De bloedige strijd in de Aguán-vallei

In Honduras eisen boeren land terug dat hen is afgenomen door de plaatselijke grootkapitalist. Alleen heeft deze Miguel Facussé een intimiderend legertje van 300 man tot zijn beschikking.

In een Haags koffiehuis toont Yoni Rivas een foto van drie mannen achter tralies. Hijzelf is duidelijk herkenbaar, met zijn brilletje op en zijn zelfs voor Hondurezen korte en gedrongen gestalte. Schuin achter hem staat José Antonio Trejo, zijn advocaat. De foto stamt uit de zomer van 2012.


De drie waren opgepakt omdat ze hadden gedemonstreerd voor het gerechtsgebouw. Daar diende een van de vele rechtszaken over landeigendom. Boeren eisen hun land terug dat hen zou zijn afgenomen door de plaatselijke grootkapitalist, Miguel Facussé. Diens bedrijf Dinant bezit honderdduizenden hectare palmplantages. En een legertje van driehonderd man dat volgens Rivas ook wordt gebruikt om tegenspartelende boeren en hun gezinnen te intimideren, te verjagen en te vermoorden.


Een paar maanden nadat de foto werd genomen werd advocaat Trejo doodgeschoten in een parkeergarage. Weer een paar maanden later was Rivas zelf bijna het haasje. Hij moest zich sinds zijn aanhouding wekelijks melden bij de politie. Na één zo'n bezoek werd hij gevolgd. 'Ik overnachtte in een hotel, maar ik vertrok daar 's morgen al om half vier. Net toen ik wegliep, zag ik drie zwaar bewapende mannen het hotel binnengaan. Later hoorde ik dat ze naar mij hadden gevraagd.'


Vermoord worden

Rivas denkt dat hij door zijn vroege vertrek aan een aanslag ontsnapte. Voor de vierde keer al, trouwens. Dat hoeft geen paranoia te zijn. In de Bajo-Aguán, de regio in het noorden van Honduras waar hij voorzitter is van een boerenorganisatie MUCA, is vermoord worden een heel gebruikelijke manier om dood te gaan. Zeker voor activisten die zich verzetten tegen landroof door Dinant. De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW) schreef een jaar geleden dat zeker 88 leden van boerenorganisaties in deze regio waren vermoord. In de meeste gevallen zag HRW een link met Facussé of diens onderneming Dinant.


Zoals bij Pedro Salgado, die op 21 augustus 2011 werd vermoord met machetes, samen met zijn vrouw Reyna Mejia. Hij was een naaste medewerker van Rivas. En Matias Vallé, ook een bestuurder van MUCA, die door twee mannen op een motorfiets afgeschoten werd toen hij op de bus stond te wachten (bushaltes blijken levensgevaarlijk voor activisten). Bij veel moorden is mogelijk het leger of de politie betrokken. Overigens werden ook 17 medewerkers van Dinant vermoord.


Bajo-Aguán heeft een lange geschiedenis van landconflicten. Het was een van de gebieden waar United Fruit huishield, het bedrijf dat hele landen zijn wil oplegde en daarmee onder meer Honduras de naam 'bananenrepubliek' bezorgde. In de jaren zeventig was het Nederlandse ontwikkelingshulp die de regio op een nieuw spoor zette: oliepalmen. Nederland steunde boerencoöperaties en financierde fabriekjes. Maar al snel grepen de machthebbers deze nieuwe kansen. De coöperaties zijn vrijwel weggevaagd, en enkele grootgrondbezitters, Dinant voorop, hebben zich het land toegeëigend.


Toch wordt Dinant financieel gesteund door de Wereldbank. Het bedrijf kreeg in 2009 een krediet van 30 miljoen euro van de IFC, de dochter van de Wereldbank die zich op het bedrijfsleven richt. Die lening is de reden dat boerenleider Rivas vorige week naar Europa afreisde: om iedereen die bij de Wereldbank betrokken is te vertellen over de misdaden van Dinant. Hij sprak in Brussel met bewindvoerders van de Wereldbank, in Londen met parlementariërs en in Den Haag met het ministerie van Buitenlandse Zaken.


In januari klaagden zeventig mensenrechten- en ontwikkelingsorganisaties de IFC aan vanwege zijn krediet aan Dinant. Vergeefs. Pas toen de eigen ombudsman van de Wereldbank in een ongemeen scherpe verklaring stelde dat de IFC alerter had moeten reageren op signalen van schending van de mensenrechten, gaf IFC toe fouten te hebben gemaakt. IFC bevroor het krediet aan Dinant, maar ingetrokken is het niet.


Andere financiers deden dat wel. De Duitse DEG Bank had ook een krediet van 20 miljoen uitstaan bij Dinant, maar trok dat in 2011 al in. EDF, het Franse energiebedrijf, staakte ook zijn samenwerking met Dinant.


Drugsvliegtuigen

Er zijn redenen genoeg om Miguel Facussé te wantrouwen. Hij is een van de machtigste mannen van Honduras. Volgens documenten die naar buiten werden gebracht door WikiLeaks, zou Facussé zijn landgoederen gebruiken om drugsvliegtuigen op te laten landen. Hij zou ook een van de mensen zijn die achter de coup zaten die in 2008 de gekozen linkse president Manuel Zelaya ten val bracht. In diens plaats kwam Porifio Lobo Sosa, zelf grootgrondbezitter.


Sinds die coup is de strijd in de Aguán-vallei alleen maar bloediger geworden. Land dat twintig jaar geleden nog in handen was van enkele tientallen boerencoöperaties, is inmiddels van drie plantagebedrijven, waarvan Dinant de grootste is. En de agressiefste.


Volgens HRW zit Dinant niet alleen achter veel van de moorden, maar is de veiligheidsdienst van het bedrijf ook betrokken bij gewelddadige ontruimingen van families, vaak geholpen door politie en leger.


In het Haagse koffiehuis houdt Yoni Rivas goede hoop. Want begin april houdt de Wereldbank zijn voorjaarsvergadering, en dan kan de bank een ander beleid kiezen. Rivas: 'De IFC moet zich terugtrekken uit Dinant. En Dinant moet zich terugtrekken uit de regio en de gestolen landerijen teruggeven aan de coöperaties.'


Is zo'n boodschap niet een sollicitatie naar een vijfde aanslag op zijn leven? 'Het is gevaarlijk werk. Maar ik laat me niet de mond snoeren', zegt Rivas.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.