DE BELEVINGSWERELD VAN KAMERLEDEN

DE INTERESSANTSTE politieke autobiografieën worden geschreven door politici die hun leven lang in de marge hebben geopereerd, beweerde Martin van Amerongen in zijn boekje Mijn leven zijn leven....

De gentleman-schrijver bereikte nooit de echte politieke top, maar heeft in de 26 jaar dat hij als VVD-Kamerlid aan het Binnenhof heeft vertoefd, de Haagse zeden en eigenaardigheden goed leren kennen. Daar komt bij dat hij in zijn columns, artikelen en romans blijk heeft gegeven van een uitstekend observatievermogen. Ook suggereert de titel van zijn herinneringen, Man en paard, nog eens een zekere openhartigheid.

Openhartig is Joekes inderdaad wel, zeker vergeleken met een partijgenoot als Van der Klaauw die een jaar eerder in boekvorm heeft teruggeblikt op het eigen bestaan. Zonder al te indiscreet te worden, vertelt hij over de hoogte- en dieptepunten in zijn privé-leven.

Over de manische depressiviteit bijvoorbeeld, die hij slechts met medicamenten de baas kan blijven. Over de paar liter alcohol die hij vroeger dagelijks consumeerde. Over de 'rei van nimfen', de stoet van zijn vriendinnetjes die gaandeweg steeds jonger werden.

Joekes maakt er geen geheim van dat hij het jammer vindt nooit tot het ambt van staatssecretaris of minister te zijn geroepen. Ook geeft hij vrij ruiterlijk politieke fouten toe.

Een voorbeeld van een duidelijke uitglijder was de oproep in 1978 jonge Zuid-Molukkers het land uit te zetten als de Molukse gemeenschap bleef weigeren de politie te helpen. Het was een wat ongelukkige uitspraak die hem een boete van duizend gulden opleverde.

Maar biedt het boek, behalve in privé-beslommeringen, ook inzicht in de liberale politiek? Leren we iets over de wijze waarop de VVD functioneert? In zekere zin wel. Zo besteedt Joekes enige aandacht aan de gegroeide macht van de Kamercentrales en de plaatselijke afdelingen die de neiging hebben 'hun' Kamerlid als een soort loopjongen te beschouwen.

Verder demonstreert Joekes evenwel een sterke voorliefde voor anekdotes over personen. Zo onthult hij dat fractievoorzitter Geertsema, die eigenaardige conservatieve heer van stand met progressief imago, geërgerd reageerde op het verzoek van Haya van Someren om meer dan zes weken zwangerschapsverlof: 'Ik heb mijn Adolphine alle keren binnen tien dagen teruggejaagd naar het fornuis.'

Joekes bekent dat hij zich in zijn politieke handelen te vaak heeft laten leiden door persoonlijke sentimenten. Zo koestert hij een warme sympathie voor Neelie Kroes en eigenlijk, zo krijg je de indruk, voor elke vrouw die er appetijtelijk uitziet.

Ware haatgevoelens daarentegen, draagt hij - zoals inmiddels algemeen bekend - Ed Nijpels toe, de vroegere partijleider die, samen met zijn 'trouwe luitenant en meester-verdoezelaar' Evenhuis, jarenlang de VVD zou hebben geterroriseerd. De diagnose is ongemeen hard: Nijpels is feitelijk geestelijk gestoord, en had psychiatrische hulp moeten zoeken. Onbegrijpelijk vindt Joekes het achteraf dat de VVD-fractie, inclusief hijzelf, zich in een soort 'trance van angst' zo lang heeft laten 'intimideren en ringeloren' door een leugenaar en diens 'junta'.

Het boek van Joekes bevestigt het klassieke vooroordeel dat de discussie in de VVD altijd over personen en nooit over ideeën gaat. In bespiegelingen van PvdA-prominenten over de goede oude tijd duiken geregeld gepassioneerde intellectuele debatten en felle ideologische tegenstellingen op. Bij Joekes niets van dit alles. Hij merkt op praktisch te zijn aangelegd, net zoals 'verreweg de meeste mensen in het land'.

Uitvoerige, meeslepende, profeterende beschouwingen over de toekomst van het liberalisme zijn aardig voor de bühne. Publiek en pers verwachten die praatjes nu eenmaal, maar goed beschouwd heb je er niks aan, meent de voormalige medewerker van het wetenschappelijk bureau van de VVD. Wat heeft het voor zin 'een half uur te filosoferen over de beginselen van het liberalisme wanneer die zo kort en helder zijn neergelegd in het beginselprogramma?' Dat je over de onderlinge verhouding en de betekenis van die - vage - beginselen boeiende gedachtewisselingen kunt hebben, wil er bij Joekes niet in.

Voor de eerder dit jaar verschenen herziene editie van de bundel De ideologische driehoek heeft Jos de Beus het hoofdstuk over het Nederlandse liberalisme voor zijn rekening genomen. In zijn geleerde betoog schetst de auteur het in zijn ogen grillige ideologische debat in de VVD met behulp van verwijzingen naar de rationalistische verdragstheorie van John Rawls en de evolutionistische opvattingen van Friedrich Hayek.

Het 'vernieuwingsdebat' waarover De Beus spreekt, is een fascinerend intellectueel discours. Een discours ook dat, zo laten de memoires van Joekes weer eens duidelijk zien, mijlenver afstaat van de belevingswereld van Kamerleden. En het zijn deze Kamerleden die de positie van de VVD bepalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden