De betekenis van jas

De tentoonstelling Get Real/Real Self toont met behulp van regenjassen de relatie tussen mode en taal.

Er is geen branche waarin het woord 'echt' zo vaak misbruikt wordt als in de modewereld - kunstenaars Joke Robaard (57) en Giene Steenman (47) zeggen het nergens hardop in hun tentoonstelling Get Real/Real Self, maar die conclusie lijkt onvermijdelijk. Neem alleen al het artikel uit de Britse Vogue dat prominent naast de entree van de expositie hangt. Daarin stelt een moderedactrice dat het nu, in tijden van crisis, weer tijd is voor échte kleren. Geen flauwekul en frivoliteiten, nee, alleen praktische, degelijke, tijdloze stukken komen nog haar kast in. Waarna ze haar liefde verklaart aan een regenjas van Hermès die een paar maandsalarissen moet kosten. 'Als het echt alleen om functionaliteit gaat, kun je natuurlijk ook een gat in een vuilniszak knippen en die gebruiken tegen de regen', zegt Robaard. 'Maar het gaat bij kleding nooit om de functie alleen.'


Ze zegt het met een lach, want het amuseert en fascineert haar, hoe mensen betekenis geven aan kleding. Net als Steenman maakte ze al eerder kunstprojecten over mensen en hun kledingstukken; zo liet ze voor een project in Haarlem-Oost mensen het verhaal vertellen achter hun jas. Ook in haar fotowerk voor het Nederlandse paviljoen van de Biënnale in Venetië die vrijdag opent, speelt kleding een prominente rol.


Get Real/Real Self maakte ze samen met Steenman voor die andere biënnale die deze week begint, de Arnhem Mode Biënnale. De tentoonstelling is 'een redactionele constructie die aan de hand van kledingstukken, teksten, foto's en planten de relatie tussen mode en taal onderzoekt', meldt de catalogus plechtig. Die teksten, grote citaten aan de wand, zijn voor een belangrijk deel van filosoof Roland Barthes, die in zijn boek The fashion system (1967) onder meer de retoriek van de modebladen analyseerde. De kledingstukken zijn voornamelijk regenjassen. Parka's, anorakken, capes met capuchon - allemaal verschijningsvormen van één archetypisch kledingstuk dat Robaard en Steenman als uitgangspunt namen.


'Wat is er nou Nederlandser dan de regencape?', zegt Steenman in een zaal waar een merkloos groen exemplaar van plastic naast een zwarte wollen cape van de Belgische ontwerpster Ann Demeulemeester hangt. Daarnaast hangt de habijt van pater Co Jansen uit de Sint Willibrordsabdij in Doetinchem. De tentoonstelling is 'puur associatief' tot stand gekomen, zeggen de maaksters. 'Ook een habijt heeft te maken met verschuilen, omhullen.' In een vitrine verderop ligt een 19de-eeuwse parka van darmhuid, zoals Eskimo's die droegen. 'Zeer functioneel, want waterdicht', zegt Steenman. 'Maar ook weer niet alléén functioneel. Zulke jassen waren erg kostbaar en ze hadden ook een rituele functie. Sjamanen droegen ze bijvoorbeeld ook.'


Waarmee ze maar zeggen wil: geen kledingstuk is volkomen neutraal, achter elke dracht schuilt wel een bedoeling. Robaard: 'Ik heb jongeren wel eens gevraagd waarom ze hun spijkerbroek droegen - witgebleekte broeken, zo strak dat je er buikpijn van krijgt. Hij zit zo lekker, was het antwoord. Ha!'


Spijkerbroeken, hoge hakken, grote tassen. Robaard: 'Waarom lopen we tegenwoordig toch als stadsnomaden met zulke grote hoeveelheden spullen te sjouwen?' - ze hebben allemaal een plek in de tentoonstelling gekregen, die steeds breder uitwaaiert naarmate je het einde nadert. In de laatste van de vier zalen die het Museum voor Moderne Kunst in Arnhem eraan wijdt, is nauwelijks meer een regenjas te bekennen. Wel zijn er video's te zien en veel modefoto's, die door de herhaling van patronen onbedoeld komisch werken. Robaard heeft geput uit haar archief dat ze al decennia bijhoudt: op talloos veel modefoto's uit bladen zit het fotomodel met een serieus gezicht een gewichtig boek te lezen. Roobaard, droog: 'Het is nogal eens een encyclopedie, goud op snee.' Of ze staat, kortgerokt en hooggehakt, tussen de Masaï-krijgers in de woestijn. Roobard: 'Die hebben er zo'n beetje hun beroep van gemaakt om op modefoto's te figureren.'


Waarmee de tentoonstelling, behalve over regenjassen, ook over modecliché's gaat, al wordt dat nergens expliciet benadrukt. Die conclusie moet je zelf maar trekken, want Roobaard en Steenman houden er niet van om de bezoeker een boodschap in te peperen. Steenman: 'We geven geen antwoorden, we stellen vragen. Zo houd ik er ook helemaal niet van om aan iemands kleding af te lezen wat voor een persoon hij of zij zal zijn. Dat vind ik gevaarlijk. Neem Berlusconi in zijn nette pak: hij kan een bankier zijn, of een crimineel. Ja, kleding zegt iets over mensen. Maar wát precies is vaak een raadsel.'


Arnhem modestad: van Jan Jansen tot modetuin

Van 1 juni tot en met 3 juli 2011 vindt in Arnhem de vierde editie van de Arnhem Mode Biënnale plaats. De tentoonstelling Get Real/Real Self in het Museum voor Moderne Kunst is een van de hoofdonderdelen van het festival. Verder zijn er nog tal van andere exposities en activiteiten die van Arnhem een maand lang nóg meer modestad maken dan door het jaar heen al het geval is. Een greep:


Een 10.000 vierkante meter groot fabrieksgebouw van sponsor AkzoNobel is de locatie van de hoofdexpositie. Er is werk te zien van ontwerpers als A.F. Vandevorst, Iris van Herpen, Prada, Maison Martin Margiela en Rodarte in speciaal voor de biënnale ontwikkelde installaties.


De 'stadsexpositie' bestaat uit billboards met portretten van Arnhemmers in designerskleding, die speciaal voor de biënnale zijn gefotografeerd. Bezoekers van de biënnale kunnen ook nog op de foto op 2, 3, 4, 5, 8 en 9 juni. Kosten 10 euro, inclusief afdruk.


Langs de mooiste (mode)winkels van Arnhem, en dat zijn er nogal wat, leidt een winkelroute waarvan de plattegrond bij de VVV in Arnhem en op de website van de biënnale te vinden is. Daarop ook diverse 'pop-up stores' (tijdelijke winkels) die in juni open gaan. Pop-up store Ra maakt van het hoofdkantoor van de Arnhem Mode Biënnale, een tijdelijke winkel met kleding van jonge ontwerpers en bij modewinkel Blackpoint is een overzicht vanaf 1960 van schoenen van Jan Jansen te zien.


Op het Gele Rijdersplein zijn van 2 tot en met 5 juni twee evenementen te bezoeken: Modetuin, een mode-, interieur- en kunstmarkt, en Smaakvol Arnhem, een culinair evenement.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden