De dokter doet graag zoveel mogelijk niets

Verpleeghuizen kampen met een slecht imago: personeelsgebrek, bezuinigingen, pyjamadagen. Maar is het wel louter treurnis? Berichten uit verpleeghuis Gaasperdam in Amsterdam....

Meneer Damen heeft zich verslikt in een stukje meloen met ham. Hij kon het zelf niet ophoesten, de multiple sclerose heeft hem praktisch krachteloos gemaakt. Blauw aangelopen lag hij dinsdag in de gang. Ambulancepersoneel wist het fruit nog net op tijd met een tang uit zijn luchtpijp te halen. Daarna heeft hij met verpleeghuisarts Johan Schuijtemaker een duidelijke afspraak gemaakt: nooit meer naar het ziekenhuis.

De zestig bewoners van de twee somatische afdelingen van Gaasperdam bespreken meestal kort na binnenkomst met een van de vier verpleeghuisartsen wat er moet gebeuren als zij er een ernstige ziekte bij krijgen. Gaan ze naar het ziekenhuis? Blijven ze en kiezen ze voor 'middelen van het huis' (dus ook antibiotica bij een longontsteking)? Of willen ze alleen dat klachten (bijvoorbeeld pijn) worden behandeld? 'Ik probeer in het begin altijd wat confronterend te zijn', zegt Schuijtemaker, 'zodat ze er goed over nadenken.'

Op Holendrecht, de afdeling waarvan hij de vaste arts is, opteren slechts vijf van de 21 bewoners voor een ziekenhuisopname. Het zijn voornamelijk allochtonen. Vaak stellen vooral familieleden hoge eisen aan de behandeling, weet Schuijtemaker. 'De imam van het AMC heeft me uitgelegd dat zij het gevoel willen hebben dat alles is gedaan.'

Zelf, zegt hij eerlijk, heeft hij er moeite mee om bewoners tot het einde toe ingrijpende behandelingen te laten ondergaan. Als leidraad voor zijn handelen citeert hij graag schrijver Samuel Shem: 'To do as much nothing as possible'. Ofwel: voorkom medisch niet-zinvol handelen.

Tijdens zijn ochtendronde over de afdeling Gaasperplas vertelt hij over een dementerende bewoonster die een heup heeft gebroken en op verzoek van de familie is geopereerd. 'Meestal zien we bewoners slechter uit zo'n operatie komen', zegt hij. 'De narcose doet ze geen goed en ze begrijpen niet wat er gebeurt.'

Bewoners met een niet-geopereerde heupbreuk overlijden meestal binnen een week, zegt Schuijtemaker. 'Het is een heel moeilijke ethische kwestie', geeft hij toe. 'Ik vermoed dat veel artsen in het ziekenhuis zich niet kunnen voorstellen dat wij dergelijke keuzes maken.' Hij ziet steeds meer bewoners die in hun goede tijd een wilsbeschikking hebben opgesteld, waarin ze aangeven geen levensverlengende behandelingen te wensen. 'Waarom zou je dan die ontsnappingsweg niet pakken?'

Wilsbeschikkingen mogen de verpleeghuisarts dan vaak ruggensteun bieden, het toenemend aantal euthanasieverklaringen stelt hem voor een moreel dilemma. 'Soms komt de familie van een dementerende bewoner bij me en zegt: dit had moeder niet gewild. Nee, antwoord ik dan, dat kan ik me voorstellen. Maar euthanasie betekent dat ik nu met de spuit naar haar toe moet. Dan moet ik ook van haar horen dat ze het n. En dat gaat juist niet meer.'

Hoge ouderdom is 'een val waar je ongemerkt in wandelt', schrijft verpleeghuisarts en filosoof Bert Keizer in zijn boek Het refrein is Hein. Wanneer je je leven dan moet bedigen om die val te ontlopen, weet niemand, aldus Keiwww.zer. 'Je kunt het juiste moment pas vaststellen als het te laat is.'

De bewoners van de psychogeriatrische afdelingen hebben, wetmatig geredeneerd, geen duidelijk euthanasieverzoek meer, zegt Schuijtemaker. 'Moet de dokter dan het moment bepalen? Dan ontstaat een glijdende schaal en gaat iedereen zijn eigen ding doen.' Maar hij geeft toe dat hij zich tegenover de familie vaak een beetje achter de wet verschuilt. Gevoelsmatig begint hij langzaam op te schuiven, zegt hij. Door wat hij om zich heen ziet. En doordat hij beseft hoe belangrijk zelfbeschikkingsrecht is.

Op de somatische afdelingen, waar bewoners meestal nog wel wilsbekwaam zijn, klinkt met enige regelmaat de verzuchting: ik wil dood. 'Maar de mededeling: dokter, n ik dood, die komt niet', zegt Schuijtemaker. Hij heeft nog nooit euthanasie toegepast. Goede palliatieve (leedverzachtende, red.) zorg kan dat voorkomen, denkt hij.

Hij beseft dat zo'n doodsverzoek zou kunnen voortkomen uit wanhoop. 'Veel bewoners zijn somber en dat is invoelbaar. Als ze hier binnenkomen, zeggen ze vaak: als dit mijn voorland is, hoeft het voor mij niet. Maar zodra ze hun medebewoners en de verzorgenden leren kennen en gaan meedoen aan activiteiten, wordt het vaak minder.' Toch slikt een aantal van hen antidepressiva.

Op zijn ronde over de afdeling Holendrecht bespreekt Schuijtemaker met het hoofd de situatie van mevrouw Duin, bij wie hij een verdikking in de onderbuik heeft gevoeld. 'Laten we een echo maken. Als daaruit blijkt dat het een gezwel is, wat dan?' Ze plannen een gesprek met haar en haar echtgenoot.

En verder moet de verpleeghuisarts nog even langs het bewonerscafanwege meneer Damen, de ms-pati. Opdat hij daar 's middags geen Engelse dropjes krijgt en zich weer verslikt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden