De dandy en de dood

Advocaat Oscar Hammerstein hoorde op zijn 34ste dat hij hiv had, destijds een doodvonnis. Nu wordt hij 60. In zijn biografie Ik heb de tijd blikt de flamboyante jurist terug: 'Ik besloot:
ik ga dit overleven.'

Op 28 juli 1988 stond de dokter op zijn antwoordapparaat, om te zeggen dat de afspraak van de volgende morgen was verplaatst: van 8 uur naar 12 uur. Aan het eind van het spreekuur, in plaats van aan het begin. Oscar Hammerstein wist wat dat betekende: slecht nieuws.


Uren liep hij door Amsterdam, tot aan de Houthavens, waar hij het IJ in dook. 'Ik ben gaan zwemmen, met de bedoeling de Noordzee te halen en nooit meer terug te komen.' Maar de volgende dag zat Hammerstein om 12 uur gewoon bij de dokter, die hem vertelde dat hij seropositief was.


Hij was 34. De 35 zou hij halen, zei de dokter, de 40 zeker niet. Er bestonden geen medicijnen. 'Het was een doodvonnis. Ik kon en kan er nog steeds moeilijk over praten, over dat moment dat ik het te horen kreeg. Als iemand daarnaar vraagt, ga ik thee zetten. Het lukte me niet om het op te schrijven. Toen heb ik tegen mezelf gezegd: ik scheer me niet meer zolang dat verhaal niet af is.'


Aan de baard en zwierige snor raakte hij gehecht, hoewel hij aan baarden altijd een hekel had. Maar die passage uit zijn autobiografie Ik heb de tijd zou hij ook nu niet voor kunnen lezen. 'Ik voel er een enorme weerzin tegen.'


U beschrijft het kaal, zonder veel emotie.

'Ik vind het jammer dat je dat zegt, maar dit was de enige manier. Het was een klap. De week erop kreeg ik bloeduitslagen die dramatisch waren. Ik zou al in de laatste fase zitten. Ik voelde me zo fit als een hoentje en dacht: dit is verdomde vervelend, maar waar is de patiënt? Die uitslagen bleken te zijn verwisseld. Het was iets minder erg. Op dat moment besloot ik: ik ga dit overleven. Ik kocht dezelfde dag voor 300 gulden aan vitaminepillen, las alles over de ziekte wat ik kon vinden en ben gezond gaan leven. Ik ging op tijd naar bed, rookte niet, stopte tien jaar met drinken en ging zes keer per week naar de sportschool. Daarvoor ging ik zes avonden per week uit.'


In het boek staat dat u die avond ging zwemmen en hoe mooi dat was. Niet dat u overwoog nooit meer aan land te komen. Waarom heeft u dat niet opgeschreven?

'Omdat het er niet toe doet. Het doet er ook niet toe of ik gehuild heb en hoe vaak. Een mislukte zelfmoordpoging was het niet, ik ben uiteindelijk gewoon teruggezwommen. Maar toen ik de week daarna die bloeduitslagen kreeg, ben ik meteen aan mijn afscheidsbrief begonnen. En als er in 1994 geen medicijnen op de markt waren gekomen, had ik er in dat jaar, het slechtste jaar van mijn leven, beslist een eind aan gemaakt.'


Wist u ook al hoe?

'Ik had alles al in huis. Als je weet wat je hebben moet, ga je naar een apotheek in Thailand of Spanje en daar haal je alles wat je nodig hebt. Iets wat je bloeddruk omlaag brengt, iets wat je suikerspiegel omlaag brengt, iets wat je spieren verslapt - als je dat samen in een potje doet, komt het helemaal in orde.'


Hammerstein wordt volgende maand 60 en kan ook nog wel 80 worden, of 90 - al zegt hij dat liever niet hardop. Hij houdt kantoor op de Herengracht in Amsterdam, in een kamer met plafondschilderingen van Gerard de Lairesse. Buiten wappert een paarse vlag met zijn naam erop.


Het schrijven van Ik heb de tijd was het leukste wat hij ooit deed. Hij denkt over een tweede deel. Deel één telt ruim 360 pagina's, plus twee fotokaternen waarin we de advocaat zien als jongetje, leunend tegen een Rolls-Royce. We zien de advocaat ook op achtereenvolgens een kameel, een olifant, een paard en een motor. We zien hem als lid van studentenvereniging Minerva, we zien hem met prins Bernhard, met prinses Beatrix, met vriend Pim Fortuyn en met vriendin Neelie Kroes.


Directe aanleiding voor het boek was het emeritaat van Sven Danner, sinds 1988 de internist van Hammerstein. 'Ik was zijn oudste hiv-patiënt. Sven vond dat ik het moest opschrijven. Hij zei: 'jij kunt het, de anderen zijn dood.''


De ziekte hield Hammerstein lang geheim, bang als hij was dat hij zijn carrière kon vergeten. 'Niemand wil met een advocaat in zee die binnen een paar jaar dood is. Bovendien had hiv alles met homoseksualiteit te maken, met een promiscue leven, drugs, verslaving - dat was het stigma. Ik heb het niet van een wc-bril, maar zo promiscue was ik niet.'


De eerste hiv-medicijnen importeerde hij illegaal en voor veel geld ('elk potje een tweedehands auto') vanuit de Verenigde Staten. De dagelijkse pillencocktail was een kwelling. 'Een permanente chemokuur. In de eerste jaren slikte ik onder andere dagelijks 16 capsules Ritonavir. Als ik ze innam, kon ik een halfuur later niet meer staan en had ik het gevoel dat mijn gezicht bevroor. Ik zat eens in de auto onderweg naar Zutphen en ik had werkelijk geen idee waar ik was. Ik moest bij een benzinestation aan iemand vragen het op de kaart aan te wijzen. Moderne medicijnen zijn veel beter. Het meest gebruikte medicijn is Atripla. Maar weet je wat de voornaamste bijwerking is? Je wordt suïcidaal.'


Hammerstein grinnikt. Chihuahua Tank, gekleed in Hello Kitty-sweater, is inmiddels op de schoot van zijn baasje gaan zitten. De advocaat laat zijn duim en wijsvinger liefkozend over de oortjes van de hond glijden, Tank geniet met oogjes dicht.


'Atripla slik je voor je gaat slapen. Als je 's ochtends wakker wordt, is er niks aan de hand, maar als je 's nachts wakker wordt, voel je je zwaar depressief. Ik had een kaartje naast mijn bed staan met in grote letters: Atripla. Om niet te vergeten waarom ik me zo voelde. Ik hield het niet vol en slik nu een ander, minder heftig medicijn. Maar als ik op een dag zomaar denk dat de lente is begonnen, betekent dat meestal dat ik mijn pillen ben vergeten. Ander nadeel zijn de ouderdomsverschijnselen. Ik heb een gehoorapparaatje, mijn vaatwanden zijn aangetast en mijn ogen en mijn geheugen worden slechter.'


Het boek gaat over uw ziekte, maar het gaat voor meer dan de helft over uw strafvervolging, in 1994, wegens vermeende witwaspraktijken.

'Ik heb 42 dagen vastgezeten. In die tijd was ik erg ziek, ik moest naar Danner voor onderzoek. Geboeid en in een rolstoel werd ik het AMC binnengereden, vergezeld van twee FIOD-ambtenaren. De twee verhalen kwamen daar samen en ze hebben ook gelijkenissen. Aan hiv ga je niet meer dood, maar het virus houd je voor altijd bij je. Hetzelfde geldt voor een vervolging: ik ben twee keer vrijgesproken en toch blijft het me achtervolgen. Mensen weten meestal een paar dingen over mij: hij is Oscar Hammerstein, hij is advocaat, hij is seropositief en hij heeft vastgezeten.'


Het is twintig jaar geleden, u bent vrijgesproken. Waarom dit weer oprakelen?

'Het is voor mij onbevredigend dat men zich toch vooral de beschuldiging herinnert. Die stond groot op de voorpagina van De Telegraaf, met afschuwelijke koppen erboven ('ADVOCAAT OSCAR H. BREIN ACHTER MAFFIAPRAKTIJKEN', bijvoorbeeld, red.). De vrijspraak was een kortje.


'Niemand vroeg zich af: hoe kan het dat een keurige jongeman met een prachtige carrière van de ene dag op de andere in het cachot wordt gegooid? Hoe kan het dat zo'n jongeman dit soort beschuldigingen aan zijn broek krijgt - waar hij vervolgens tot twee keer toe van wordt vrijgesproken. Hoe kán dat?'


Uw boek heet: Ik heb de tijd. Waarom?

'Mijn favoriete zusje Marie-José woonde in een villa in Aerdenhout met de naam Habeo Horam. Ze was tien jaar ouder en voor mij een tweede moeder, zoals dat gaat in een gezin met acht kinderen. Eerst is mijn moeder doodgegaan en een jaar later Marie-José, aan borstkanker. In de villa vierde ik alle feestdagen, veel belangrijke momenten hebben zich daar afgespeeld. Ik wilde het boek eigenlijk Habeo Horam noemen, maar de uitgever zei: dat kan niet, want dan denkt iedereen dat het een boek over een geslachtsziekte is. Daarom heb ik het maar vertaald.'


Het slaat ook nog op een Chinees gezegde, blijkt uit het voorwoord.

'Ja: als ik maar lang genoeg aan de oever van de rivier zit, komen de lijken van mijn vijanden vanzelf voorbijdrijven.'


Wie heeft u al voorbij zien drijven?

'In die strafzaak werd ik beschuldigd door fiscalist Rob Boon en rijsthandelaar Shyam Guptar. Die laatste zit ergens diep in een Portugese kerker opgeborgen vanwege de handel in verdovende middelen. Nou, serves him well. En Boon is na deze strafzaak nog zeven of acht keer veroordeeld. Hij was een voortreffelijk fiscalist aan een vooraanstaand kantoor. Iemand die ik honderd procent vertrouwde maar die een driedubbelleven bleek te leiden. Hij is volkomen terecht uitgerangeerd.'


Fred Teeven was officier van justitie in de strafzaak tegen u. Al lezende kreeg ik de indruk dat u nog steeds woedend op hem bent.

'Als ik hem tegenkom, ben ik altijd reuze vriendelijk. Dag Fred, hallo Oscar. Ik heb het sec willen opschrijven, zonder te beschuldigen, maar ik denk: als je klaar bent met lezen, ben je ook klaar met Teeven, en ik geloof dat dat terecht is. Als staatssecretaris is hij bovendien ongeschikt. Zijn beleid is een uitholling van de rechten van verdachten en gevangenen, met als absoluut dieptepunt zijn voorstel om gevangenen voor hun eigen cel te laten betalen.'


Wat vindt u van zijn optreden inzake het proefverlof van Volkert van der G., de moordenaar van uw vriend Pim Fortuyn?

'Ik vind dat Volkert van der G. een levenslange gevangenisstraf had moeten krijgen. Die man heeft met die politieke moord de hele samenleving ontwricht, de littekens zijn er nog steeds. Maar als de rechter zegt dat het achttien jaar wordt, kom je na twaalf jaar vrij. Daar kun je niet aan gaan zitten sleutelen.'


Zou u Volkert van der G....

Meteen: 'Ik zou hem niet verdedigen. Maar in zijn algemeenheid verdedig ik wel het recht van gevangenen om na tweederde van het uitzitten van hun straf in vrijheid te worden gesteld. Dat is een recht dat je niet kunt afpakken om goede sier te maken. Dat geroep om opsluiten en vierendelen, ik hou er niet van. Zelfs niet bij iemand aan wie ik zo'n gloeiende hekel heb als Van der G..'


Uw vader was advocaat, u was lid van Minerva, u werkte samen met de vooraanstaande advocaat Frits Salomonson op een deftig advocatenkantoor - u verkeerde kortom in vooraanstaande kringen. Was de val daarom extra hard?

'Natuurlijk. Hoe hoger je klimt, hoe dieper je valt. Ik was op mijn 32ste voor honderd procent compagnon op een groot kantoor. Dan heb je het goed gedaan. Op mijn ziekte na waren de vooruitzichten goed, en dat was van de ene op de andere dag afgelopen. Mijn kantoorgenoten bij Boekel de Nerée hebben me binnen twee dagen eruitgezet. Schandalig, verraad. Ik was een outcast. Ik werd weggestuurd bij restaurants. Of ik kreeg te horen dat er al voor me was afgerekend en dan zag ik een paar types weglopen van wie ik dacht: mijn hemel. Die dachten dat ik aan het hoofd stond van een of ander misdaadsyndicaat. Aan mijn eigen vakgenoten, inclusief de Orde van Advocaten, heb ik niks gehad.'


Speelde bij uw vakgenoten mee dat u bekendstaat als een advocaat die graag de publiciteit opzoekt en niet bang is om te laten zien dat hij veel geld uitgeeft?

'Dat denk ik wel. Dat hoort niet in Nederland. Sinds die periode maakt het me helemaal geen bal meer uit wat anderen van me zeggen.'


U rijdt in een bontjas op uw motor door Amsterdam. U weet dat mensen daar iets van vinden, maar dat vindt u juist leuk.

'Dat vind ik heel leuk.'


Wat is het voor bont, trouwens?

'Nep.'


Dat gelooft niemand.

'Nee, maar ik heb met de fotograaf afgesproken dat ik dat zou zeggen, want anders krijgt de Volkskrant straks 25 brieven van mensen die het een schande vinden. Natuurlijk is het een echte, een tweedehands jas die ik heb laten vermaken. Ik houd van mooie dingen. Moet je eens kijken in wat voor gek kantoor ik zit. Dat kan toch ook helemaal niet?' Hammerstein wijst naar de plafondschilderingen van De Lairesse. 'De vier jaargetijden. Vanzelfsprekend zit ik onder de lente. Mensen die hier voor het eerst komen, schrikken zich het leplazarus. Men verwacht van een advocaat dat hij aan een grijs bureau zit, voor een raam zonder gordijnen.'


Het feit dat u in opspraak raakte, werd u voorspeld door een astroloog.

'Een vrouw die ik al jaren ken, ze is nu in de 80. Ik kom er minstens eens per jaar. Dan drinken we een kopje thee, net zoals wij nu, dan kijkt ze in mijn horoscoop en dan zegt ze: Neptunus staat in je zon, dit wordt een goeie tijd. Voor ik iemand aanneem, stuur ik haar de geboortedatum van de sollicitant. Zo krijg ik een beter idee van wie iemand is.'


Zegt ze ook weleens: neem deze maar niet aan?

'Heel vaak. En soms doe ik het dan toch, en dan gaat het inderdaad vaak mis.'


Daarna: 'Ik geloof niet in astrologie. Maar als je mij vraagt wat voor sterrenbeeld jij bent, zeg ik: waarschijnlijk een steenbok. Niet? O. Een ram? Jammer, verkeerd gezien.'


De liefde komt in het boek niet veel aan bod. Hoe komt dat?

'Ik heb nooit een lange relatie gehad, waarom weet ik niet. Ik zou er nu niet meer aan moeten denken. Ik woon veel liever alleen dan dat ik mijn huis met iemand deel. Ik vermaak me wel alleen. Zeker tot mijn 50ste heb ik het erg leuk gehad in het uitgaansleven, als je begrijpt wat ik bedoel.'


U noemt zichzelf een pathologische controlfreak.

'Geen mens houdt het met mij uit. Als iemand in de logeerkamer een handdoek op de grond laat liggen, ben ik chagrijnig. Ik heb het wel geprobeerd hoor, dan ben je verliefd en denk je: het moet maar, want hij is zo leuk, maar op een gegeven moment wordt het een drama. Als iemand hier gisteren wijn op het tapijt had gemorst en ik kreeg het vlekje er niet uit, had ik vandaag desnoods het hele tapijt laten vervangen. Een vriendje leende mijn auto en kreeg een aanrijding. De auto was verfrommeld. Hij vroeg: waar zal ik hem naartoe brengen? Ik zei: kan me niet schelen, maar ik hoef hem nooit meer te zien. Ik ga niet in een auto rijden waar een krasje op zit en ik ga niet in een jas lopen waar een knoop vanaf is. Ik heb er ook een verklaring voor. Ik ben het zevende kind en moeders van grote gezinnen maakten hun kinderen altijd vroeg zindelijk. Ik was zindelijk met negen maanden. Mijn drang naar netheid komt voort uit die zindelijkheidsdressuur.'


Hoe ging die dressuur?

'Ik werd door het kindermeisje elk halfuur op het potje gezet, net zo lang tot ik zindelijk was.'


U zat dus zo ongeveer de hele dag op het potje.

'Inderdaad. Gelukkig kan ik me er niks meer van herinneren.'


Het voelt niet als een gemis, dat u de liefde niet heeft gevonden?

'Nee. Ik voel veel liefde voor mijn vrienden. Eigenlijk heb ik ook nooit begrepen waarom mensen zo nodig een langdurige relatie willen hebben. Ik ben veel verliefd geweest, hoor, maar verliefdheden gaan over als je eraan toegeeft - het bezit van de zaak is het eind van het vermaak.'


Sommige mensen zeggen: er komt iets anders voor in de plaats. U gelooft daar niet zo in.

'Dat vind ik heel eng klinken. Als ik zeg dat ik niet weet hoe het komt dat het nooit is gebeurd, is dat niet helemaal waar. Het heeft denk ik toch veel met mijn handicap te maken gehad, dat je op een gegeven moment moet gaan vertellen dat je seropositief bent. Dat heeft in de weg gezeten, al is het alleen maar voor mijn eigen gevoel.'


Oscar Hammerstein: Ik heb de tijd. Uitgeverij Meulenhoff, 19,95 euro.


De anti-haatzaaiers


Gerard Spong was de advocaat van Hammerstein toen hij in 1994 werd beschuldigd van witwassen. In 2000 begonnen ze samen een advocatenkantoor en na de moord op Pim Fortuyn in 2002 dienden Spong en Hammerstein samen een klacht in tegen verschillende politici en journalisten vanwege haatzaaien - de klacht werd afgewezen. Het kwam in 2011 tot een breuk, over het waarom doen beide advocaten nog steeds geen uitspraken. Hammerstein: 'We praten nu weer met elkaar. Gerard was op mijn boekpresentatie. Hij heeft een boek gekocht en vroeg me om iets voorin te schrijven. Dat heb ik gedaan: Voor de beste advocaat van Nederland, je Oscar.' Vindt Hammerstein dat echt? 'Ik vond het in ieder geval erg leuk om het in zijn boek te schrijven.'








LPF, de erfenis


Na de moord op Pim Fortuyn bemoeide Oscar Hammerstein zich met de politieke erfenis: hij zat een jaar in het bestuur van de LPF. 'Politieke ambities heb ik niet meer, daarvoor hoef je maar een jaar in het bestuur van een partij als de LPF te zitten. De mensen in de LPF waren hulpeloos, dat was duidelijk. Er stonden personen op de lijst alleen omdat ze een keer stroopwafels hadden meegenomen naar een selectiebijeenkomst.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden