De beklemming van een stille voorkamer

Aan te bevelen als ingang tot het omvangrijke oeuvre van Theun de Vries (Veenwouden, 1907) is de heruitgave van de vertellingen van Wilt Tjaarda, ingeleid door Geert Mak, die een deel van zijn jeugd in de Friese Wouden doorbracht....

Deze onzorgvuldigheid neemt niet weg dat Maks geestdrift enthousiasmerend werkt. De meeste stukken werden geschreven in de Tweede Wereldoorlog. De Vries laat zijn alter ego Wilt Tjaarda terugblikken op zijn jeugdjaren in een Fries plattelandsdorp. Heerlijke streekvertellingen zijn het, over een tijd die al vervlogen was toen De Vries ze schreef, met een ronduit vervoerende plastiek. Wilt herinnert zich in 'Het feest van het kind' dat hij met zijn moeder Wikje de lange wandeling maakte naar de boerderij waar zijn grootmoeder (van moederskant) heerste over de vier kinderen die het huis nooit hadden verlaten. De beklemming die de jonge Wilt overvalt als hij in zijn eentje de levensgrote, stille, kraakheldere voorkamer betreedt - het was ' te veel, te hol, te diep voor mijn klein leven' - , en het gevoel van verlatenheid als iedereen die avond de boerderij verlaat (met psalmboeken, pepermuntjes, witte zakdoeken en 'reukdoosjes voor de vrouwen') om naar de kerstpreek te gaan, terwijl Wilt in zijn bedstede de slaap niet kan vatten en koortsig wordt zodra de oppassende knecht Oege even uit zijn blikveld is verdwenen - het is dezelfde sfeer van genoeglijkheid en sluipende angst die de verfijnde romans van Erwin Mortier (1965) tot zo'n onvergetelijke leeservaring maken.

Wilt is een kind dat met ontzag opkijkt naar zijn gelijknamige grootvader; doopsgezind, radicaal en toegerust met doordringende blauwe ogen. De uitvaart van deze pake, beschreven in 'Sterven', is misschien wel het roerende hoogtepunt van het boek. Wilt herinnert zich een wandeling met oude Wilt, toen ze nabij Tynjehiem een eenzaam boerenkerkhof vonden, zonder kerk of klokkentorentje. Daar kwamen ze over de dood en God te spreken. Opa bezwoer zijn kleinzoon dat alle mensen doodgaan: 'God heeft dat zo ingesteld, en hij weet waarom. Hij zal het goed met ons maken.' Want het lichaam vergaat, maar de ziel gaat naar God terug. Wilt wil weten waarom, maar die vraag is niet aan opa besteed. Op een zonnige dag wordt pake uitgedragen, en Wilt smeekt God dan duizelend om grootvader nog één keer zijn ziel terug te geven. 'Ik moet hem nog zoveel vragen.' Vergeefs. Daar en toen werd Wilt onhoudbaar ouder. Wij treuren met hem mee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden