamenlijke vakantie vroeg hij het bevriende en wereldberoemde Zwitserse architectenduo Jacques Herzog en Pierre de Meuron, bekend van het Tate Modern, of ze zin hadden om in Hamburg een operahuis te bouwen.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Vijf sprekende concertzalen (3): OMA, Casa da Música, Porto, 2005. Een radicaal ontwerp van het bureau van Rem Koolhaas. Het lijkt nog het meest op een veelkantige geslepen diamant, opgebouwd uit beton en glas. Koolhaas experimenteerde, lang voor Herzog & de Meuron, met glas in een concertzaal. Voor Porto liet OMA gewelfd glas ontwerpen dat het geluid niet hard terugkaatst.

Dat hadden ze.

'Een sensatie', noemde het weekblad Stern hun eerste ontwerp in het voorjaar van 2003. De gemeente, toen nog onder christendemocratische leiding, watertandde. Dit wilden ze. Een projectcoördinator werd aangesteld, en er werd gezocht naar een investeerder die de bouw wilde uitvoeren: bouwbedrijf Hochtief uit Essen. Alles moest snel, te snel.

Toen in 2007 de eerste steen werd gelegd, had iedereen al ruzie met iedereen: over de fundamenten die inderdaad niet tegen het getij opgewassen bleken, over het geluid van scheepsschroeven dat tot in de concertzaal door dreigde te trillen, over het koelingssysteem dat niet voldeed aan de Europese richtlijnen.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Vijf sprekende concertzalen (4): Frank Gehry, Walt Disney Concert Hall, Los Angeles, 2003. De immer golvende beeldtaal van de Amerikaanse architect Frank Gehry - ook auteur van het Guggenheim Museum Bilbao - komt goed tot zijn recht in deze zaal voor het Los Angeles Philharmonic. Vanwege de vorm- en materiaalgelijkenis wordt het ook wel 'Bilbao, the Sequel' genoemd.

Het kon allemaal wel aangepast worden, maar dat kostte ook wat, zei Hochtief. Uiteindelijk spande het bedrijf een rechtszaak aan tegen de gemeente. Zoetjesaan werd de Elbphilharmonie het meest omstreden bouwproject van Duitsland.

Die recente geschiedenis staat in een onwerkelijk contrast met de realiteit. Want wie nu rondloopt, ziet een gebouw waaraan alles klopt. Van de strengindustriële schemerlampjes in de foyers tot de ranke statafeltjes in zwart en wit marmer, zelfs het glinsterende granito in de wc's. Niets is afgeraffeld of goedkoop uitgevoerd.

Ergens rond 2010 verdween 40 procent van de stedelijke uitgaven voor cultuur in de bouwbut. Kunstenaars prosesteerden daartegen met kraakacties en demonstraties. Ze kregen steun van het merendeel van de Hamburgerse bevolking, die geen zin meer had in die hele concertzaal - ook de elite uit de spekgordel niet.

Tekst gaat door onder de afbeelding.

Vijf sprekende concertzalen (5): Hans Scharoun, Philharmonie, Berlijn, 1963. Inspiratie voor veel moderne concertzalen. Geroemd om zijn akoestiek. De architect brak radicaal met het beproefde schoenendoosconcept, toegepast bijvoorbeeld in het Concertgebouw in Amsterdam, waarvan de akoestiek overigens ook wereldfaam geniet. De musici zitten in Berlijn onder een soort tentdak in het midden van de zaal, op het laagste punt, de toehoorders daar omheen.

Het tij keerde in 2012, toen Hochtief na een rechtszaak 200 miljoen extra kreeg en aan het dak begon. Langzaam kregen mensen er weer vertrouwen in dat hun concertzaal er kwam. En langzaam begonnen de Hamburgers te beseffen dat het wel wat had, die eeuwige stroom aan roddel en achterklap over hun prinses in de haven.

Hamburgers houden van hun stad, van de mix van de rauwheid van de haven en de beruchte Reeperbahn, en het grootburgerlijke. En ze delen hun stad graag met toeristen. Maar, zo klonk bij de opening van de Elbphilharmonie overal met gepaste trots: zelfpromotie ligt niet in de nuchtere Hamburgse, 'hanseatische' aard.

Zoals de vorig jaar overleden Bondskanselier Helmut Schmidt, hartstochtelijk Hamburger, twintig jaar geleden zei hij toen iemand vroeg hoe het met zijn stad ging: 'Sie schläft, die Schöne.' Ze slaapt, de schoonheid.

De Elbphilharmonie moet Hamburg wakker schudden, maar ze moet vooral toeristen wakker schudden om naar Hamburg te komen. En inmiddels realiseert men zich dat de woelige ontstaansgeschiedenis van het gebouw daarin een rol kan spelen.

Want wie is er niet benieuwd naar de klank van een concertzaal van 789 miljoen euro? Stiekem zal burgemeester Scholz 's avonds nog steeds duimen dat de akoestiek écht zo goed klinkt als hem werd gezegd door de muzikanten die er al gerepeteerd hebben. Er schijnt tijdens die repetities te zijn gehuild van geluk.

Een ding is zeker. Ook zonder concert is het een genot om in de enorme, vriendelijk verlichte, zaal te zitten, en je ogen te laten rusten op het podium in het midden, of langs sierlijke hobbelende gipsen muren te laten gaan, bedoeld om het geluid te breken.

Wel jammer dat alle concerten tot juni 2017 zijn uitverkocht. Dus het is te hopen dat er in de tussentijd geen kapitein is die 's nachts, in vervoering gebracht door de prinses in haar jurk van glas, zijn vrachtschip tegen het gebouw aanvaart - als een eigentijdse variant op de Loreley.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden