Column

De aanleunwoningen hebben straks niets om tegenaan te leunen

Waarom sluiting van verzorgingshuizen in Groningen zo hard aankomt

Jantje wijst haar oude huis aan.

Naast hun voordeur op de gang hingen ze hun lievelingsfoto's: een oude boerderij, een goede koe, de vrije hemel boven het Hogeland.

Verzorgingshuizen gaan overal dicht nu oude mensen langer thuis moeten wonen, maar in krimpgebied Groningen komt de klap extra hard aan. Van de dertien huizen die De Zonnehuisgroep Noord hier heeft, zijn er straks nog maar vijf over. Dit jaar sluiten ze in Bierum, Wagenborgen, Kloosterburen en Slochteren. Daarna volgen Noordbroek, Grijpskerk, Appingedam en Middelstum, een dorp van 2.600 inwoners. In Middelstum moet het Hippolytushoes dicht: 56 bewoners, nu al elf lege plaatsen.

Golden Hippies

Ik sprak hier af met vier oude Groningers. Jantje Tamminga (89) en Kees Wolthuis (96) wonen in het verzorgingshuis. Beiden zitten in een rolstoel, Kees is hardhorend. Nela Habing (87) en Nieske van der Zweep (85) hebben een aanleunwoning. Alle vier zingen in het koor 'de Golden Hippies'.

De aanleunwoningen blijven straks, maar zonder iets om nog tegenaan te leunen. Met de bewoners van het verzorgingshuis verdwijnt het samen eten en alle gezelligheid. Plus de halve samenhang van het dorp.

Nela (87), Kees (96), Nieske (85) en Jantje (89).

Getalsmatig is weinig tegen sluiting in te brengen: in sommige huizen halveerde het aantal bewoners al. Maar de wereld van de oudste Groningers is voor moderne mensen bijna onvoorstelbaar klein. Op deze schaal zet het alles op losse schroeven. Nela en Nieske bijvoorbeeld, zijn nog nooit in Amsterdam geweest. 'Vakanties werden ook pas later uitgevonden', verklaart Kees.

Deze mensen vullen straks misschien lege plaatsen in andere dorpen, wie weet niet eens zo ver. Maar hun kinderen, sommigen door de crisis al werkeloos, wonen nog in Middelstum. Hun verzorgers en vrijwilligers ook. En de bewoners willen standhouden, de dingen bij elkaar houden, zoals ze dat altijd al deden.

Een eind weg

Neem de aardbevingen. Vertel eens, vraag ik. 'Moet dat nou Nieske?', fluistert Jantje dan hard in Nieskes oor. Nou vooruit: bij de ergste beving stonden ze hier met alle bewoners in de hal te janken van angst. Nela's staartklok vloog van de muur. Elders klotste het water over de rand van het aquarium.

En ze hebben nooit gedacht: we vertrekken hier?

Nu kijken ze me allevier verbijsterd aan.

Nieske verbreekt een lange stilte: 'Wie gaat hier nou wég?'

Nela en Nieske lezen 's ochtends altijd samen de krant.

Zij weven oude dorpsnamen als gouddraad door hun verhalen: Bedum, Eenum, Leermens. Zeerijp, Rottum, Stitswerd. Kantens, Fraamklap, Stedum. Keer op keer vraag je dan waar zo'n dorpje ligt en dan zeggen zij: 'Een eind weg'. Dat het vervolgens toch weer om een handvol kilometers blijkt te gaan, doet daar niets aan af. Ik heb net tweehonderd kilometer gereden. 'Van Middelstum naar het centrum van Loppersum', zeg ik dus, 'dat is maar acht kilometer! Zelfde gemeente nota bene!''

Wat?

''ACHT KILOMETER! IS DÁT NOU VER?'

Ja da's een eind weg, zegt Kees stoïcijns. 'Want het is dus wel Lóppersum'.

Wereld van kleine eenheden

Kees was de dorpssmid van Tjamsweer - helemaal bij Appingedam. Vijftien kilometer van Middelstum. Jaaa, zeggen de dames. Tjamsweer. Tjamsweer is natuurlijk 'heel wat anders'.

De vrouwen kennen elkaar zowat hun hele leven. Jeugdorkest, koor, vrouwenvereniging, kerk. Nela moest op haar twaalfde van school, betrok een dienstje bij een verlamde mevrouw en heeft sindsdien altijd voor anderen gezorgd en schoongemaakt. Jantje was jaren hulp in huis bij haar schoonouders 'toen incontinentieluiers nog niet bestonden'. Eenvoudige mensen met harde levens die een onverwoestbaar humeur vereisten.

Zij hebben zichzelf altijd prima gered. En opeens behandelt de overheid je als lastpak. Ruim een jaar geleden liet de gemeente Loppersum Jantje plompverloren weten dat mevrouw thuis moest blijven wonen. Wat ze al deed, Jantje had ook nergens om gevraagd. Haar huisarts wond zich toen wél op. Die bezorgde haar een plaats in het Hippolytushoes.

Nu huilt Jantje. En Nieske zegt: 'Ik zag hier nog nooit iemand zó blij binnenkomen als Jantje.' Dan huilt Nieske ook. En Nela kijkt vervaarlijk. In Leermens, zegt ze, een eind weg, kwam vorige week een oude man thuis door brand om het leven: 'Zelfstandig wonen. Huh.'

Het dorp vindt de sluiting een ramp. Enkele notabelen werken aan serieuze plannen om het Hippolytushoes te verzelfstandigen. Wie weet.

Neem V&D, ál die groten die het loodje leggen, zegt Kees. Hier in Middelstum gaan weer kleine winkeltjes open, weten jullie dat in het westen wel?

Kees zegt: 'Let op: de wereld wordt weer een wereld van kleine eenheden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden