De DDR herleeft in Monnickendam

Tien jaar geleden gaf de Oostduitse staat, de DDR, de geest. Maar toch blijft hij door onze geschiedenis spoken - tot Monnickendam aan toe....

Waarom is er een DDR-museum in Monnickendam? Wat heeft die gemeente met de ex-DDR? Het antwoord is simpel: de Oostduitse staat fascineert de Monnickendammer Friso de Zeeuw en zijn vrouw Thea al sinds 1985, toen zij voor het eerst Berlijn aan gene zijde van 'de Muur' bezochten.

Het was een andere wereld. 'Dat overdreven gedoe van de grenswachters bij Checkpoint Charlie, het Oost-Berlijnse straatbeeld, die typische geur van lysol en bruinkool, de pruttelende Trabantjes, die boekhandels met reeksen literatuur over het regime van Erich Honecker.' De DDR was liefde op het eerste gezicht voor De Zeeuw, maar hij bleef tot 1990 toch slechts een verre vriend. De val van de Muur werd het startpunt in de ontstaansgeschiedenis van het eerste DDR-museum op Nederlandse bodem.

De eerste relicten van de ondergegane staat kocht De Zeeuw bij de talloze standjes die vrijwel onmiddellijk na de opening van de grens tussen Oost- en West-Berlijn bij de Brandenburger Tor verschenen. Het betrof toen nog klein spul: stukjes van de Muur, politiepetten, Russische bontmutsen, onderscheidingstekens, medailles. De Zeeuw: 'De Muurbrokjes heb ik er overigens niet gekocht, maar begin 1990 met eigen handen uit de Muur gehakt.'

Zijn verzamelwoede kreeg allengs een duidelijk doel: 'Voorwerpen vergaren die alle facetten van het leven in de DDR bestrijken: van hoe het regime zijn macht handhaafde tot het gewone leven van de mensen en hun gebruiksvoorwerpen.' In de loop der jaren heeft De Zeeuw in Oost-Duitsland een geëngageerd particulier netwerk opgebouwd om aan authentieke DDR-spullen te komen. Om ook zelf zo dicht mogelijk bij de bron te zitten, kocht hij in het Oost-Berlijnse Scheunenviertel (in de buurt van de Oranienburgerstrasse) een pied-à-terre.

Het resultaat van alle inspanningen is een museum dat vooralsnog gehuisvest is in de omgebouwde garage van zijn villa in Monnickendam. Die ruimte is weliswaar beperkt, maar toch is De Zeeuw erin geslaagd in zijn unieke museumpje de belangrijkste aspecten van het leven in de DDR in twaalf vitrines bijeen te brengen. Uiteraard leent de ruimte zich niet voor een Trabbi, en tevens mist de kenner de typische en op den duur nostalgische DDR-geur: lysol en bruinkooldamp.

De twaalf vitrines tonen elk een apart aspect van de DDR-samenleving. Uiteraard opent de expositie met de verovering door de Sovjets van Berlijn op 30 april 1945 en vier jaar later de uitroeping van de DDR. Wanneer in 1954 de SED (Sozialistische Einheitspartei Deutschlands) in Berlijn congresseert, wordt een felicitatietelegram van Paul de Groot, secretaris-generaal van de CPN, de Oost-Duitse Genossen onder 'Beifall' voorgelezen.

Dat het regime van Walter Ulbricht de Moskouse bazen in hun vervloeking van Stalin stipt volgde, blijkt uit de SED-partijspeldjes. Op het ene speldje prijkt Stalin nog in het rijtje van de grote Sovjet-leiders, na 1956 is zijn konterfeitsel geschrapt.

De Muur werd in 1961 gebouwd om de massale vlucht van Oost-Duitsers te stoppen. Berucht werd het Schiessbefehl, waarvan de letterlijke tekst in het DDR-museum ligt. Dat de SED niet kieskeurig was bij haar heldenverering blijkt uit de lof voor Feliks Dzjerzinski, Stalins meedogenloze staatsbeul: 'Sein Leben unser Vorbild', vond de SED. Een grote trofee van De Zeeuw is de hoogste onderscheiding in de NVA, het DDR-leger: de lauwerkrans plus eredolk. De typische NVA-helm was overigens ontworpen voor meer dan de simpele geweerkogel: de helm moest de Oost-Duitse soldaat beschermen tegen de atoombom. Bij de staatsveiligheid ontbreekt uiteraard de Stasi niet, waarvan het hoofdkwartier in de nadagen van de DDR door het volk werd bestormd, waarbij overigens de belangrijkste etages onbereikbaar bleken. Veel materiaal blijft daarom geheim.

De arbeider was zogenaamd de belangrijkste figuur in de DDR. Vrouwen en mannen werkten in 'brigades' die meer deden dan alleen voor de staat produceren. De brigade bezocht gezamenlijk concerten, ging samen kegelen, collecteerde voor Vietnam en Palestina en onderhield vriendschapsbanden met Moskou. In een verslag van een brigade uit 1982 blijkt dat ook de DDR kampte met een gebrek aan kinderopvang. Sommige collega's waren vaak afwezig, omdat hun bedrijf geen Krippe (crèche) had. En SED-kader Schramm prest haar collega's om in het weekeinde de rede van Erich Honecker te bestuderen, omdat daarover 's maandags werd gediscussieerd.

De Kur wordt in Duitsland niet als luxe gezien, maar als ieders recht. Zo ook in de DDR, waar het Volksheilbad uiterst populair was. Het toppunt van luxe voor de kurende Oost-Duitser was de Maventi - afkorting voor de Manikürventilator.

Friso de Zeeuw heeft bij het verzamelen van zijn DDR-kleinoden wel een beetje geluk gehad. Zo vond hij in 1997 in een afvalcontainer in Oost-Berlijn een stapel prijzen, oorkondes en medailles. Onder andere redde hij een ingelijste oorkonde, door het regime aan een bontwinkel uitgereikt in het kader van een etalagewedstrijd. De Zeeuw: 'Je moet er een beetje gestoord voor zijn. Maar er groeit iets fantastisch in je als je nieuw dingen vindt.'

De Nederlandse architect en ontwerper Mart Stam stichtte in 1950 het Instituut voor Toegepaste Kunst van de DDR. Hij propageerde een eenvoudige industriële vormgeving, omdat zo dingen goedkoper en bereikbaarder werden voor de gewone man. De bakelieten plantenspuit is er een voorbeeld van. De Oost-Duitsers aapten westerse merken na. Zo heette Kölnisch Wasser (eau de cologne) Kölnisch Herb; Florena-crème was verpakt in een blauw-wit doosje, dat verdacht veel leek op dat van Nivea; de Karo Zigarette kon een zusje zijn van de Amerikaanse Lucky Strike. De boodschappen werden verpakt in een papieren zak met het opschrift: Leistungssteigerung: Erhöhte Lebensfreude nur in Frieden.

Het DDR-museum besteedt ook aandacht aan de relatie DDR-Nederland. Behalve Paul de Groot prijst ook PvdA'er Bart Tromp in SED-krant Neues Deutschland (6-4-1983) de 'grote openheid van de SED die grenzen opent'. Begin jaren zeventig had Nieuw Links in de PvdA al de erkenning van de DDR tot program verheven. Voor de CPN-kameraden had staats- en partijleider Erich Honecker bij zijn staatsbezoek op 20 mei 1987 aan Nederland nog een verrassing in petto: een bronzen buste van Karl Marx. Ook dit pronkstuk staat in het DDR-museum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden