De eeuwige opposant

In Den Haag staat hij bekend om de ‘Van Bommeltjes’, vanwege minder gelukkige uitspraken en optredens. Over ‘intifada’ belooft SP’er Harry van Bommel ditmaal beterschap: ‘Het is niet handig een term te gebruiken die tot verwarring leidt.’ Door Bart Dirks en Kim van Keken..

Bart Dirks en Kim van Keken

Harry gaat als enige Nederlandse volksvertegenwoordiger op een omstreden werkbezoek in het Irak onder Saddam Hussein. Harry klaagt openlijk over de voosheid van John de Mol en wekt zo de toorn van een mediamagnaat. Harry z’n amoureuze uitstapjes liggen op straat. Harry bekritiseert als een van de weinigen de dubbele pet van de (oud-)leider van de SP, Jan Marijnissen.

Af en toe duikt hij weer op: ‘het Van Bommeltje’, ofwel commotie rechtstreeks uit de gelederen van de Socialistische Partij. Terwijl de partij alle kikkers in de kruiwagen houdt, weet parlementariër Harry van Bommel (46) geregeld eruit te springen.

Ook al staan de socialisten in de peilingen al een tijd op dalen, Harry roept demonstrerend op tot een Palestijnse intifada en wordt mogelijk aangeklaagd wegens haatzaaierij. En Harry gaat vanavond niet naar de Israëlische verkiezingsbijeenkomst van het Centrum Informatie Documentatie Israël (CIDI), dat zich volgens hem ‘kritiekloos achter Israël schaart’.

Zegt de partijleiding nooit eens, Harry hou je erbuiten?

‘Nee. Sterker nog, wij hebben het als partij in 2007 nog in een notitie vastgesteld onder de niets verhullende titel: Beloofde land, beroofde land. Daarin veroordelen we het geweld van beide partijen. Het Israëlisch-Palestijnse conflict wordt door mijn partij gezien als een zeer, zeer belangrijke kwestie.’

Hoort het oproepen tot een intifada ook tot de partijlijn?

‘Ik moet nu vaststellen dat je voor zo’n leus voor de rechter gedaagd zou kunnen worden. Het geeft aan dat er sprake is van een ontwikkeling in Nederland waarbij de juridisering een nieuw onderdeel van het politieke krachtenveld is geworden. Juridisering slaat het politieke debat dood, dat bevalt me ook niet aan de aanklacht tegen Wilders.’

Tijdens die demonstratie waarbij u opriep tot de intifada, werd ook gescandeerd: Hamas, Hamas, alle joden aan het gas.

‘Eerlijk, ik ken die leus alleen van de voetbalstadions. Ik kan naar eer en geweten zeggen dat ik deze leus niet heb gehoord. Die leus is zó abject. Niemand mag zich daarmee identificeren, als je weet wat er in de Tweede Wereldoorlog is gebeurd.’

Mensen die dat roepen moeten worden aangeklaagd?

Stilte. ‘Het is verwerpelijk. De ordedienst moet optreden in zo’n geval. Ja. Echt. Dat vind ik. Borden of teksten verwijzend naar Hitler of de genocide kunnen echt niet. Daar heb je een ordedienst voor. Of iets vervolgbaar is? Kijk, ik ben geen jurist.’

Oproepen tot een intifada is toch ook oproepen tot geweld?

‘Zo zie ik dat niet. De eerste Intifada was een geweldloze intifada totdat Israël ingreep. Geweldloos verzet werd met geweld neergeslagen. Maar mensen interpreteren het wel met geweld, dat heb ik volmondig erkend. Het is niet handig een term te gebruiken die tot verwarring leidt. Dat moet je dus niet doen.’

Wat roep je de volgende keer?

Lachje. ‘Geloof me, dat is het minste van mijn problemen.’

De telefoon piept geregeld tijdens het gesprek. Nonchalant kijkt Van Bommel op z’n schermpje. Dan zegt hij plots: ‘Da’s de baas. Die moet ik even nemen.’ De baas is sinds juni vorig jaar fractieleider Agnes Kant. ‘Hé Agnes. Hé, we zijn bezig, tot straks. Zeker, zeker. Doe ik. Yes. Yo, doei.’

U bent een prominente SP’er. Waarom heeft u niet geprobeerd fractieleider te worden?

‘Als ik me tijdens de verkiezingen had gekandideerd, had ik zeker een kans gemaakt. Maar ik wilde het per se niet doen. Als politiek leider ben je aan het managen, processen aan het leiden. Niet dat ik dat niet kan, het heeft alleen niet mijn eerste belangstelling.’

En er waren relletjes, een half jaar voordat Marijnissen een stap terug deed en de fractie een nieuwe chef zou kiezen. In Jordanië had Van Bommel tijdens een werkbezoek een medewerkster van de ambassade beledigd met de opmerking dat ze er ‘sensationeel’ uitzag. En er verscheen een interview in De Telegraaf met een ex van de parlementariër, die pijnlijke details naar buiten bracht.

Heeft u zich met die relletjes niet buitenspel gezet voor een hoge functie in de SP?

‘Nee, het is al jaren bekend dat ik de functie van fractieleider niet ambieer. Als ik mij moet verantwoorden is dat altijd over politieke aangelegenheden, en dat is logisch ook. Dat is wat je primair doet in het fractieoverleg. Er wordt weleens gezegd dat ik een atypische SP’er ben, maar de SP is een partij met vijftigduizend atypische mensen. In onze Kamerfractie zitten 25 atypische mensen. Is Krista van Velzen niet atypisch? Die zwemt met een hamer naar een onderzeeboot om daar een kernwapen onschadelijk te maken.’

Maar u heeft wel wat vaker gedoe.

‘Ja hallo! Hoe lang zit ik al in de Kamer?’

Even lang als Agnes Kant. Die heeft een redelijk smetteloze reputatie.

‘Ik ben ook iemand die zelf wat gemakkelijker de publiciteit opzoekt. Ik ben niet atypisch, wel veel in de publiciteit.’ Er valt een stilte, en dan: ‘Eerlijk is eerlijk. Er wordt weleens intern gezegd dat ik aan de ziekte van Nordholt lijd, de oud-hoofdcommissaris van politie in Amsterdam. Dat betekent dat je lippen vanzelf gaan bewegen zodra er een camera in de buurt is. Dat kan, ik sluit het niet uit.

‘Bij de kwestie Jordanië heb ik zelf contact gezocht met Jan, ik kreeg een eenregelig mailtje terug: ‘Als het boetekleed je past, trek het dan aan’. Dat heb ik gedaan.’

U blijft de eeuwige opposant, wordt u daar niet cynisch van?

‘In 2004 had ik een serieuze dip. Ik had vier jaar deelraad, vier jaar gemeenteraad en zes jaar in de Kamer erop zitten. En dacht; mijn hemel, het is altijd oppositie. Het levert geen fuck op. Af en toe wordt een motie aangenomen. Maar ja, dat verandert de wereld niet.

‘Toen heb ik me georiënteerd op wat ik nog meer zou kunnen en willen; ik dacht aan het onderwijs, waar ik vandaan kom. Of aan de vakbond en de wetenschap. Ik durfde niet te solliciteren. Dan begin je aan zo’n procedure en moet je durven zeggen: dat ga ik echt doen.

‘Die dip eindigde in december 2004. Ik hield een voordracht op de partijraad over de Europese grondwet. Wat betekent dat nou? Wat gaan we als SP ertegen doen?

‘Ik zal het nooit vergeten. Europa was voor de meeste SP’ers een ver-van-mijn-bedshow. Ik zei tegen de afdelingsvoorzitters en het partijbestuur: er komt een referendum over de Europese Grondwet en het goede nieuws is dat wij kunnen winnen.

‘Ik hoor de algemeen secretaris nog zeggen; natuurlijk kunnen we dat niet winnen, maar ik vind het goed dat je het doet. Al halen we 30 procent, dat is vier keer zoveel als we van de kiezer krijgen. Ik kreeg mijn zin: ik kreeg een budget, ik kreeg een staf, we konden campagne voeren en gaandeweg ging die partij erin geloven.’

Nederland stemde massaal nee.

‘Dat heeft grote indruk op me gemaakt. Het idee dat je zonder te regeren toch een belangrijk Europees verdrag kunt tegenhouden; dat geeft een machtig gevoel. Als we in de regering hadden gezeten, was het niet gelukt.

‘Ik ben dus optimistischer geworden over de mogelijkheden die de volksvertegenwoordiging heeft, en ik denk dat we met Irak hetzelfde gaan meemaken.

‘De regering wilde per se niet dat er een onderzoek komt. Dus wordt dit flut onderzoek bedacht, waarbij de Kamer een jaar lang buitenspel staat. Ik weet zeker dat de Kamer niet braaf een jaar gaat zwijgen.’

En waarom is Harry van Bommel nu niet de SP-lijsttrekker voor het Europees parlement?

‘Om te beginnen, ik ben vader van een jong kind. Ik heb een partner die hier een baan heeft. Misschien over vijf jaar. Nu ben ik nog te activistisch.’

Maar nu komt de SP met een onbekende lijsttrekker op de proppen.

‘De SP hoeft het niet te hebben van lijsttrekkersdebatten. Dat is voor kiezers die al ongeveer weten wat ze willen. Waar wij onze kiezers treffen? In buurten, op markten, in bedrijven.’

Stiekem spreekt oppositie voeren jullie meer aan dan regeren.

‘We hebben de laatste jaren de scherpe kantjes van ons programma gevijld. Ik was in 2005 voorzitter van de programmacommissie. Twee zaken bleven voor kiezers een belemmering om op ons te stemmen: het afschaffen van het koningshuis en Nederland uit de NAVO.

‘We zeggen nu: het koningshuis is oké, maar dan moet het staatshoofd geen enkele politieke invloed hebben. En als je wel NAVO-operaties steunt, kun je niet tegen de NAVO zijn. Je kunt niet zeggen: ik ben tegen auto’s, maar ik rijd graag mee als je toch die kant opgaat.’

De SP is de grootste oppositiepartij met 25 zetels, maar Pechtold van D66 is met drie zetels zichtbaarder.

‘Pechtold is een goed debater, maar het beklijft niet. Wat zegt hij nou? Je moet een heldere, ondubbelzinnige en eenduidige boodschap hebben. Pechtold schiet op alles wat beweegt.’

Verdampt jullie profiel niet? We hoeven niet meer op de SP te stemmen voor een kritisch geluid over Europa. Dat is ook te horen bij de VVD, en zelfs bij het CDA.

‘Ik erken dat de posities meer op elkaar zijn gaan lijken, maar als puntje bij paaltje komt, stemt de VVD gewoon mee met het verdrag van Lissabon.

‘Hetzelfde geldt voor Afghanistan, het Midden-Oosten, de marktwerking in de zorg. Daarin hebben we toch een unieke positie. Kijk maar hoe anderen proberen op ons te lijken: kijk eens, wij zijn ook kritisch over de marktwerking in de zorg, wij zijn ook kritisch over Europa.

‘Zie het hele gedoe over Irak, de nieuwe spelers die daar gekomen zijn, zoals Klaas de Vries en Alexander Pechtold. In het verleden waren wij daar marktleider, gesteund door de PvdA. Maar nu zijn er meer spelers. Pechtold die de draai heeft kunnen maken van ín het kabinet Balkenende-II voor de oorlog zijn, en nu wel om het hardste schreeuwen om een parlementaire enquête.

‘Nieuwe spelers dus, en op dat punt hebben we ook concurrentie te duchten. Zelfs onze kritiek op de neoliberale samenleving wordt voor een deel overgenomen. Je zult zien dat mede door invloed van de kredietcrisis een aantal zaken onze kant op zal komen.

‘Ik zal het jullie nog sterker vertellen. Als wij vijf jaar geleden hadden geroepen: de banken moeten worden genationaliseerd, hadden ze ons opgesloten. Dan hadden ze gezegd: het zijn staatsgevaarlijke communisten, die mensen plannen de revolutie.’

Sommige mensen zeggen dat nog steeds.

‘Nou ja, dan worden we nu ingehaald door Wouter Bos. Want die nationaliseert banken, dat ging zelfs ons een paar jaar geleden te ver. Dus nee, het valt eigenlijk best mee met ons als staatsgevaarlijke communisten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden