De bruine rat is gewoon een eekhoorn zonder pluimstaart

De bruine rat

Eekhoorns vinden we schattig, van de bruine rat gruwen we. Terwijl een rat gewoon een eekhoorn zonder pluimstaart is. Maarten 't Hart legt uit waarom hij al vele jaren houdt van het dier dat door de mens zo fel wordt bestreden.

Beeld Anne Geene

'Ik heb iets met verschoppelingen en de bruine rat kun je met recht een verschoppeling noemen. Dat merkte ik al in de laboratoria in Leiden en Rijswijk waar ik in de jaren zestig en zeventig werkte. Daar werden veel tamme, witte laboratoriumratten gebruikt voor onderzoek. Die ratten werden gezien als wegwerpmateriaal, niet als levende organismen. Maar ik vond het schattige beestjes, vanaf het moment dat ik er een op mijn hand had zitten en dat hartje voelde kloppen. Later ben ik in het laboratorium bruine ratten gaan houden. Ik heb ze ook als huisdier gehad. Het zijn hele leuke beestjes, je hebt er meer aan dan aan hamsters. Ze knagen alleen al je snoeren door.

'Al in het laboratorium bleek mij dat er maar weinig bekend was over het gedrag van ratten. Ik ben ze gaan observeren, in hun kooitjes, maar ook op een vuilnisbelt bij Rijswijk, waar ze in de pauze tevoorschijn kwamen.'

De bruine rat

(Rattus Norvegicus)

Lengte: 190-300 mm

Lengte staart: 150 - 220 mm

Gewicht: 200 - 500 gram

Verspreiding: komt wereldwijd (uitgezonderd de arctische gebieden) voor in de buurt van menselijke nederzettingen. In Nederland komt hij vrijwel overal voor.

Leefgebied: als cultuurvolger leeft hij bij boerderijen, woningen, stallen, pakhuizen, fabrieken, winkels, vuilnisbelten. Ook in rietvelden en in agrarisch bouwland, en in riolen. Wordt ook wel rioolrat genoemd.

Voedsel: Alleseter.

Info: de Zoogdiervereniging

'De rat is eigenlijk net een eekhoorn, maar dan zonder pluimstaart. Eekhoorns vinden wij enorm schattig, maar de bruine rat heeft een buitengewoon slecht imago. De reactie van mensen bij het zien van een bruine rat varieert van afschuw tot angst. Ik vermoed dat het komt doordat de rat in zekere zin op mensen lijkt. Hij vertegenwoordigt onze zwarte kant, hij is ons negatieve spiegelbeeld. Ik schat dat er evenveel ratten zijn als mensen, ze leven op dezelfde plekken als wij, eten hetzelfde eten, ze pakken alles wat ze pakken kunnen, betalen nergens voor, ze exploiteren alles, leven van ons afval, ze zijn uitermate succesvol, ze planten zich ook nog eens voortvarend voort. Als twee ratten aan het begin van het jaar paren, zijn er aan het einde van het jaar ongeveer tweeduizend ratten bijgekomen. Vrouwtjes kunnen vijf worpen per jaar hebben en ook de kinderen zijn al snel geslachtsrijp. Overigens overleeft maar een heel klein gedeelte van die ratten het eerste jaar.'

'Er bestaan veel mythes over ratten. Dat ze mensen aanvallen, kinderen eten, dat ze volop ziektes verspreiden, dat ze vies zijn. En enorm groot zijn. Mensen schatten ratten altijd te groot in, in werkelijkheid zijn het maar kleine beestjes, met een redelijk lange staart. Ik had laatst mijn verwarmingsmonteur op bezoek. Hij zag dat ik een rat had in het kippenhok en durfde vervolgens mijn huis niet meer in. Onvoorstelbaar, een boom van een vent, en dan zo bang voor ratten. Die angst zal wel van vader op zoon zijn doorgegeven. Vroeger was een rattenbeet dodelijk. Maar tegenwoordig is een rattenbeet goed te behandelen. En een rat bijt alleen als hij echt geen kant meer op kan.

'De ratten die ik hier af en toe in mijn moestuin zie, of in het kippenhok, zijn ook helemaal niet vies, ze verzorgen zichzelf heel goed. Natuurlijk, in de havens, en in de riolen, daar zijn ratten wel vies, maar ze leven niet voor hun plezier in riolen, ze leven er omdat ze daar veilig zijn, en omdat er genoeg voedsel te vinden is, in poep bijvoorbeeld. Ik bestrijd de ratten hier ook niet. Het worden er niet meer, ze pakken mijn kippen niet. Wel eten ze van het kippenvoer, dus het is soms lastig inschatten hoeveel kippenvoer ik moet kopen.'

'De angst voor ratten is deels logisch. Hij verspreidt inderdaad wel ziektes. Vooral de ziekte van Weil is een probleem. Een enkele keer wordt iemand besmet als hij zwemt in stilstaand natuurwater. De bruine rat wordt vaak geassocieerd met de pest, maar die ziekte is verspreid door de zwarte rat. Overigens is de zwarte rat vanuit Brabant weer aan het oprukken in Nederland. Het verhaal dat de bruine rat de zwarte rat ooit verdreven heeft is gemeengoed geworden, maar ik betwijfel of dat waar is, want ze zitten elkaar niet echt in de weg. Een bruine rat klimt doorgaans niet, hij leeft in kruipruimtes of in natuurlijke holen, een zwarte rat kan zomaar op zolder zitten.

'Bruine ratten leven in roedels, familiegroepen, ratten van buiten de groep, die anders ruiken, worden agressief bejegend. Kannibalisme komt ook voor, bij eiwitgebrek. Ze leven dicht bij de mens, maar houden zich zoveel mogelijk voor de mens verborgen. Er moet genoeg voedsel in de buurt zijn, vaak leven ze ook dicht bij water. Ze kunnen in kruipruimtes van huizen leven, maar ze hebben ook holen in walkanten. Zo'n roedel kan vijftig ratten of meer tellen, maar dat aantal wordt in de stad doorgaans niet gehaald. Ze zijn uitermate voorzichtig. Ze komen pas naar buiten als één, meestal jonge rat, de boel verkend heeft. Dan pas volgt de rest van de groep.'

'Het succes van de rat is het product van de mens. We hebben zijn natuurlijke vijanden, zoals de otter, deels uitgeroeid, en hebben voor hem gunstige omstandigheden gecreëerd. Nu moeten we hem wel bestrijden. Dat valt nog niet mee, een rat laat zich niet zomaar vangen in een val. Sinds dit jaar is gebruik van gif grotendeels verboden. Begrijpelijk, want dat gif komt in het milieu en veel predatoren van ratten, zoals uilen, leggen er ook het loodje door. Maar het wordt wel spannend. Ik betwijfel of preventie, zoals dat nu in steden gebeurt, afdoende is. Want eten vindt de rat in de stad overal. Dat is ook de reden waarom ik de rat bewonder: hij is een uiterst succesvol dier dat zich, ondanks eeuwenlange felle bestrijding, weet te handhaven. Hij leeft gewoon met ons mee. En we merken er niets van. Ik heb in Amsterdamse parken ratten zien lopen, zonder dat al die mensen met spelende kinderen ook maar iets in de gaten hadden. Mensen zien niets. En dat is eigenlijk maar goed ook.'

Maarten 't Hart (70) is schrijver en bioloog. Hij schreef, onder veel meer, het boek Ratten (1973).

Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.