De Beerze wordt kromgetrokken

Nu is de Beerze nog een rechte goot met steile, saaie taluds, maar binnenkort kan de beek weer meanderen en zelf haar weg zoeken....

EEN BEEK moet kronkelen. Het water zet aan de ene kant zand en slib af en vreet aan de andere kant de oever op. In de steile oeverwanden graaft de ijsvogel zijn nest tussen overhangende boomwortels. Zijn eten zwemt in het water voor de deur.

De beek verlegt zich en voegt zich naar de grillen der natuur. Regelmatig stroomt het omliggende land onder, waar schrale en moerasachtige vegetaties ontstaan, verlande rietvelden met hier en daar wat plukken elzen- en wilgenbos.

Omdat stromend water niet snel bevriest, is het een ideale plek voor vogels in de winter. Behalve de ijsvogel is ook de oeverzwaluw kind aan huis in een beeklandschap, want die is dol op natte, vochtige graslanden.

Ja, zo moet een beek eruit zien. Maar veel beken zien er helemaal niet zo uit. Die zijn ooit rechtgetrokken ten gunste van de landbouw. Met enkele stuwen wordt het water onder controle gehouden, waardoor koeien en maïs geen natte voeten krijgen.

Zo ook de Beerze in Noord-Brabant, die ontspringt in België en stroomt van Hapert in de Kempen tot bij Boxtel, waar de beek zich splitst in de Kleine Aa (of het Dommeltje) en het Smalwater. 'Een rechte waterbak is het, aan weerskanten steile saaie taluds met niets anders dan gras', schampert Marga Martens vanaf de Viermannekesbrug bij Spoordonk, gemeente Oirschot.

De oorspronkelijk breedzwierige Beerze is in de jaren zestig gekanaliseerd. Maar die saaie waterbak is geen lang leven meer beschoren. In 1993 stelden Gedeputeerde Staten de grenzen van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) in Brabant vast, een reeks met elkaar verbonden natuurgebieden. De Beerze is onderdeel gemaakt van de EHS en moet weer ouderwets gaan kronkelen.

Marga Martens, werkzaam bij de Dienst Landelijk Gebied in Tilburg, is projectleider. Een strook van 90 hectare langs de Beerze wordt teruggegeven aan de natuur. Het gebied maakt onderdeel uit van het ruilverkavelingsproject Viermannekesbrug, dat in totaal 560 hectare beslaat.

Met passen en meten is het landbouwgebied opnieuw ingedeeld. Makkelijk ging het niet, maar uiteindelijk heeft de Dienst Landelijk Gebied alle benodigde natuurgrond 'op vrijwillige basis' verworven. Eén boer is vertrokken naar Amerika, een ander naar Flevoland en een derde heeft zijn boerderij verplaatst.

Vorig najaar werd een begin gemaakt met de uitvoering van het natuurproject. Tussen de Viermannekesbrug en de Logtse Baan zijn verschillende bochten (of meanders) gegraven. De grazige weiden en groene maïsakkers zijn in korte tijd herschapen in een hobbelig terrein vol geulen en bulten grond. Door de hevige regenval van het afgelopen halfjaar is het project flink vertraagd. Zware machines konden maandenlang het zompige terrein niet op. Eind dit jaar, zo is de verwachting, zal het project zijn voltooid.

Waar vorig jaar nog koeien graasden of maïs werd verbouwd, kronkelt dan de Beerze in al haar glorie. Met computerprogramma's is de toekomstige waterloop al volop gesimuleerd. De stroomsnelheid bij piek- en dalafvoer, het transport van zandkorreltjes over de bodem, de erosie aan de buitenbocht van de meander en de sedimentatie aan de binnenbocht, alles is al zoveel mogelijk berekend. 'Het is makkelijker om een beek recht te trekken dan om haar krom te laten lopen', verzekert Bert Stasse, secretaris van de landinrichtingscommissie.

De nieuwe beek krijgt vrij spel. Om de natuur een handje te helpen, wordt dertig centimeter van de bovenlaag van de omliggende gronden afgegraven. Hierdoor ontstaat een grote overstromingsvlakte, te vergelijken met de uiterwaarden langs de grote rivieren. Verwacht wordt dat het terrein zo'n honderd dagen per jaar onder water zal staan.

Zo keert het oorspronkelijke beeklandschap langzaam maar zeker terug, al kan de oude loop van de Beerze niet helemaal worden gevolgd vanwege landbouwbelangen. In de winter zal het gebied grotendeels een waterplas vormen, die allerlei vogels aantrekt. Ganzen worden verwacht voor de overwintering, maar misschien komen er incidenteel ook wel kraanvogels langs.

In de droge perioden zullen zaden gaan kiemen, die deels reeds decennialang in de ondergrond zitten of die door water en wind worden aangevoerd. Hoe de vegetatie zich gaat ontwikkelen, is nog een verrassing. Een snelle opslag van elzen en wilgen ligt voor de hand. Maar ook zegges en russen maken een kans. Misschien schieten zelfs planten als zonnedauw en klokjesgentiaan op. Grote grazers als runderen en paarden worden ingezet om enige orde te scheppen in de begroeiïg.

Om te voorkomen dat de aangrenzende landbouwgronden onder water lopen, komt er rondom het natuurgebied een kade. Ook de voortdurende verjonging van de beek door afkalving en slibafzetting wordt binnen de perken gehouden. Stromend water blijft weliswaar zoeken naar uitersten, maar de Beerze mag natuurlijk niet buiten de begrenzing van het natuurgebied komen.

In het aanpalende natuurgebied Smalbroeken, onderdeel van natuurreservaat Kampina, is te zien hoe snel een natuurlijke beek zich ontwikkelt. Hier begint de prachtig meanderende Beerze al akelig dicht tegen een akker aan te schuren. 'Daar zal die boer niet blij mee zijn', merkt projectleider Martens in alle nuchterheid op.

Natuur en cultuur zitten dicht op elkaar langs de Beerze. Een goede samenwerking is dan ook onontbeerlijk. De boeren in het ruilverkavelingsproject Viermannekesbrug tonen zich redelijk meegaand, vooral omdat de meesten er in hectaren op vooruit zijn gegaan. Maar scepsis overheerst bij de mensen die het land nodig hebben voor hun broodwinning.

De ouderen hebben nog meegemaakt dat het schrale heidegebied werd ontgonnen. Mede door de waterbeheersing in de gekanaliseerde Beerze is een arme boerenstreek omgetoverd in een relatief welvarend landbouwgebied. En nu worden het land en het water weer teruggegeven aan de natuur en keert het oude beeklandschap terug. Ook de boeren in Oirschot zijn overvallen door de nieuwe tijdgeest.

Volgens Stasse heeft het heel wat moeite gekost om 'de streek mee te krijgen'. Reeds in 1989 was met veel hangen en wurgen tot een ruilverkaveling besloten. Toen de Beerze vier jaar later onderdeel werd van de Ecologische Hoofdstructuur in Brabant moesten alle plannen weer worden aangepast. 'Het project aan de Viermannekesbrug is veranderd van een ouderwetse agrarische ruilverkaveling tot een van de modernste landinrichtingsprojecten in Nederland', aldus de secretaris van de landinrichtingscommissie.

Bij de oude watermolen in Spoordonk zal een vistrap de huidige stuw in de Beerze vervangen. Met achttien drempels - groepjes keien in het water - wordt over vijfhonderd meter een hoogteverschil van 2,30 meter overbrugd. Door de 'keienpassages' krijgt met name de kopvoorn, die in Brabant bijna is uitgestorven, betere levenskansen. De kopvoorn is namelijk geen vis die zoals zalm en forel door 'springen' beperkte hoogteverschillen kan overwinnen. De nieuwe cascade-stuw moet echter ook de migratie van andere vissen vergemakkelijken, zoals rivierprik, winde, sneep en aal.

Het natuurproject bij Oirschot is een schakel in een reeks van maatregelen om de Beerze zoveel mogelijk in oude luister te herstellen. Zo is er bij Hapert een moerasbos gepland en ligt er ook een plan klaar om de beek bij Middelbeers te laten meanderen. Ook in het noordelijker gelegen Smalwater wordt aan de Beerze gesleuteld. Daarmee keert weer een stukje natuurlijk beeklandschap terug in een provincie die vecht tegen de verstening.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.