Analyse

De boeren hebben een plan nodig

Koeien worden in Bathmen in de wei gelaten.  Beeld Marcel van den Bergh
Koeien worden in Bathmen in de wei gelaten.Beeld Marcel van den Bergh

Hoe moet het verder met de boeren in Nederland? Dat is een vraag die met een uitroepteken op de formatietafel ligt van het nieuwe kabinet. Dat er iets moet gebeuren is duidelijk, want de Nederlandse landbouw zit aan zijn grenzen.

De grenzen van de uitstoot van stikstof en de klimaatbelasting natuurlijk, maar ook puur fysiek: tweederde van Nederland is in gebruik voor landbouw, terwijl er schreeuwend behoefte is aan meer ruimte voor woningbouw, natuur en het opwekken van duurzame energie.

Het speelveld voor de nieuwe regering is op zijn zachtst gezegd problematisch. Uit een enquête door I&O Research in opdracht van de Volkskrant onder bijna duizend veeboeren bleek dat zij het geloof in de overheid hebben verloren: 70 procent heeft geen vertrouwen meer in de overheid. Ruim tweederde zou op de BoerBurgerBeweging (BBB) stemmen als er nu verkiezingen waren. De radicale boerenactiegroep Farmers Defence Force (FDF) geniet de meeste steun.

Het onderstreept dat het debat in de landbouw totaal gepolariseerd is, zoals CDA-landbouwwoordvoerder Derk Boswijk deze week ook al signaleerde in de Volkskrant. Iedereen maakt elkaar zwart, aldus Boswijk. Er wordt alleen nog maar gediscussieerd met oneliners en radicale standpunten: wie niet onvoorwaardelijk vóór de boer is, is tegen hem.

Geitenpaadjes

Het landbouwbeleid van de afgelopen jaren lijkt de problemen alleen maar te hebben verergerd. Geconfronteerd met grote uitdagingen op het gebied van duurzaamheid, natuur en klimaat hebben opeenvolgende regeringen gereageerd met halfslachtige oplossingen: technische maatregelen, vrijwillige uitkoop, ingewikkelde compensatieregelingen. Geitenpaadjes die van het echte doel afleiden en alleen maar stress opleveren, voor alle partijen, terwijl ze een oplossing van de problemen niet dichterbij brengen.

Nederland heeft een masterplan nodig, roepen planologen, landbouwdeskundigen en natuurbeschermers al een tijdlang. Te lang heeft Nederland de ruimtelijke ordening verwaarloosd: overgelaten aan lagere overheden en de markt. Daarmee hebben we grote ruimtelijke problemen voor ons uitgeschoven.

Voor een echte oplossing is het wenselijk dat er keuzes worden gemaakt. Dat zou moeten beginnen met de vraag: hoe willen we dat Nederland er over vijftig jaar uitziet? Idealiter is dat een land waarin het fijn wonen is, waar de natuur tegen een stootje kan, waar ruimte is voor recreatie, woningbouw en energie. En waar ook nog steeds plaats voor een landbouw die past bij zijn omgeving.

Evenwicht

De aanzetten daarvoor zijn al gegeven. Bijvoorbeeld door een groep Wageningse wetenschappers die eerder dit jaar het plan lanceerden om Nederland op te delen in zones: een deel vruchtbaar land dat geschikt is voor (duurzame) intensieve landbouw en een deel voor boeren die natuurvriendelijk produceren, zonder kunstmest en pesticiden.

Het sluit aan op de ideeën die een brede coalitie onder leiding van oud-minister Cees Veerman eerder presenteerde. Daarin wordt gepleit voor een omslag naar een nieuwe manier van denken waarin de belangen van natuur, biodiversiteit en landbouw evenwichtig tegen elkaar worden afgewogen. Het zijn de aanknopingspunten voor de landbouw van de toekomst die in harmonie is met zijn omgeving, goed voedsel produceert en boeren een fatsoenlijke boterham verschaft.

Die overgang zal niet pijnloos zijn. Om de veestapel in te krimpen zullen boeren worden uitgekocht: liefst vrijwillig, maar soms ook gedwongen. Boeren in de buurt van natuurgebieden zullen zich het moeten aanpassen om aan de stikstofnormen te voldoen.

Transitie

Dat zal er onvermijdelijk toe leiden dat een deel van de (vee)boeren moet stoppen. Voor hen die doorgaan zijn nieuwe verdienmodellen nodig: boeren kunnen worden betaald voor maatschappelijk nuttige ‘eco-diensten’ zoals landschapsbeheer, natuurbescherming en behoud van biodiversiteit.

De transitie zal geholpen zijn met een eerlijker systeem van prijzen, waarbij boeren voor duurzaam voedsel meer krijgen en producten die de natuur en het milieu belasten zoals vlees duurder worden. Dat betekent een radicale omwenteling, waarbij de landbouw niet louter gezien wordt als een bedrijfstak maar als een integraal onderdeel van de inrichting van het land.

Een deel van de boeren ziet dat zelf ook in. Uit de enquête van de Volkskrant blijkt dat een aanzienlijk deel van de boeren best bereid is tot verandering (uitkoop, minder vee), mits daar fatsoenlijke compensatie tegenover staat. En groupe zijn de boeren radicaal, maar individueel valt met hen best te praten, is de onderliggende boodschap.

Een masterplan moet bieden wat nu ontbreekt: duidelijkheid voor de toekomst. Daar is behoefte aan, bij alle partijen. Daarvoor is wel nodig dat iedereen uit zijn zelfgegraven schuttersputje kruipt en het gesprek aangaat. De boodschap aan de boeren zou moeten zijn: het moet écht anders. En ja, dat gaat pijn doen. Maar daar gaan we jullie zo goed mogelijk bij helpen. Want goed voedsel, een mooi agrarisch landschap en een gezonde boerenstand zijn ook in het belang van Nederland.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden