De 317 Apple-patenten van Steven P. Jobs

Van de glazen trappen in de Applewinkels tot de eerste personal computer - Steven P. Jobs, de gisteren overleden oprichter en het boegbeeld van elektronicagigant Apple, tekende voor 317 patenten.

Steve Jobs met een van de eerste iMacs. Beeld AP
Steve Jobs met een van de eerste iMacs.Beeld AP

De New York Times maakte een overzicht van alle uitvindingen waar Jobs zelf aan meewerkte, en waarvan zijn naam op de patenten staat. Een selectie.

De personal computer
Apple was een van de eerste bedrijven dat de personal computer introduceerde: een computer voor thuis op het bureau, die in essentie niet veel verschilt van wat we nog altijd gebruiken: de Apple II. De Apple I was een handgemaakt apparaat dat alleen verkocht werd aan liefhebbers. De eerste Apple II werd verkocht op 5 juni 1977.

De iMac
Jobs werd ontslagen bij Apple, maar keerde terug in 1997 om het bedrijf van de ondergang te redden. Belangrijkste wapenfeit bij terugkomst: de iMac. Een alles-in-één-computer: om het beeldscherm een kast waar alles in zit, dus geen aparte computer met een apart beeldscherm meer. En de iMac kwam, ook niet onbelangrijk, in de kekke kleuren waar later ook iPods in zouden worden uitgebracht. Het ontwerp voor de eerste iMac werd gepatenteerd op 6 mei 1998, de eerste computer verscheen in augustus van dat jaar. De thuiscomputer van Apple heet overigens nog steeds iMac.

De glazen trappen
De opening van de Applewinkel aan Fifth Avenue in New York was een gebeurtenis. Vanwege de grote glazen kubus op straatniveau het koele, witte design van binnen en de inmiddels tot reuzenproporties gegroeide gewildheid van Applecomputers en -gadgets. Illustratief voor de mate waarin Steve Jobs zich bemoeide met de gang van zaken binnen het bedrijf: de glazen trappen die in veel Applewinkels te zien zijn, zijn door Apple gepatenteerd. Op 8 juli 2003 werd het patent vastgelegd, met de naam van Jobs op de aanvraag.

iPod, iTunes en iPhone
Op zichzelf betekende de iPod al een revolutie in hoe muziek geconsumeerd werd, en niet eens vanwege het apparaat zelf. Natuurlijk, het werd een hit, een trend, iedereen wilde gezien worden met de witte oordopjes. Maar het was niet zo dat er technisch gezien geen vergelijkbare of betere apparaten bestonden.

Wat de iPod revolutionair maakte, was de manier waarop je er muziek op kon zetten: door het te kopen via iTunes. Met een paar muisklikken, voor een schappelijke prijs. In een tijd dat muziek gratis en illegaal gedownload werd.

Over de iPhone is het al genoeg gegaan. Kijk naar de gemiddelde smartphone anno 2011 (zwart omhulsel, groot touchscreen, apps) en bedenk dat het niet bestond, voordat er een iPhone was. De patenten voor wat de iPod zou werden op 22 oktober 2001 vastgelegd. Dat was een dag voordat het eerste exemplaar verscheen. De eerste iPhone zag, patentsgewijs gesproken, het licht in januari 2007.

Jobs met de Apple II... Beeld AP
Jobs met de Apple II...Beeld AP
...met de eerste iMacs. Beeld reuters
...met de eerste iMacs.Beeld reuters
De glazen trappen in de Applewinkel in Hong Kong. © AFP Beeld
De glazen trappen in de Applewinkel in Hong Kong. © AFP
Jobs op de iPhone 4... Beeld reuters
Jobs op de iPhone 4...Beeld reuters
...met de iPod Nano... © Reuters Beeld
...met de iPod Nano... © Reuters
...en pratend over iTunes. © Reuters Beeld
...en pratend over iTunes. © Reuters
Advertentie voor de iPod. © AFP Beeld
Advertentie voor de iPod. © AFP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden