Analyse Chinastrategie

De Chinastrategie maakt één ding duidelijk: China moet vooral niet denken dat Nederland specifieke maatregelen neemt tegen het land

De langverwachte Chinastrategie van het kabinet is een kleine encyclopedie geworden van de relaties met grootmacht China. Gespeend van elk gevoel van urgentie, moet zij toch de ‘kanteling’ uitdrukken naar een realistischer beleid.

Minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken) geeft een toelichting op de China-strategie, opgesteld door het kabinet. Beeld ANP

Er is lang aan gewerkt, het maatschappelijk middenveld is geconsulteerd, er was strijd tussen ministeries – en er trok zelfs een China College Tour door het land. Maar in dit voortraject lijkt de meeste munitie voor een Chinastrategie al verschoten te zijn. Het eindresultaat lijkt meer op een rijke Postbus 51-folder dan een strategie over de omgang met de supermacht van de 21ste eeuw (al wordt China qua inwonertal de komende tien jaar ingehaald door India).

Het woord ‘strategie’ is verdwenen. In plaats daarvan lezen we een notitie, een handzaam boekje waar wel wat serieuze noten gekraakt worden, maar waarin met elk gevoel van urgentie over de terugkeer van China als wereldmacht is afgerekend. Direct na de inhoudsopgave kijkt de lezer in de twee vrolijke gezichten van een Chinees(-Nederlands?) stel dat op een fiets langs een tulpenveld rijdt. Leuk, toch?

Dat is ook wat minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok benadrukt bij de presentatie: we moeten niet ‘bang’ zijn voor China, maar wel realistisch, want we zijn in het verleden ook weleens ‘te goedgelovig geweest’. Nu stipt het kabinet keurig alle pijnpunten aan in de economische relatie met China – van bedrijfsspionage tot cyberaanvallen en het ontbreken van een ‘gelijk speelveld’, maar de sfeer moet wel zo open en optimistisch mogelijk blijven.

Ook als het over mensenrechten gaat. Tibet en de miljoenen christenen die hun religie niet vrij kunnen belijden, hebben – tot verdriet van respectievelijk Tibet-activisten en de ChristenUnie – hun weg naar de notitie niet gevonden. Maar daarin wordt wel gerefereerd aan de circa één miljoen Oeigoeren die in heropvoedingskampen zijn opgesloten. Die vormen een hedendaagse Goelagarchipel, geïnstigeerd door een Communistische Partij die volgens sommige experts onder president Xi Jinping ‘intern weer op het spoor zit van Mao’. Geen peulenschil.

Niettemin begint minister Blok zijn korte bijdrage over de mensenrechten met een compliment voor de ‘geweldige vorderingen’ die China heeft gemaakt op het gebied van sociaaleconomische rechten – waarschijnlijk een novum in de Nederlandse diplomatie. ‘Maar, en dat zeg ik nadrukkelijk als liberaal, er zijn ook andere rechten.’ China wordt volgens hem wél aangesproken op fundamentele vrijheden, ‘we speak up, net zoals we dat doen in Saoedi-Arabië, Venezuela en Burundi’.

De 5G-kwestie

Want China moet vooral niet gaan denken dat Nederland specifieke maatregelen neemt tegen het land. De heikele kwestie van het 5G-netwerk en de vraag of het Chinese Huawei hieraan een bijdrage mag leveren (een kernvraag die raakt aan nationale veiligheid) is uit de notitie gehouden. Daarover wordt apart besloten. En het kabinet neemt bewust alleen ‘landen-neutrale’ maatregelen, zoals dat heet in jargon, en sommige daarvan zijn al meer dan een jaar geleden aangekondigd. Weg urgentie.

In de Tweede Kamer wordt dan ook gemord. Sven Koopmans (VVD) is blij dat er nu ‘een stevig China-verhaal’ ligt, maar hij zou graag verder gaan. ‘Het beschermen van onze handelsbelangen en veiligheid vraagt om stevige en concrete maatregelen’, vindt Martijn van Helvert (CDA) – en die ziet hij onvoldoende terug. ‘Nederland moet meer slagkracht tonen.’ Ook de oppositie is kritisch. Bram van Ojik (GroenLinks) vindt de kabinetsnotitie ‘veelomvattend, maar ook veel van hetzelfde. De noodzakelijke trendbreuk blijft uit.’

Ondertussen neemt Nederland in de notitie wél duidelijk afstand van bondgenoot Amerika met zijn ‘meer competitieve’ benadering van China. Bij een koude oorlog met China, waar sommige Amerikaanse politici op zinspelen, moet Nederland wegblijven. ‘Hoewel we op veel punten in de praktijk dichter bij de VS staan dan bij China, maken we altijd onze eigen afwegingen en streven we naar een brede en intensieve relatie met China.’

De Haagse hoop is gevestigd op Europese eensgezindheid bij het bedenken van antwoorden op de Chinese strategische uitdaging. Tot dusver oogt de EU als een gatenkaas met lidstaten – onlangs Italië nog – die kiezen voor separate deals met Beijing. Maar recent is er wel beweging. De Commissie lanceerde in maart een actieplan van tien punten waarmee de relatie met China, ook economisch, in balans gebracht moet worden. Grote lidstaten als Frankrijk en Duitsland hameren tevens op wederkerigheid in de relaties met China, iets waarbij Nederland graag aansluit.

Toch blijft de conclusie hangen dat in ‘de nieuwe balans’ kool en geit gespaard worden, zoals Lilianne Ploumen (PvdA) het formuleert. Voor nu. Want het is een open vraag of en zo ja hoelang Nederland en andere EU-landen in de huidige confrontatie tussen de VS en China op hun eigen evenwichtsbalk kunnen blijven staan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.