De beste vriendin van Anne

Als Otto Frank zich al moest verweren tegen het verwijt van lijkenpikkerij nadat hij het dagboek van zijn jongste dochter te gelde had gemaakt, hebben de geboekstaafde herinneringen van Anne's 'beste vriendin' de schijn helemaal tegen....

Sander van Walsum

Uit de titel valt dat nog niet op te maken: Ik heet Anne, zei ze, Anne Frank - de woorden waarmee in 1941 een intense vriendschap werd ingeluid. Deze titel doet in zoverre recht aan de inhoud, dat Van Maarsen haar verhouding met Anne liefdevol en met aandacht voor veelzeggende details optekent. Anne was dartel, zoals de lezers van Het Achterhuis haar menen te kennen. Ze genoot van wat haar aan de vooravond van haar onderduik nog restte aan vrijheid. Bij de ijssalon legde zij het aan met veel oudere jongens - waarbij zij er, doorgaans ten onrechte, van uitging dat deze haar de liefde zouden verklaren. Zij betrok 'Jacque', als haar 'beste vriendin', bij haar seksuele fantasieën, en bracht haar in verlegenheid met het voorstel elkaars prille borsten te betasten.

De beschrijving van Anne neigt nergens naar het hagiografische. Haar trieste levenseinde en de postume roem hebben Van Maarsen niet onnodig afgeleid. Met fijne pen beschrijft ze de vriendschap zoals zij die toen heeft ervaren. Een vriendschap die werd belast door de veeleisendheid, de dominantie en de jaloezie van Anne.

Maar er is meer dan Anne alleen. De wederwaardigheden van Van Maarsen zelf zijn eveneens opmerkelijk. Haar persoonlijke geschiedenis was, zeker naar de maatstaven van haar jeugd, nogal kleurrijk. Vader Hijman, telg van een hechte joodse familie, ontplooide - met wisselend succes - tal van handelsactiviteiten vóór hij zich ging toeleggen op zijn liefde: het boekenantiquariaat. En haar moeder, de kordate, uit Frankrijk afkomstige Eline, was couturier: een hoedanigheid die haar beter lag dan het moederschap.

Aanvankelijk voegde Eline zich naar haar joodse echtgenoot. Maar tijdens de Duitse bezetting liet zij zichzelf en haar twee dochters uitschrijven als lid van de joodse gemeente. Het gezin werd er, vlak voor de grote deportaties een aanvang namen, door gered. Jacqueline mocht haar gele davidster afleggen, en verliet het - goeddeels ontvolkte - Joods Lyceum. Haar klasgenootje Anne Frank was toen al weg. Naar Zwitserland, veronderstelde Jacqueline.

Zijzelf hoorde - zo ervoer zij het - nooit meer ergens bij. Niet bij de niet-joden, maar ook niet meer bij de joden. Zelfs niet bij Anne: lange tijd probeerde ze haar beste vriendin van weleer uit haar gedachten te bannen. Om niet aan de last van herinneringen te bezwijken.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden