De èchte uitslag weten we pas op 23 mei

AMSTERDAM - Nu begint het grote rekenen. En het vleien. En het maken van deals. Pas daarna weten we hoe de zetelverdeling in de Eerste Kamer zal zijn.

Pas op 23 mei wordt definitief duidelijk of VVD, CDA en PVV samen een meerderheid van 38 zetels hebben behaald in de Eerste Kamer, of net tekortkomen. Dan namelijk kiezen de leden van de Provinciale Staten de Eerste Kamer.

En dat gebeurt op een hopeloos ingewikkelde manier.

Berekening
Stel: je bent Statenlid voor de PvdA. Dan stem je voor de Eerste Kamer op een kandidaat van de PvdA. Klinkt logisch.

Maar: op basis van de uitslag van gisteren (dus in de provincie), worden er berekeningen gemaakt van het aantal Eerste Kamer-zetels dat elke partij krijgt, indien iedereen op zijn of haar eigen partij stemt.

Dan kan het nu zo zijn dat bijvoorbeeld de PvdA uitkomt op 14,2 en GroenLinks op 5,4. Dat wordt bij beide partijen afgerond naar beneden, dus 5 zetels voor GroenLinks en 14 voor de PvdA.

Op elkaar stemmen
Het kan handig zijn voor de beide partijen, die allebei graag een meerderheid willen voor de linkse oppositie in de Eerste Kamer, om op elkaar te stemmen. Dat wil in dit geval zeggen: een deel van de PvdA'ers stemt op GroenLinks, waardoor die partij afgerond 6 zetels haalt, en de PvdA nog altijd 14. Een zetel winst voor de oppositie, dus.

Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor de coalitiepartijen en de PVV. Ook die zullen gaan rekenen en overleggen om elkaar waar mogelijk aan een extra zetel te helpen.

(En om het nog ingewikkelder te maken: een stem van een Statenlid in de ene provincie heeft een grotere waarde dan de stem van een Statenlid in een andere provincie. Dat is de zogenoemde stemwaarde.)

Bijzondere rol
Aangezien de partijen zo dicht bij elkaar liggen is een bijzondere rol weggelegd voor de partijen die wel statenzetels hebben veroverd, maar niet in de Eerste Kamer komen.

De Partij voor de Dieren bijvoorbeeld. Zij hebben in totaal 6 provinciale zetels veroverd, wellicht net te weinig om zelf een zetel bij elkaar te stemmen. Dan zouden enkele stemmen van een oppositiepartij de PvdD alsnog aan een zetel kunnen helpen. Anders zal de PvdD haar stemmen geven aan een oppositiepartij die dat nodig heeft.

Regionale partijen
Moeilijker te voorspellen is wat de regionale partijen gaan doen. Samen hebben ze gisteren acht zetels behaald. Vier voor de Fryske Nationale Partij, twee voor de Partij voor Zeeland, één voor de Partij voor het Noorden en één voor de Ouderenpartij Noord-Holland.

Dat kan net genoeg zijn om samen één Senaatszetel te bezetten. Dat is nu immers ook het geval: de Onafhankelijke Senaatsfractie.

Maar aangezien de lokale partijen vooral in de wat kleinere provincies (qua inwonertal) zetels hebben gehaald, is de kans daarop niet zo groot. De stemwaarde van die zetels is immers kleiner.

Dus reken maar dat de Friezen en de Zeeuwen bezoek, telefoontjes en bloemen krijgen van de fracties van de landelijke partijen. Die willen deals maken, die bieden steun aan, die doen alles voor die ene stem.

Want die ene stem kan 23 mei het verschil maken, tussen een meerderheid en een minderheid voor de gedoogconstructie van VVD, CDA en PVV.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden