De eerste Gouden Eeuw van China

China eist zijn positie als wereldmacht weer op. Net zoals in de vroege Middeleeuwen, toen het de grootste bevolkingsomvang en welvaart ter wereld had. Het Drents Museum presenteert een expositie over de legendarische Tang-dynastie.

Als het verleden is verdwenen, kun je het altijd weer opbouwen, lijkt het motto in China. Neem Xi'an, een door hoogbouw en smog gedomineerde miljoenenstad in Shaanxi die in alle opzichten uit zijn voegen groeit. Dat Xi'an ook de opvolger is van het oude Chang'an, de keizerlijke hoofdstad van de Tang-dynastie en het begin- en eindpunt van de Zijderoute, was vrijwel nergens meer zien. Tot voor kort dan.


De overheid heeft de reconstructie van het Tang-verleden van Xi'an krachtig ter hand genomen. Centrum van de activiteiten is het in 2005 geopende Tang Paradise Park. De 165 hectare grote uitspanning biedt paviljoens in nep-Tangstijl, tuinen vol feeëriek uitgelichte rots- en waterpartijen en restaurants waar zeekomkommer wordt geserveerd onder begeleiding van muziek en dans. Daarnaast een winkelcentrum in Tangstijl, compleet met Kentucky Fried Chicken en ingeblikte Tangmuzak.


En daar blijft het niet bij. Ten noorden van de oude stad ligt Daming Gong, het Paleis van Grote Pracht, waar sinds 633 zeventien Tang-keizers hebben geresideerd. Op de resten van het elfhonderd jaar geleden verwoeste complex, viermaal groter dan de latere Verboden Stad in Peking, is een 'historisch en ecologisch park' gepland dat de Zijderoute op de Unesco Werelderfgoedlijst moet krijgen. Meer dan honderdduizend mensen moesten ervoor verhuizen. Het terrein ligt nog grotendeels braak.


Het tijdperk van de Tang-dynastie (618-907) wordt door de Chinezen zelf gezien als de Gouden Eeuw van de Chinese beschaving. Onder de Tang-keizers, tijdgenoten van Karel de Grote, het Byzantijnse Rijk en de Abbasiden-kaliefen, had het Rijk van het Midden zijn grootste omvang, van Korea tot Tibet en Turkestan, en had het de grootste bevolkingsomvang en welvaart ter wereld.


De keizerlijke familie Li (Tang) kwam voort uit de Turks-Chinese elite van Noord-China. Zij bleef drie eeuwen aan de macht, zij het met de nodige bloedige hofintriges, opstanden en paleiscoups. De voormalige nomaden waren aanvankelijk nogal wild, getuige hun voorliefde voor oorlog en het polospel. Pas later kwamen Chinese waarden als kalligrafie en literatuur in zwang.


Chang'an was de keizerlijke metropool, de grootste stad ter wereld, centrum van de politieke macht. Magneet voor ambitieuze onderdanen, buitenlandse gezanten en handelaars uit de hele wereld, zoiets als Constantinopel, Rome of Bagdad. De stad, aangelegd in dambordpatroon, telde 1 miljoen inwoners, gehuisvest in ommuurde wijken die bij zonsondergang op slot gingen.


Het levensbloed van de stad was de Zijderoute, het netwerk van handelswegen door Centraal-Azië dat een groot deel van de toenmalige wereld verbond. Met de karavanen reisden naast kostbare zijde, jade, glaswerk en sieraden ook ideeën, technologie en godsdiensten tussen oost en west heen en weer.


Zo kwam het boeddhisme via Pakistan en Afghanistan in China terecht. Langs de karavaanroutes zijn nog altijd boeddhistische tempels te vinden, zoals in Dafosi, ten noordwesten van Xi'an, waar een 25 meter hoge Boeddha in een grot is uitgehakt. In Xi'an zelf staat de Grote Gans Pagode, die in 648 werd gebouwd om heilige boeddhistische manuscripten uit India te huisvesten.


Tolerant

De Zijderoute maakt Chang'an tot een dynamische, kosmopolitische samenleving die relatief tolerant was ten aanzien van vreemdelingen, zoals de 'mannen met lange neuzen' die met de karavanen uit het westen kwamen. Op de markten mengden Turken, Perzen, Tibetanen, Oeigoeren en Koreanen zich vrijelijk, iets wat in het land van de Grote Muur weleens anders is geweest en wat de Chinezen tegenwoordig door de regering ten voorbeeld wordt gesteld.


De keizers stonden, hoewel het taoïsme (naast soms het boeddhisme) staatsgodsdienst was, relatief tolerant tegenover de religies van al die vreemdelingen. Dat maakte Chang'an tot het 'Athene van Azië', waar het debat tussen de 'drie doctrines' confucianisme, taoïsme en boeddhisme permanent werd gevoerd, en waar bovendien al in 742 een grote moskee werd gesticht.


De Tang-elite was nauw verknoopt met het keizerlijk hof. Alles draaide om in de gunst komen bij het hof en het veiligstellen van goed betalende ambten en pensioenen. Aspirantleden van de elite werden vaak in huis genomen bij een hofdignitaris om voorbereid te worden op bestuurlijke examens waarin ze moesten laten zien hoe doorkneed ze waren in dichtkunst en kalligrafie.


Vrouwen hadden een relatief vrije rol tijdens de Tang-dynastie, maar moesten toch vaak genoegen nemen met een bestaan als echtgenote, moeder of courtisane. Een uitzondering was Wu Zetian (624-705), concubine van keizer Gaozong (628-690) en later zelf keizer, de enige vrouwelijke keizer die China heeft gekend. Een andere was Yang Gufei, de favoriete concubine van keizer Xuanzhong, onder wiens bewind het Tang-rijk een hoogtepunt beleefde. Ironisch genoeg kwam dat bewind in 755 ten val door een grote opstand onder leiding van een adoptiefzoon van Yang Gufei.


Het klassieke beeldmerk van de Tang-kunst, de 'Fat Lady', is op Yang Gufei geïnspireerd. Een volslanke schone, al dan niet met gekanteld bekken in Indiase tribhanga-pose, met wolkenneus- of lisdoddeschoentjes , twee haarknotten 'in de stijl van de geschrokken zwaan' en een met loodwit, blush en rode of zwarte lippenstift opgemaakt gezicht.


De Chinese voorouderverering, met haar ingewikkelde rituelen, was de grondslag van de staat en de dynastie. Graven waren cruciaal, als residentie voor de doden en als plek waar de levenden hun rituelen kwamen doen. Voor gestorven keizers werden enorme grafcomplexen gebouwd, 'ondergrondse paleizen' die werden volgestouwd met miniaturen (zogeheten 'donkere werktuigen'). Door deze keramieken beeldjes van bedienden, werktuigen en huisdieren (vaak driekleurig geglazuurd) zou het de doden aan niets moeten ontbreken. Ze zijn nu de bekendste kunstobjecten uit de Tang-dynastie.


Het best bewaarde en meest uitgestrekte complex is het Qianling Mausoleum, zo'n 120 kilometer ten noordwesten van Xi'an. Hier liggen keizer Gaozong en keizerin Wu Zetian. Vlak bij de door stenen wachters omzoomde Weg der Geesten staat een 3,6 meter hoge gedenkstèle van Wu Zetian. Zonder inscripties, alsof er niets over haar te zeggen viel.


Rondom het mausoleum liggen zeventien grafheuvels met satellietgraven van hoge adel, waaronder dat van Li Xianhui, prinses Yongtai, kleindochter van Wu Zetian, dat mooi laat zien hoe die graven waren ingericht. Een lange afdalende gang met aan weerszijden zijkamers voor grafgiften (een mooi ruiterbeeld is in Assen te zien), kamers met wandschilderingen van elegante hofdames en tenslotte Yongtai's grafkamer, met een zwartjaden sarcofaag die bijna te groot is voor de krappe ruimte.


Vingerkootje

Het 'ondergronds paleis' met de graven van Gaozong en Wu Zetian bevindt zich nog in de tumulus van Qianling. Mogelijk even spectaculair als het beroemde Terracotta Leger uit de Qin-dynastie, maar niet opgegraven. Al in 1960 werd een tientallen meters lange gang ontdekt, dichtgemaakt met grote stenen, verankerd met metalen krammen en opgevuld met gesmolten metaal. De autoriteiten willen echter wachten tot de archeologische technieken beter zijn.


De belangrijke rol van het boeddhisme tijdens de Tang-dynastie is goed na te voelen in Famensi, Tempel van de Poort tot de Leer, enkele tientallen kilometers ten westen van Xi'an. De Famen-tempel dateert uit de 7de eeuw en geniet grote faam omdat hier echte relieken van Boeddha Sakyamuni worden bewaard (met name een vingerkootje). In de jaren tachtig werd hier na het instorten van de pagode door zware regenval een tempelschat ontdekt. Honderden gouden en zilveren voorwerpen, porselein, glaswerk en zijden gewaden, die in 874 plechtig waren begraven.


De tempelschat, waarvan diverse voorwerpen in Assen te zien zijn, is een staalkaart van spectaculair vakmanschap, blijkt in het tempelmuseum. Een ceremonieel zilveren theeservies, zeegroen porselein en miniatuurkleren voor de Bodhisattva, poppenkleertjes geborduurd met gouddraad dunner dan een haar. Onderdeel van de schat zijn vier reliekschrijnen, waarvan drie duplicaten. Het echte vingerkootje zat opgeborgen in acht kistjes, als Russische matroesjkapoppen in elkaar verpakt, van sandelhout, goud, zilver en jade. Het relikwie is te zien in een nieuwe marmeren crypte onder de pagode.


Want ook hier is het grote reconstrueren begonnen. De oude tempel wordt omringd door de in 2009 voltooide megalomane 'Famen Temple Cultural Scenic Area', met Taiwanees geld ontworpen door architect C.Y. Lee, die kennelijk goed naar Albert Speer heeft gekeken. Via een gargantueske poort kom je op een immens brede weg naar de 148 meter hoge Namaste Pagode, die de triomf van de boeddhistische leer moet verkondigen. Neurenberg meets Pyongyang. De muzak uit de luidsprekers maakt de sfeer bijna spookachtig.


Drents Museum: De Gouden Eeuw van China, van 17 november tot en met 15 april 2012. www.drentsmuseum.nl

TENTOONSTELLING IN VERNIEUWD DRENTS MUSEUM

Het Drents Museum in Assen heropent donderdag na een ingrijpende verbouwing en uitbreiding met de expositie De Gouden Eeuw van China. De expositie, over de cultuur van de middeleeuwse Tang-dynastie (van 618 tot 907 na Chr.) bestaat uit 150 bijzondere bruiklenen van Chinese musea in en rondom Xi'an.

Op de tentoonstelling zijn onder meer de bekende kleurig geglazuurde of beschilderde keramieken Tang-beelden te zien, van hofdames, muzikanten, soldaten, kamelen en paarden. Daarnaast serviesgoed, sieraden, gouden en zilveren voorwerpen en enkele muurschilderingen.

Anders dan de vorige China-expositie van het museum, Het Terracotta Leger van Xi'an in 2008, draait de Tang-tentoonstelling niet om grafcultuur, hoewel ook nu veel voorwerpen uit graven afkomstig zijn, maar om cultuur in de brede zin des woords, met thema's als de stad en de vrouw.

In de nieuwe, ondergrondse museumvleugel van architect Erick van Egeraat zijn themapaviljoens ingericht waarbij zowel de objecten als de spectaculaire zaal tot hun recht komen. 'Die presentatie stelt hoge eisen, want een deel van de voorwerpen lijkt op middeleeuwse majolica, en dat zou associaties kunnen oproepen met de Chinese restaurantstijl', aldus conservator Benoît Mater.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden