De avonturier wil vlammen

Het wemelt bij bridge van anglicismen. Historisch diep ingewortelde begrippen blijken lastig te vertalen. Probeer maar eens een Nederlands equivalent voor safety-play te bedenken....

Kees Tammens

In een parentoernooi versla je het resultaat van een andere tafel op hetzelfde spel al met het kleinst mogelijke verschil van tien scorepunten. Een score van +110 levert ten opzichte van +100 de volle mep op: 2-0 in matchpoints. Of een verschil gigantische vormen aanneemt, maakt niet uit; voor +800 ten opzichte van +100 is de beloning identiek: 2-0.

Bij een wedstrijd van dertig tafels wordt het persoonlijk resultaat op een spel vergeleken met negenentwintig scores. Als je alle andere tafels verslaat verdien je 29x2=58 matchpoints: honderd procent, ook wel de zaaltop. De som van de matchpoints van alle door jou, en je partner, gespeelde spellen in een zitting bepaalt de eindstand.

Omdat elk verschil een plusscore oplevert is de jacht op een overslag of gedoubleerde downslag even belangrijk als het scoren van een groot getal. De parentijger schuwt geen risico, lanceert haarscherpe doubletten, stelt contracten in de waagschaal, balanceert op de rand van de afgrond.

De +110 ten opzichte van +100 is in een parenwedstrijd toereikend voor een positief resultaat; tijdens een viertallenpartij levert een dergelijk minimaal verschil helemaal niets op. De eerste international matchpoint(imp) scoor je bij een verschil van twintig scorepunten. Minachtend wordt die enkele imp steevast aangeduid als een pepernoot. Tweehonderd punten verschil is goed voor een winst van vijf imps, bij vijfhonderd punten begint het pas echt aan te tikken: plus elf. Afhankelijk van het aantal spellen in een wedstrijd wordt het verschil in imps omgezet in victory points (vips); van 15-15 tot maximaal 25-0.

De grote getallen tellen. Zo zuiver mogelijk de manches en slems uitbieden; op een zo veilig mogelijke manier een contract afspelen. De viertallenspeler in hart en nieren maakte traditioneel een beheerste indruk. Het gedateerde beeld van de betonbridger die nooit een slippertje maakte. Om substantiële swings te verdienen is het tegenwoordig beslist ook vereist actief valstrikken te zetten om de druk te verhogen.

De uitslagen van nationale en internationale kampioenschappen - van 15-30 augustus de wereldkampioenschappen paren en de Rosenblum Cup in Montreal - verschijnen in het uitslagenblok van de sportpagina. De parentoernooien in matchpoints geconverteerd in percentages en de viertallenwedstrijden in vips.

Een avontuurlijke geest kan in een parenwedstrijd vlammen. In diagram 1 schoot René Grüneberg, een Amsterdamse bridger op bezoek in de Scheveningse bridgeweek, recht in de roos.

Zie diagram 1

west noord oost zuid

-- -- -- 1*

pas 2* dbl tl4*

pas pas pas --

Zuid besloot ondernemend direct naar 4* te verhogen. Het was nu onduidelijk of dit een gemakkelijk contract was of één met veel haken en ogen. West kwam uit met *6 voor het aas van oost (zuid deblokkeerde *H) die harten doorspeelde in de hoop dat west van een doubleton was uitgekomen. West speelde in de tweede hartenslag *7 om de driekaart duidelijk te maken. De leider won de slag goedkoop met *9 in de dummy en speelde troef, oost *8 en zuid nam de winnende beslissing door *H te zetten. Schoppen, *7, door zodat *V en het aas over elkaar vielen. Oost speelde klaveren voor de secce aas van zuid die met de zorgvuldig bewaarde *2 naar *5 in de dummy overstak om op *V en *H twee ruiten uit zuid af te gooien. De leider verloor nog een ruitenslag maar had met +620 een volle top.

Hans Kreijns, die met Bob Slavenburg in 1966 de wereldtitel veroverde, is in de herfst van zijn loopbaan maar toonde in diagram 2 nog altijd te begrijpen waar het spel om draait.

Zie diagram 2

west noord oost zuid

-- 1* pas 3SA

pas pas pas --

De oud-wereldkampioen kwam in Scheveningen ook 's-middags tijdens de robberpartij in actie. Het bieden van 3SA is een kolfje naar zijn hand .

West kwam uit met een kleine harten, *6, *9 en *A in zuid. De leider stak over naar *V voor de verliezende schoppensnit. West kwam aan slag met *H en speelde harten na, *10 en *V in oost die met een derde hartenronde voor *H in noord de dertiende harten van west vrijspeelde. Aan slag in de dummy speelde de leider een kleine klaveren voor *H van oost die schoppen speelde voor *A in zuid. Uit zuid kwam nu een kleine klaveren, west *10 en Kreijns annonceerde een kleine klaveren in de dummy waardoor oost met *B aan slag kwam. De vrije harten van west was nu onbereikbaar en zuid claimde met drie ruiten slagen en twee in de drie overige kleuren zijn 3SA-contract.

En West? Die kon geschiedenis schrijven door in de tweede klaverenslag niet *10 maar *V te spelen wat, met een mogelijke *B in zuid, een opmerkelijk helderziende speelwijze was geweest.

In een viertallenwedstrijd mist niemand graag de manche. In diagram 3 boden noord-zuid een optimistische 3SA. De leider staafde dit optimisme niet met een winnend speelplan.

Zie diagram 3

west noord oost zuid

-- -- 1* 1*

1* 2* pas 2SA

pas 3SA pas pas

pas -- -- --

West kwam tegen 3SA uit met *H en bleef daarmee aan slag. Oost kon zich de haren uit het hoofd trekken. Door in de eerste slag *H met het aas over te nemen gevolgd door *V en *10 voor *B van zuid kan oost, met *A als zekere entree, het lot van 3SA bezegelen.

Ruiten of schoppen na geeft het contract cadeau en west vervolgde noodgedwongen harten, *H en het aas van oost die *A en *V meenam (uit noord een kleine ruiten weg en uit west twee kleine schoppen) en *10 naspeelde.

De leider telde acht slagen en kon voor de negende slag de snit op *H nemen. Zuid verwierp dit plan en won *10 met het aas. Daarna volgde *B waarop west een ruiten kon missen en de leider uit de dummy *B afgooide, een daad die hij later zou betreuren. Zuid moest hierna voor de negende slag *V bij west dan wel bij oost eruit snijden. Hij stak over naar *H, nam de vier hartenslagen mee waarop uit zuid alle ruiten verdwenen, west ontdeed zich van *H, en speelde schoppen uit de dummy zodat west met *V de downslag maakte.

Terug naar het moment dat zuid *B speelde. Uit de dummy gooit de leider niet *B af maar een kleine schoppen. Ook dan steekt de leider naar *H over om de vier hartenslagen te incasseren. In het eindspel van twee kaarten liggen er in de dummy *10 en *B en heeft zuid *AB. West moet *H vasthouden en kan niet anders dan *V sec zetten. Schoppen naar het aas, de schoppen zitten na dit biedverloop waarschijnlijk vijf-twee verdeeld, en *B is de negende slag.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden