'De druk om je klasse te ontstijgen is gigantisch'

Van doorwrocht psychologisch theater moet Thomas Ostermeier (1968) niets hebben. De Duitse regisseur ziet zijn voorstellingen in de eerste plaats als sociologische studies. 'Ik begrijp namelijk niets van mensen. Hun gedrag is mij een raadsel. En dat wil ik onderzoeken als ik aan het regisseren ben. Dan wil ik iets leren. Ik probeer te begrijpen hoe de mensen in elkaar zitten.'


Ostermeier is nu te gast bij Toneelgroep Amsterdam en regisseert hier Spoken van Henrik Ibsen, met onder anderen Marieke Heebink, Eelco Smits en Hans Kesting.


Het is een grote man. Tijdens een doorloop in een oefenruimte in de Amsterdamse Stadsschouwburg valt op dat hij de hele tijd roerloos in een stoel hangt. Met de precisie van een wetenschapper observeert hij de personages, hun reacties. Een enkele keer maakt hij een gebaar in de richting van de technici. Een man of twintig zit om hem heen, maar het is de hele doorloop doodstil. De teckel van Hans Kesting ligt geruisloos in zijn mand.


Ibsen schreef Spoken in 1881, direct na Een poppenhuis, dat een storm van kritiek losmaakte. Het was ongehoord dat een vrouw haar man zou verlaten, zoals in dat stuk gebeurde. In Spoken liet hij daarom zien hoe het een vrouw verging die ervoor koos in een ongelukkig huwelijk te blijven.


'Hoe kan een vrouw uit de betere kringen gelukkig worden terwijl haar man een monster is?' Dat is volgens Ostermeier de vraag die Ibsen telkens weer opwerpt. 'Heiner Müller zei ooit dat iedere toneelschrijver heel zijn leven slechts variaties op hetzelfde thema schrijft. Dat gold ook voor Ibsen.'


Op een draaischijf op het toneel zitten de acteurs aan een lange tafel te eten. Ze spelen: Oswald (Smits), die ongeneselijk ziek blijkt te zijn, zijn moeder, weduwe Alving (Heebink), die met lede ogen toeziet hoe een oude leugen van haar nu een hoop schade berokkent, en dominee Manders (Kesting), een gecorrumpeerde notabele uit het dorp. Het gerinkel van het bestek, de norse blikken, de kauwende kaken, alles voorspelt naderend onheil. De trage, woordeloze scène is een toevoeging van Ostermeier zelf. Niettemin is deze doortrokken van de duistere sfeer die Ibsens werk zo kenmerkt.


Sinds december vliegt de regisseur op en neer tussen Amsterdam en Berlijn, waar hij woont en artistiek leider is van de Schaubühne am Lehniner Platz. Door de week verblijft hij in Amsterdam. Dagelijks fietst hij over de grachten naar de Stadsschouwburg om te repeteren. Hij werkt geregeld bij buitenlandse groepen, in Portugal, Frankrijk en binnenkort Rusland. Ook toert zijn internationaal vermaarde gezelschap de hele wereld over.


Vorig seizoen was in Amsterdam zijn rigoureuze Hamlet-bewerking te zien. Behalve Shakespeare is ook Ibsen een terugkerende waarde in zijn werk.


Ostermeier: 'Ik benader Ibsen op een manier die ik nog niet eerder heb gezien in het theater. Er zijn genoeg cliché-ensceneringen. Deze laten meestal een oersaai psychologisch portret zien. Er wordt niet gehandeld. De dialogen zijn houterig.'


'Waar het mij om gaat is dat deze stukken een probleem blootleggen dat ten grondslag ligt aan de huidige malaise. En dat is hoe economische belangen menselijk handelen dicteren. De druk om een lagere klasse te ontstijgen, om succesvol te zijn, is tegenwoordig enorm.'


'Het schandalige aan Ibsen is dat hij opnieuw actueel is geworden. Hij vocht tegen de normen en waarden van de 19de-eeuwse bourgeoisie. Die zie ik nu allemaal weer terugkomen. Familie is weer belangrijk. Er zijn geen communes meer. De kloof tussen arm en rijk wordt groter.'


'Overigens doet iedereen altijd maar Tsjechov. En ik doe graag dingen die niemand anders doet.'


In 1998 was dat Shopping and fucking, een gewelddadige toneeltekst van Mark Ravenhill, waarmee hij door de toenmalige festivalleider Ivo van Hove, nu artistiek leider van Toneelgroep Amsterdam, werd uitgenodigd op het Holland Festival. Sindsdien volgen de regisseurs elkaar. 'Ivo en ik delen een fascinatie voor acteurs. Wij zijn denk ik allebei op zoek naar een realistische afspiegeling van sociale interacties tussen mensen. Ik zie aan deze Nederlandse acteurs dat ze een manier van acteren hebben die past bij het soort voorstellingen dat ik graag maak. Dat zijn geen loodzware toneeldrama's. Ze zijn hier gewend om intens en tegelijk ook toegankelijk theater te maken.'


Het gaat Ostermeier er niet om allerlei heftige emoties te vertonen op het toneel. Hij wil vooral oprechtheid zien bij de acteurs. 'Wat steeds vaker gebeurt, is dat acteurs op een podium staan te schreeuwen zonder dat daarvoor een aanleiding is. Daarmee hopen ze een voorstelling opwindender te maken. Maar in feite is niets zo saai als constant schreeuwende acteurs. Zo gedragen mensen zich niet.'


Hij vindt het onterecht dat Ibsen altijd maar wordt geroemd om zijn psychologische inzicht. Het was een veel interessantere socioloog. Er is een moment in Spoken waarop Oswald beseft dat hij dezelfde fouten heeft gemaakt als zijn vader, een dronkaard die van jonge meisjes hield. Dat is voor de regisseur een cruciaal gegeven. Volgens hem zitten mensen gevangen in sociale structuren. 'Via onze genen dragen we bepaalde boodschappen van generatie op generatie door.'


'Kijk, ik zeg niet, zoals Ibsen, dat het onmogelijk is om andere keuzes te maken. Maar het kost een mens wel degelijk enorm veel moeite om niet in dezelfde valkuilen te trappen als zijn ouders. Om niet net zo'n lul te worden als zijn vader.'


Spoken gaat in première op 27/2 in de Stadsschouwburg Amsterdam. Daarna tournee t/m 8/5. toneelgroepamsterdam.nl


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden