De Amstel als achterdoek

Amsterdam ruikt naar een hond die net uit de gracht is gekropen...

Hier proef je ook iets waterigs, maar er zit meer stof in en iets dikkigs van olie.' Hier, dat is natuurlijk Rotterdam, de eeuwige tegenpool van Amsterdam. Beide steden vormen het decor in het beeldverhaal Retour, waarin een jongeman in een khaki regenjas heen weer treint tussen hoofdstad en havenstad.Witte Wartena, de tekenaar, laat de lezer in nuchter registrerende tekeningen meegenieten met alles wat de jongeman ziet: bomen, zebrapaden, bruggen, moderne en traditionele gebouwen. Infrastructuur. Maar de lezer moet meer doen dan plaatjes kijken. Hij moet ook luisteren. De uitspraak over de stad die ruikt naar natte hond of stoffig water is namelijk afkomstig van een Amsterdamse vrouw die in Rotterdam is gestorven: haar woorden begeleiden als voice over de treinreis van de jongeman, die de urn met haar as terugbrengt naar haar geboortestad. Zo zakelijk als de beelden van Witte Wartena zijn, zo melancholiek is de tekst die Hans Kloos erbij heeft geschreven.

De middenpagina's van het boekje zijn zwart en markeren zowel de dood van de vrouw als het keerpunt in de treinreis. Retour is oorspronkelijk een animatiefilm en in die film duurt het zwarte keerpunt vrij lang, wat schrijnend werkt. De lezer mag deze zwarte bladzijden daarom niet zomaar even omslaan.

Ook in Kidnap, het achttiende deel uit de albumreeks Franka van Henk Kuijpers, is Amsterdam nadrukkelijk als achterdoek aanwezig. We zien de Dam, de Damstraat, de Bijenkorf, tramlijn 9 en tramlijn 24, de Amstel en de Arena: alles klopt, want Kuijpers hecht eraan dat alle details de werkelijkheid nauwgezet volgen. Sterker nog, de manier waarop hij zich gedocumenteerd heeft voor de scs op en rond de Dam vormen een belangrijk onderdeel van het oeuvre-overzicht dat hij laat zien in het nieuwe Stripmuseum in Groningen.

Kidnap gaat hoe kan het anders over een ontvoering, maar de plot is ondergeschikt aan Franka en haar bevallige lichaam, aan Franka en haar snelle auto's, aan Franka en haar hondje Bars, aan Franka en haar spannende trip naar Florence. Zoals alle boeken van Kuijpers is ook dit album een papieren vakantiereis die de lezer, voorzover hij niet verdrinkt in de veelheid aan details, in rap tempo langs zonnige plekjes voert.

Elke strip is een beeldverhaal, maar niet elk beeldverhaal is een strip. Engelen en wij heeft als ondertitel 'geschilderd en geschreven' en is een beeldverhaal in de ruimste zin des woords. Er staan teksten (gedichten, een verhaal) in van Huub Oosterhuis en beelden (gouaches, litho's) van Wouter Stips. Het geheel ademt de onbezorgde experimenteerdrift van de Vijftigers en komt pas in het laatste deel in de buurt van het Modern Chistelijke, wanneer Oosterhuis 'het heilige Jeruzalem' ter sprake brengt en zijn project al evangeliserend om zeep helpt.

Maar tot die tijd is Engelen en wij een vrij opgevat essay over wat voor wezens engelen nou eigenlijk zijn. In het prozagedeelte, dat als intermezzo halverwege het boek zit, wordt duidelijk dat Oosterhuis zich zorgen maakt over de toestand in de wereld en hoopt dat God engelen stuurt om ons te helpen. Hij zal niet vermoed hebben dat een van die engelen de naam Mel Gibson draagt.

Hoogtepunt van het boek is het gedicht 'Jan z'n moeder', waarin zon en maan en sterren 'dubbel parkeren' om hun licht uit te storten over Maria. Er staat een tekening naast van hoe die onbevlekte ontvangenis eruit ziet: dat is nou een te katholieke icoon anno nu.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden